ACHT GLASGRAVURES VAN HEEMSTEEDSE BUITENPLAATSEN

Mevrouw Mirjam Buys meldde de historische vereninging Heemstede Bennebroek dat in het AVRO-televisieprogramma Kunstuur van 21 november 2009 aandacht werd besteed aan een bijzondere glazen bokaal met afbeelding van Meer en Berg, aangekocht door het Haags Gemeentemuseum. Dat is aanleiding om aan deze en enkele andere glasgravures met voorstellingen van Heemsteedse buitenplaatsen beknopt aandacht te besteden.

Glas Bakker en Van Loon, Leyduin

Glas met familiewapens van Backer en Van Loon, Leyduin

Lange historie

De kunst van het glasmaken is al ruim 3.000 jaar oud en ontstond in het Nabije Oosten. De Romeinen brachten de kunst naar Europa waar deze in de zesde eeuw praktisch verloren ging. In de 13e eeuw kwam het glasblazen in Venetië tot bloei, later gevolgd door Bohemen. Door middel van slijpen, drillen, graveren, stippen of etsen zijn decoraties op glaswerk aangebracht. De techniek van met het rad geslepen glas was al bij de oude Egyptenaren bekend en door de Romeinen toegepast. Daarbij wordt het glas tegen een snel ronddraaiende stenen of metalen schijf gedrukt, waarop een met zand of diamantpoeder vermengd waterstraaltje vloeit. Bij een gegraveerd glas worden verschillende technieken onderscheiden.

1) De al genoemde radgravure.

2) De diamant- of lijngravure door met een diamantje (gemonteerd op een stift) over het glasoppervlak te bewegen. Van oorsprong een Venetiaanse uitvinding die zich in de loop van de zestiende eeuw als een belangrijk exportartikel over Europa verspreidde. Kunstzinnige vrouwen als Anna Roemers Visscher, Maria Tesselschade en Anna Maria van Schuurman beoefenden deze techniek in ons land.

3) de in ons land ontwikkelde stiptechniek ofwel stippelgravure kwam in de 18e eeuw tot hoogtepunten. De gestipte glasdecoraties zijn samengesteld uit fijne putjes, welke met een diamantstiftje zijn aangebracht;

4) De techniek van het zogeheten geëtste glas komt pas voor vanaf de 19e eeuw. Het werkstuk werd met een waslaagje overtrokken, waarna, vergelijkbaar met een koperen etsplaat, met een etsnaald figuren werden in getekend.

Uit de 17e eeuw zijn overgeleverde glasgravures betrekkelijk zeldzaam, maar veel is bewaard gebleven uit de daarop volgende eeuw. Grotere collecties gegraveerde dringglazen en bokalen bevinden zich o.a. het Rijksmuseum, het Amsterdams Historisch Museum en Museum Willet-Holthuysen, het Gemeentemuseum in ’s-Gravenhage en het Historisch Museum te Arnhem (welke laatste verzameling als bruikleen van De Vos van Steenwijk nu is verkocht). Genoemde glasverzamelingen zijn tevens in afzonderlijke geïllustreerde catalogus-boekwerken samengevat.

Jacob Sang

Een zeer getalenteerd glasgraveur was (Simon) Jacob Sang (ca. 1720-1786). Afkomstig uit het Duitse Erfurt in Saksen vestigde hij zich in midden van de 18e eeuw te Amsterdam en overleed hij in Nigtevecht. Van zijn hand zijn meer dan 90 gesigneerde glazen bekend, daterend van 1752 tot 1783. Van hem zijn o.a. 13 glazen met Nederlandse familiewapens geregistreerd. Evenals bij zilverwerk werd glaswerk met gegraveerde teksten en voorstellingen soms vervaardigd bij gelegenheid van een bijzondere gebeurtenis, bijvoorbeeld een huwelijk.  De meeste glazen zijn echter voor algemene dronken vervaardigd. Bijvoorbeeld: het lands welvaren, de goede vriendschap, het groeien en bloeien van ossen koeien etcetera. Gelegenheidsglazen zijn zowel bij publieke en politieke manifestatie gemaakt als in de private familiesfeer.

