DE AARDBEVINGEN VAN 1850 IN ZUID-KENNEMERLAND

Tags

, , , ,

DE DRIE LICHTE AARDBEVINGEN IN 1750 ROND DE HAARLEMMERMEER IN VOGELENZANG, ZANDVOORT, HILLEGOM, HAARLEM,  HEEMSTEDE EN BENNEBROEK – en historische aardschuddingen in Nederland , speciaal Noord-Holland in het algemeen

Aardbevingen/aardschokken zijn zeldzaam in Nederland. Tegenwoordig meest voorkomende in noord-oost Groningen (en Drenthe) als gevolg van de aardgaswinning. Sinds 1986 in dat gebied reeds enige honderden malen  In Zuid-Limburg hebben meermaals verzakkingen plaatsgevonden ten gevolge van de vroegere steenkolenmijnbouw. Bekend is in dit verband de tijdelijke sluiting van winkelcentrum ’t Loon in Heerlen na december 2011 vanwege vastgestelde verzakkingen.

De tot op heden zwaarste aardbeving in ons land had plaats op 13 april 1992 in en om Roermond met een sterkte van 5.8  op de schaal van Richter, gevolgd door een aardbeving in het Brabantse Uden op 29 november 1932 met een kracht van 5.0.

De ernstig beschadigde Sint Sebastaan kerk in Herkenbosch na de aardbeving bij Roermond in 1992

Alkmaar (en naaste omgeving: Bergen aan Zee, Heiloo en Noord-Scharwoude) komt op de lijst voor op de 20ste plaats naar aanleiding van een aardbeving op 9 september 2001 met een magnitude van 3.5 op de schaal van Richter (*).  Voorts op nummer 32: 21-9-194: sterkte  3.2. [zie bijlage 4]. Dat is zelfs al overigens al hoger dan de aardbevingen in de provincie Groningen, zoals 2012 in Huizinge/Loppersum 3.6 en Middelstum/Loppersun (2006: 3.5). 

Ter vergelijking:  bij de catastrofale ramp van San Francisco in 1906, welke stad op een breuklijn ligt, bedroeg het dodental ongeveer 3.000 mensen, en moet de kracht volgens algemeen geaccepteerde schattingen tussen 7,8 en 8,25 conform de in 1935 aanvaarde meetschaal van Richter zijn geweest. De aardbeving  voor de kust van Portugal die de stad Lissabon grotendeels venietigde op 1 november 1755 moet volgens de geleerden een magnitude hebben gehad van 8,5. Als gevolg van de langperiodische golfbewegingen traden in een groot deel van Europa verschijnselen op als bewegingen van grote wateroppervlaktes en slingering van bomen, opgehangen voorwerpen en kerktorens (‘Aardbevingen’  KNMI)

Beeld van de stad San Francisco na de aardbeving van 18 april 1906. Vrijwel de hele stad werd zwaar beschadigd. Na de beving traden branden op. O.a. archief en bibliotheek van de California Academy of Sciences gingen grotendeels verloren. Sindsdien wordt wel staardbevingsbestendiger gebouwd. Liggend op de San Andreasbreuk kunnen seismologen niet voorspellen wanneer zich een nieuwe desastreuse aardbeving zal voordoen. Dat kan over een maand zijn, maar evengoed pas over twee eeuwen.


In Japan komen vrij vaak aardbevingen voor. Bij de grote zeebeving van 17 oktober 1989 is o.a. de stad Sendai zwaar getroffen met duizenden slachtoffers. Bovenstaand een foto van de toenmalige ravage in de centrale mediatheek van Sendai

(*) De schaal van Richter is in 1935 ontwikkeld, en sindsdien in gebruik, om de kracht van een aardbeving te meten. Vernoemd naar de Amerikaanse uitvinder Charles Richter (1900-1985)

T. Houttuyn vervaardigde een ets van uit een  ongewoone waterbeweging in het Haarlemmermeer, 1 november 1755, waarbij enkele zeilschepen vergingen.  Een direct gevolg van de grote aardbeving bij Lissabon

 

Kaart van de Oude Haarlemmermeer en Leidsemeer op een kaart door A.J.Enschedé naar een tekening van Symen Fransz. van der Merwen uit 1578(NA)


18e eeuwse tekening door Cornelis van Noorde (1767) van zeilschepen op een woelig Haarlemmermeer met links in de verte de torens van het kasteel van Heemstede. Bijnaam van de Haarlemmermeer was ‘de wrede waterwolf’, o.a. voorkomend in een vers van Joost van den Vondel

Van 1848 tot 1852 is met behulp van drie stoomgemalen (1) gewerkt aan de droogmaking van het Haarlemmermeer. Op 1 juli 1852 viel de Meer droog en sindsdien is sprake van de gemeente Haarlemmermeer. Anno 2020 bestaande uit circa 155.000 inwoners, woonachtig in 31 kernen  met het raadhuis in Hoofddorp.

