Tags

,

HISTORISCHE ACTUALITEITEN HEEMSTEDE BENNEBROEK

FILM EN TENTOONSTELLING VAN WAVEREN  [de Van Waveren tapes]

In 1996 vond de filmmaker Wim van der Aar een doos met zestig uur geluidstapes op het Waterlooplein, afkomstig van Guido van Waveren (1944-2006), in zijn jeugd woonachtig in het fraaie Huis Tootopkade 1, Heemstede, bijgenaamd het Spookhuis, tegenwoordig bewoond door tandarts Burke en familie. De familie Van Waveren was in de jaren 20/30 van de vorige eeuw succesvol als bloembollenkweker in de Bollenstreek (1) In 1930 is in opdracht van het echtpaar Van Waveren-Scheltema de villa gebouwd onder architectuur van C.Mesman in samenwerking met Alida ofwel Lidy van Waveren-Scheltema, die tevens beeldhouwster was. Van der Aar maakte van zijn vondst een documentaire, de zogeheten Van Waveren Tapes, die o.a. in 2012 door de VPRO is uitgezonden, evenals in filmhuizen zoals in de filmschuur Haarlem.  Van 12 december 2015 tot 13 maart 2016 vindt in de Kunsthal Rotterdam een tentoonstelling plaats met foto’s uit het familiealbum Van Waveren.

spook1

Bericht uit de Leeuwarder Courant van 8 juli 1978  over het zgn. Spookhuis

spook2

Vervolg van artikel over het Spookhuis uit de Leeuwarder Courant van 8 juli 1978

 

 

Wav

Foto van het zogeheten ‘Spookhuis’ aan het Spaarne kort na de bouw gemaakt

spook3

De Haarlemse architect J.P.Kloos over de ontwikkeling van het ‘Spookhuis’ aan de Tooropade/het Spaarne in Heemstede ((NRC-Handelsblad, 31-3-1978)

spook11.jpg

Tekening van Hans van der Horst uit ‘Haarlems Tekenstift, 1987, pagina 65

spook10

Tekst van Jaap Sluis bij tekening van’een begerenswaardig huis’ aan de Spaarneoever: in:’Haarlems Tekenstift’, 1987.

 

 

 

 

Guido 1997 Southport Island, Maine

Guido van Waveren stierf in 2006 op 62-jarige leeftijd. Bovenstaande foto van hem is genomen in 1997 in Southport Island, Maine, USA

(1) Overigens was de familie van Waveren  al in  19e eeuw actief in Hillegom blijkens o.a. de volgende advertentie uit de Óprechte Haerlemsche Courant’ van 18 april 1867: ‘P.van Waveren Jzn. en J.van Waveren Pzn., Directeuren, te Hillegom, zullen als lasthebbenden hunner principalen, op Zaterdag  den 20sten April 1867, in publieke veiling aanbieden, op Bosch en Berg te Bennebroek de geheel uit liefhebberij aangekweekte kraam van de Weledelen  Heer J.Reijdon aldaar bestaande uit: Dubbele en Enkele vroege Tulpen…. etc.’

Spookhuis

                 Het Van Waveren-huis aan het Spaarne, Tooropkade 1 Heemstede anno nu

spookhuis

De huidige bewoners [ en J. Burke als redder  van het bijzondere huis van de sloop] aan de Tooropkade in Heemstede. Uit: ‘Ode aan Heemstede’, 2015, pagina 103

kwekerij

Op linker afbeelding de Hyacint E(nkel) W(it): “l’honneur de Hillegom’, gekweekt door Van Waveren

kwekerij1

Vooromslag van een brochure uitgegeven doot M.van Waveren en Zn., Leeuwenstein Hillegom

Leeuwenstein

Catalogus M.van Waveren & Zn., Leeuwenstein Hillegom, 1907

 

 

kwekerij2

Gezicht op tulpen- en hyacintenkwekerij Leeuwenstein in Hillegom, geschilderd door A.L.Koster ((1859-1937)

 

 

 

Waveren1.jpg

   Familie van Waveren poserend bij de kassen, foto uit familiealbum, 1934 (Kunsthal, Rotterdam)

Waveren1.png

Familiebijeenkomst 1934 Van Waveren (foto uit familiealbum, Kunsthal)

 