Wijnglas, gegraveerd door J.Sang, 1759: ‘Gezelschap aan tafel’, uit legaat van A.J.Enschedé nagelaten aan het Rijksmuseum Amsterdam

Met medewerking van mevrouw Anna Laméris van Frides Laméris, een kunst- en antiekhandel in Amsterdam, gespecialiseerd in aardewerk, porselein en glas, konden tot op vandaag vijf gegraveerde glazen worden getraceerd die betrekking hebben op vroegere hofsteden in Heemstede

MEER EN BERG

Details glasbokaal Meer en Berg. Links het toegangshek met op de achtergrond het Haarlemmermeer, rechts de door Daniël Marot ontworpen tuin

De bokaal met deksel met afbeeldingen van de buitenplaats Meer en Berg wordt toegeschreven aan Simon Jacob Sang en is in Amsterdam gesneden tussen 1765-1770. Deze hofstede was van 1749 tot 1791 inbezit van Aernout van Lennep, doopsgezind koopman uit Amsterdam, die de buitenplaats erfde van zijn moeder Petronella de Neufville (1688-1749). Op de kelk zijn twee voorstellingen gegraveerd van de hofstede waartussen twee allegorische vrouwenfiguren: Vriendschap [met de tekst ‘In signum Amicitia’] en Dankbaarheid [met tekst ‘Et Gratitudinis’]. De gravures laten fraaie details zien van de omstreeks 1730 door Daniël Marot ontworpen tuin met beeldengroepen van Jan van Logteren. Te zien is ook het nog bestaande monumentale toegangshek tussen de twee bouwhuizen aan de Glipper dreef (waarvan enkel Meerzicht nog resteert). De prachtige bokaal bleef in handen van de familie. Toen jonkheer Hendrik Jan Deutz van Lennep (1866-1934) door verkeerde beleggingen in financiële moeilijkheden raakte is het met o.a. een aantal tuinbeelden van Van Logteren aangekocht door kunsthandel Jacques Goudstikker. Op de veiling van de glascollectie van Goudstikker in november 1950 verwierf Jaap Polak Sr. Uit Amsterdam. De bokaal is in 2008 aangekocht door het Gemeentemuseum Den Haag.Een ander glas in radgravure uit het tweede kwart van de 18e eeuw, in bezit van het Amsterdams Historisch Museum en met de tekst “’t groeien en bloeijen van Meer en Berg” heeft betrekking op de hofstede Meer en Berg nabij Bloemendaal, eerder bekend onder de naam Cloeckendael.

Voor- en achterijde bokaal met in glas gegraveerde gezichten op het park van Meer en Berg, Heemstede

Voor- en achterzijde bokaal met in glas gegraveerde gezichten op het park van Meer en Berg, Heemstede

P.M.Fischer schreef in zijn boek over  ‘Ignatius en Jan van Logteren’  (herdr.2005) :‘Onlangs werd in de kunsthandel een gegraveerde dekselbokaal aangeboden waarop de naam Meer-en-Berg voorkomt op twee in rocococartouches gegraveerde tuingezichten. Tussen beide in zijn twee in klassieke gewaden gehulde vrouwfiguren op lage sokkels in het glas aangebracht. Op een sokkel staat de tekst “IN SIGNUM AMICITIAE” en op de andere “ET GRATITUDINIS”. Op een van de tuingezichten prijkt in het midden een Neptunus met vormen, die kenmerkend zijn voor de werken van de Van Logterens: het typte van de kroon, de houding en het opwaaiende gewaad. Het beeld zal ongetwijfeld op Meer-en-Berg aanwezig zijn geweest en door òf vader òf zoon Van Logteren zijn gemaakt. De allegorische vrouw, die de dankbaarheid (gratitudo)  weergeeft, heeft naast zich als attribuut een ooievaar, volgens Ripa embleem onder meer van de dankbaarheid, vooral in familieverband. In september 1752 kocht David de Neufville van Lennep (1724-’71) Groenendaal, dat grensde aan Meer-en-Berg van zijn broer Aernout. Mogelijk heeft David de bokaal als een soort afscheidsgeschenk voor zijn broer laten graveren.’