Oude litho van het Cruquius stoomgemaal aan de Ringvaart

  • Cruquius nabij Heemstede, de Lynden, bij het gelijknamige dorp en Leeghwater, bij Buitenkaag. [Het nog werkende stoomgemaal Halfweg dateert uit 1852 en is vandaag de dag tevens museum].

Opmerkelijk is dat zich in het jaar van de droogmaking droogmaking op minstens drie data, namelijk 24 mei, 9 september en 23 december 1850 in Vogelenzang en omgeving, zoals in Haarlem, Heemstede, Bennebroek en Hillegom, enkele aardschuddingen zijn geregistreerd,  Persoonlijke ongelukken zijn niet bekend, de schokken hadden wel materiële schade tot gevolg, zoals ingestorte schoorstenen. In de plaatselijke en landelijke pers is van de bevingen melding gemaakt.

(O.H.C. 10 september 1850)

 

Berichtgeving over de aardbeving rond Haarlem op 9 september in de Sheboygan Nieuwsbode (een krant die in Wisconsin, USA, verscheen voor Nederlandse emigranten)

 

Leydse Courant van 17 december 1850

De natuurwetenschappelijke bladen lieten het afweten, maar in  het historisch-genealogisch tijdschrift ‘De Navorscher’ is na een oproep door Frederik Muller door de medewerkers A.J.L.Lempe (*) , van beroep onderwijzer, en Ganske over dit fenomeen geschreven.  Nieuwe aardschuddingen nebben zich na de drooglegging voor zover bekend nadien niet meer voorgedaan.

Aardschokken is wat anders als verzakkingen [die wèl voorkwamen vooral op veengrond en meer recent o.a. in de Spaarnestad als gevolg van paalrot].  Overigens van gering belang zijn volgens de Rijks Geologische Dienst in Zuid-Kennemerland, afgezien van 1850, lichte aardbevingen in Haarlem en Heemstede vastgesteld in 1833 en een halve eeuw later in 1883. Over deze laatste aardschudding schreef Wouter Slob in Nieuwsbrief 42 van november 1984 het volgende: ‘(…) Iets zeldzaams kwam voor in de morgen van 17 maart 1883. Er werd toen in de Haarlemmermeer, maar ook te Aalsmeer en te Heemstede “een dof geruis gehoord, waar op onmiddellijk ene schudding volgde en wel van dien aard dat allen, die nog in de zoete slaap lagen, ontwaakten en reeds op de been zijnde personen zich met moeite konden staande houden’ , aldus een verslag van Mr. Amersfoordt in bovengenoemd Weekblad. Wat dit laatste betreft is het hoogst merkwaardig dat er over deze aardbeving zo weinig overgeleverd is, temeer daar aardbevingen hier heel weinig voorkomen. Mocht men denken, dat het een onbeduidende betrof dat zij er op gewezen dat Mr. Amersfoordt, die zelf die nacht in Amsterdam verbleef, vertelde dáár de schok wel te hebben gevoeld, maar lang niet zo erg als zijn vrouw op “De Badhoeve” nabij Sloten. Hij vermeldde nog meer bijzonderheden waaruit blijkt dat men werkelijk met een flinke beving te doen moet hebben gehad. Een boerderij in de omgeving van Aalsmeer was zo ontzet dat ze geheel nieuw moest worden opgetrokken.’  