(MEERENBERG BIJ BLOEMENDAAL)

glas

Glasgravure met afbeelding van Meerenberg in Bloemendaal ’t Groeyen en bloeyen van Meerenberg’. Anoniem, circa 1727-1749 (Amsterdam Museum)

BOSCH EN HOVEN

Gravure door Hendrik de Leth (circa 1730) van de lustplaats Bosch en Hoven, in eigendom van Jacob Alewijn Ghijzen

In een schrijven van 22 november 1986 stuurde kunsthandelaar en antiquair Frides Laméris een foto met gegevens over een glasgravure uit circa 1740 van de hofstede Bosch en Hoven aan burgemeester jhr. Mr.O.R.van den Bosch. Het glas, gegraveerd in radgravure techniek, is intussen verkocht aan een particulier. Het bevat de voorstelling van het Huis Bosch en Hoven te Heemstede, dat werd gebouwd in opdracht van Benjamin Dutry, heer van Haeften en bewindhebber van de Oost-Indische Compagnie. Op 16 mei 1726 is de toen nog naamloze buitenplaats door diens zoon mr. Jan Dutry voor ƒ 15.000,-  verkocht aan Jacob Alewijn Ghijsen die wel de opdracht voor dit gelegenheidsglas moet hebben verstrekt. Het is rondom gegraveerd. De tuin met bomen en hek evenals schapen maken deel uit van de gravering aan de achterzijde. Aan de voorzijde behalve het hoofdhuis zelf ook twee rijtuigen en een menselijke gestalte die in de deur staat.

Glas uit circa 1740 met gravure van Bosch en Hoven (foto Frides Laméris, Amsterdam)

BOSBEEK

Gelegenheidsglas: ’t groeie en bloeje van Boschbeek (foto Kunst- en Antiekhandel Frides Laméris)

Uit met midden van de 18e eeuw dateert een ongesigneerd glas met radgravure waarbij de dronk luidt: “’t groeie en bloeje van Boschbeek.” Een wijnglas met grote kelk; zeszijdige Silezische stam met ruiten op de schouders. Voor het herenhuis zit een man op een stoel naast een tafel een Goudse pijp te roken en wijn te drinken. Dat is vrij zeker eigenaar Gerard Aarnout Hasselaer (1698-1766), een aantal jaren burgemeester van Amsterdam, die vanaf 1736 tot zijn overlijden deze Heemsteedse buitenplaats in bezit had en vooral het interieur verfraaide.

Portretgravure mr. G.A.Hasselaer, burgemeester van Amsterdam en eigenaar van Bosbeek. Geëtst door J.Houbraken

Rechts van het huis een weiland met een paard, een geit en een koe, vermoedelijk Overthoorn tussen Bosbeek en het Meer verbeeldende. Op de achtergrond het Haarlemmermeer met daarop drie zeilschepen, in de verte een toren (van het Slot?) en ton ofwel vuurbaak die op de grens van het Spaarne en het Haarlemmermeer lag. Het glas wordt te koop aangeboden door antiekhandel Frides Laméris in de Nieuwe Spiegelstraat 55 te Amsterdam.

LEYDUIN

Een met geslachtswapens gegraveerd wijnglas uit 1752 heeft betrekking op Leyduin. Het bevindt zich in de verzamelingen van het Rijksmuseum [zie: P.C.Ritsema van Eck, Glass in the Rijksmuseum. Volume II. Amsterdam, 1995,blz. 207]. In 1748 trouwde Jan Janszoon van Loon (1725-1792) met  Maria Backer (1724-1797). Vier jaar later schonk zijn vader het echtpaar het buitenhuis Leyduin onder Heemstede. Een inscriptie aan de bovenzijde van het glas verwijst hiernaar. Aan beide zijden van een bloeiende boom zijn de familiewapens van de Amsterdamse patriciërsfamilies Van Loon en Backer gegraveerd. De vergelijking is typerend met een glas ter ere van stadhouder prins Willem IV en zijn vrouw Anne van Hannover dat zich in het Victoria & Albert Museum te Londen bevindt. Om die reden wordt het ongesigneerde Leyduin-wijnglas toegeschreven aan Simon Jacob Sang.

Glas Leyduin met familiewapens van Van Loon en Backer, 1752 (Rijksmuseum Amsterdam)

Vier opeenvolgende generaties Van Loon. Tegen de wand een portret van de al overleden Jan van Loon. Jan van Loon en zijn vrouw Maria Backer zijn zittend links afgebeeld. Staand naast de tafel diens oudste zoon Jan van Loon jr. Spelend helemaal vooraan de eerst geboren zoon van Jan van Loon jr.. Zittend aan tafel de twee oudste dochters van Jan van Loon sr. Bij het raam staat de echtgenote van Jan van Loon jr., Adriaan de Lelie. Schilderij uit 1786 in Museum Van Loon, Amsterdam

Vier opeenvolgende generaties Van Loon. Tegen de wand een portret van de al overleden Jan van Loon. Jan van Loon en zijn vrouw Maria Backer zijn zittend links afgebeeld. Staand naast de tafel diens oudste zoon Jan van Loon jr. Spelend helemaal vooraan de eerst geboren zoon van Jan van Loon jr.. Zittend aan tafel de twee oudste dochters van Jan van Loon sr. Bij het raam staat de echtgenote van Jan van Loon jr., Adriaan de Lelie. Schilderij uit 1786 in Museum Van Loon, Amsterdam

Het marinemuseum in Den Helder bezit een gelegenheidsglas gewijd aan het VOC-schip Leyduin uit circa 1730.

Het marinemuseum in Den Helder bezit een gelegenheidsglas gewijd aan de tewaterlating vanhet VOC-schip Leyduin, genoemd naar de gelijknamige buitenplaats, en van 1730 tot 1744 in de vaart.

HUIS TE MANPAD

Een gelegenheidsbokaal om te drinken op het Huis te Manpad. Op de kelk staat een inscriptie met wens: “Het welvaren van het Huys te Manpad”. Het glas heeft een grote trechtervormige, aan de onderzijde afgeronde kelk. De stam is tweedeling: twee knopen met parallelle luchtslingers boven twee knopen met daarin een grote luchtvoet. Het glas heeft een conische voet. De gravure staat direct langs de rand van de kelk. Langs de rand van de kelk een radgravure van band met daarin telkens drie gepolijste stipjes alternerend met ringen waaraan lauwertakjes hangen. Deze lauwertakjes alterneren met twaalf vruchtenguirlandes. Niet gesigneerd wordt de gravure op de bokaal, gedateerd tussen 1770 en 1783, aan de Amsterdammer Simon Jacob Sang toegeschreven. De opdrachtgever was vermoedelijk Cornelis van Lennep, die in 1773 huwde met Cornelia Henrietta van de Poll. Het glas bevindt zich niet meer in het Huis te Manpad, maar in een particuliere verzameling.

MIDDELLAAN

De hofstede Middellaan in Heemstede lag ten zuiden van de buitenplaats Zuiderhout en ten noorden van het Blauwbruggetje (sinds 1927 de nieuwe grens Heemstede/Haarlem). Wijnglas: loodglas met Nederlandse gravering. Circa 1770-1780 toen koopman Jan Nicolaas van Eys uit Amsterda eigenaar was. Op de ene kant van de kelk een radgravure in cartouche van een buitenplaats met een bankje ervoor. Op de andere zijde de naam Middellaan in een lint

Het glas Middellaan op de expositie in Leerdam

BOSCH EN VAART

Het in het Nationaal Glasmuseum in Leerdam tentoongestelde glas van Bosch en Vaart

Tentoonstellingsbord Toast op de buitenplaats Nationaal Glasmuseum Leerdam

WESTERMEER

Wijnglas met versierd deksel. Met opschrift 't Groeyen en Bloeyen van Westermeer en gravure van koepel. Circa 1725-1750 Rijksmuseum Amsterdam, 1796, legaat van A.J.Enschedé, Haarlem

Wijnglas met versierd deksel. Met opschrift ’t Groeyen en Bloeyen van Westermeer en gravure van koepel. Circa 1725-1750 Rijksmuseum Amsterdam, 1796, legaat van A.J.Enschedé, Haarlem