Bericht over aardschokken op 17 maart 1883. Volgens prof.dr.E.H.von Baumhauer in Nieuws van de Dag van 2 april van 2 april 1883 is echter vermoedelijk geen sprake is geweest van een aardbeving maar van een ingeslagen meteoriet.  ZIE meer gegevens van zijn openbare voordracht bij de Koninklijke Academie van Wetenschappen te Amsterdam, in BIJLAGE 4

=====

Oproep december 1850 om informatie achtergronden van de aardbevingen in 1850

Oproep van Frederik Muller, uitgever van ‘De Navorscher’, die december 1850 in enkele dagbladen verscheen

Twee personen hebben uiteindelijk in 1851 en 1852 gereageerd, te weten A.J.L. Lempe (*) en ten slotte ene Ganske

Het bericht over de aardbevingen in Vogelenzang en omgeving van A.Lempe in de Navorscher van 1851

(*) A.J.L.Lempe was onderwijzer in Leiden en is per 8 oktober 1852 als leerkracht benoemd aan de openbare school van Bennebroek als opvolger van Hendrik Jan  Wolbers. Hij publiceerde ook artikelen in het Tijdschrift voor aankomende onderwijzers en schreef een boekje over het nut van de rekenmachine voor kinderen. (1839).

Afbeelding van de houten traliespoorbrug over de Leidsevaart in Vogelenzang uit 1842, gebouwd door de Hollandsche IJzeren Spoorweg Maatschappij (HIJSM), die licht beschadigd raakte. De brug is in 1858  vervangen door een ijzeren brug

Een auteur, genaamd Ganske, reageerde in de Navorscher van 1853 als volgt omtrent de Aardbeving in Vogelenzang en omstreken:Ofschoon ik niet in staat ben de vraag van de heer Lempe zzelf op te lossen, meen ik hem echter bij  zijn gewigtig onderzoek te mogen verwijzen op twee gissingen, welke mij der aandacht alleszins waardig voorkomen. Ik vind namelijk, vooreerst in den herdruk van NIEUWENHUIS “Woordenboek van Kunsten en Wetenschappen’, te ‘s-Gravenhage, bij K.Fuhri, 1851, onder ’t hoofd “Aardbevingen in Nederland,”, voor den vrager het volgende vermeld: 

Over de aardbeving in de Vogelenzang en omstreken en mogelijke oorzaken, door Ganske in de Navorscher, 1852

Annex: de grote aardbevingen van 1692, 1755 en 1756

Op 18 september 1692 heeft bij Verviers een aardbeving plaatsgevonden.  De sterkste die ooit in België is waargenomen en één van de grootst bekende aardbevingen in West-Europa met volgens een schatting 6,3 op de schaal van Richter. Deze leidde tot trillingen in geheel België en in delen van Frankrijk, het Duitse Rijnland en Nederland is schade veroorzaakt (zie bijlage 1).

Op 1 november 1755 (Allerheilendag), rond 10 uur  had nabij Lissabon een grote zee-en aardbeving plaats,  aangeduid met Grote Aardbeving Lissabon (GAL). Op die dag zijn in heel Nederland ‘waterschuddingen’ waargenomen. Zie de gravure van Houttuyn van de Haarlemmermeer. Kerkgangers in  Amsterdam voelden de vloer bewegen en kroonluchters slingerden heen en weer. In het dok van Vlissingen botsten oorlogsschepen tegen elkaar. Het  ‘Nederlandsche Jaarboek’, deel IX (1755), berichtte: ‘…het zonderling geval eener vreemde en geweldige Beroeringe en Bruischinge in de Rivieren, Meeren, Grachten, Kanalen, Vyvers en Slooten den 1 dezer Slagtmaend, tot verbazing van de meesten die het zagen, ondervonden en byna overal op hetselfde oogeblik, des voormiddgs tusschen half elf en elf uuren, waergenomen’.  

In de Oprechte Haerlemsche Courant hebben diverse berichten over de ramp in Lissabon gestaan. Bovenstaand een brief van een persoon die de aardbeving ter plaatse meemaakte, gepubliceerd in de krant van 21-12-1755 (delpher)


Gravure van een ‘waterschudding’ op de Noordzee bij Scheveningen in 1755 [achteraf vervaardigd, 15 november moet zijn 1 november].


Gravure van Ferd. Pückler, gewijd aan de tsunami/aardbeving in Portugal op 1 november 1755

 

A.Ferwerda publiceerde een boekje in 1755 naar aanleiding van de aard- en waterschuddingen in Lissabon en de gevolgen voor Nederland en in het bijzonder Friesland, dat in korte tijd drie drukken beleefde (Leeuwarder Courant, 29-11-1755). Voorts publiceerde Mennoniet Jan Beets ‘ter gelegentheid van de aardbeving en waterschudding’ in 1756 een leerdicht

Lees verder