Ten slotte

In een schrijven van 18 november 1987 informeerde het Amsterdamsch Juweliersbedrijf v/h Roelof Citroen de gemeente Heemstede op een bokaal van het gezelschap Concordia. In 1769 vervaardigd door Valentijn Casper Bömcke, maar toegevoegd werd dat deze mogelijk werd geleverd door de firma De Weduwe Jacques Peirolet & Zoon of Gebroeders Perolet, gevestigd aan de Herengracht, hoek Reguliersgracht aldaar. Het gezelschap Concordia is op 11 december 1758 opgericht. Op dit glas zijn de namen en wapens gegraveerd van 10 personen uit Haarlem (met in enkele gevallen relaties met Heemstede/Berkenrode). Te weten: mr. Hendrik Samuel  van Wickevoort Crommelin, mr. A.Heshuysen, mr. Herman Gerlings, mr. Jacob Crommelin, P.S.van Wickevoort Crommelin, J.F.G. Baron von Freisheim, mr. F. van Limborch van der Craght, C.A.Testart, W.H.J.Witte Tullingh en W.C.Clotterbrooke jr.

In Haarlem beschikken zowel de sociëteit Trou Moet Blijcken als het Frans Hals Museum over een collectie gegraveerde gelegenheidsglazen. Onderzocht moet nog worden of zich hier wellicht in depot glazen bevinden die mogelijk een relatie hebben met Heemsteedse taferelen. Een excellent glasgraveur uit de negentiende eeuw was de Amsterdammer Daniël Henriques de Castro (1806-1863), die zich toelegde op het graveren van Hebreeuwse inscripties. Van hem zijn veel werkstukken aanwezig in het Joods Historisch Museum. In het Amsterdams Historisch Museum (AHM) bevindt zich een kelkglas in radgravure en etstechniek met monogram AS uit 1861. Het glas verbeeldt bloemen en bomen met vogels en in het medaillon een werkplaats van een lithografeerinrichting. Boven een krans met opschrift: J.H. Morriën. (die tekenaar en graveur was). Het werd in januari 1923 door mevrouw Van Rhoon-Morriën uit Heemstede aan het AHM geschonken.

De bekende graveur en letterontwerper S.L. (Sem) Hartz (1912-1995), die bij de firma Joh. Enschedé & Zonen werkzaam was, heeft als liefhebberij verscheidene glasgravures in kalligrafische letters uitgevoerd.

Op commerciële basis zijn de laatste decennia door Kunstatelier Decor Art in Breda diverse lokale taferelen, o.a. buitenplaatsen op glas aangebracht, doch deze blijven hier buiten beschouwing.

In het raadhuis van Heemstede zijn in een vitrine een aantal glazen met tekstgravures uitgestald, die in de loop van de tijd als geschenk zijn aangeboden door bestuurders van jumelagegemeente Royal Leamington Spa.

Hans Krol

Kelkglas omstreeks 1750 vervaardigd in opdracht van het schippersgilde om te drinken op 'Het Welvaren van de Trekvaart' (Frans Hals Museum)

Kelkglas omstreeks 1750 vervaardigd in opdracht van het schippersgilde om te drinken op ‘Het Welvaren van de Trekvaart’ (Frans Hals Museum)

BIJLAGE: twee gedecoreerde wijnglazen uit 1765 en 1769 met de initialen van C.de Koning Tilly. Artikel van J.R.ter Molen in: Antiek, jaargang nummer 8, maart 1982, p.461-470

Glas met op de kelk in radgravure het poortje van het Hofje van Bakenes te Haarlem, 1769. Museum Boymans-van Beuningen, Rotterdam. (foto D.Wolters, Overzande)

Glas met op de kelk in radgravure het poortje van het Hofje van Bakenes te Haarlem, 1769. Museum Boymans-van Beuningen, Rotterdam. (foto D.Wolters, Overzande)

Detail van het glas op bovenstaande foto. Afbeelding van de regentenkamer van het Hofje van Bakenes, 1769. Museum Boymans-van Beuningen, Rotterdam (foto D.Wolters, Overzande)

Detail van het glas op bovenstaande foto. Afbeelding van de regentenkamer van het Hofje van Bakenes, 1769. Museum Boymans-van Beuningen, Rotterdam (foto D.Wolters, Overzande)

Glas met op de kelk in radgravure decoraties met betrekking tot de diaconie van Haarlem, 1765. Frans Hals Museum (bruikleen Ned. Hervormde Gemeente) (foto Ton Haartsen).

Glas met op de kelk in radgravure decoraties met betrekking tot de diaconie van Haarlem, 1765. Frans Hals Museum (bruikleen Ned. Hervormde Gemeente) (foto Ton Haartsen).