Waveren2.jpg

Nog een foto uit familiealbum van Waveren met bloembollen van W.M.van Waveren (Kunsthal Rotterdam)

Puck

Vooromslag van publicatie ‘Ademhalen ontspannen’; door Puck van Waveren, die in Heemstede een instituut runde voor ademhalings- en ontspanningstherapie

============================================================

Guido van Waveren           Tussen vrijheid en beknelling

 door Peter van der Werff

Door de televisie, een film, een toneelstuk en een fototentoonstelling kwam het leven van Guido van Waveren en zijn familie op sensationele manier in de publiciteit. Guido’s vroegere vriend Peter van der Werff laat met zijn persoonlijke herinneringen aan Guido een ander licht op de geschiedenis schijnen.

 Achtergrond

Wim van der Aar maakte een film over Guido van Waveren met behulp van geluidsbanden die Guido voor zichzelf had opgenomen en waarin hij uiterst persoonlijke zaken besprak. Na zijn verdrinkingsdood waarover de Amsterdamse tv rapporteerde, waren die banden op een tweedehandsmarkt terecht gekomen en gevonden door Van der Aar. Ik hoorde erover in ‘De Wereld Draait Door’, waar de banden in alle openbaarheid ter sprake kwamen. Het zien van de film zelf was voor mij en Guido’s intimi een nog schokkender ervaring.

De film trok het leven van Guido ook uit zijn verband. De reacties waren er naar. Iemand noemde Guido zelfs ‘een idioot’. Een toneelstuk, geïnitieerd door Van der Aar, gaf een fictieve weergave van Guido’s familie waar verdere misverstanden uit voortkwamen. Niet de familie Van Waveren maar Hugo Scheltema, de vader van Guido’s moeder, had met zijn handel in tabak een wereldimperium gevestigd.

Guido’s grootvader Theodorus van Waveren woonde niet in Bennebroek of Aerdenhout, maar in Hillegom, waar hij kweker van bloembollen was, met buitenlandse kantoren om zijn bollen te verkopen. Guido’s vader Tup van Waveren was niet een tabakshandelaar in Amerika, maar hield zich bezig met technische uitvindingen en zaadverdeling in Nederland. Hij bedacht ook het Keukenhofconcept maar liet de uitvoering aan zijn broer Tom over.

Sparrenduin

De (houten) villa Sparrenduin in Bennebroek in 1922 gebouwd door de Hillegomse bloembollenkweker  T.M.H.(Tom) van Waveren (1899-1959); in 1929 en 2005 verbouwd en vergroot (foto HVHB)

 

Guido’s moeder Lidy Scheltema ontwierp niet alleen met C. Mesman maar ook met Han van Loghem samen het gezinshuis aan de Tooropkade in Heemstede dat nu een monument is. Het is door Van Loghem dat de bouwstijl verwantschap heeft met Landhuis Scheltema van Lidy’s broer Evert Scheltema aan de Scheltemakade in Haarlem-Zuid en Sparrenduin van Tup’s broer Tom van Waveren aan de Kleine Sparrenlaan in Bennebroek.

guido1

Guido’s moeder Lidy van Waveren, tweede van rechts en Peter van der Werff derde van rechts. Guido van Waveren maakte de foto in het Stelviogebied van  de Italiaanse Dolomieten

 

Pauzegesprekken

Guido leerde ik kennen in een Haarlems schoolgebouw waar wij als dropouts alsnog gymnasium deden. Wat ik in hem bewonderde was dat hij onvervaard voorbij ging aan knellende banden van de burgermaatschappij. Eigenlijk was hij iemand van de jaren zestig voordat die tijd spreekwoordelijk werd. Hij had het van zijn ouders, een echtpaar dat voor de oorlog al zo was.

Maar dat wist ik nog niet toen we pauzegesprekken voerden over de oudheid en de toekomst en plannen maakten om naar het vrije Amsterdam te verhuizen. Ik ontdekte wel Guido’s brede onderlegdheid en humor, niet minder dan zijn afkeer van kunst en klassieken. En in de klas bleek hij niet mee te kunnen. Zijn moeder had hem na vier jaar van school gehaald en was hem zelf onderwijs gaan geven. Voor de middelbare school had ze hem niet voorbereid. Zijn vader had hem in de geneticataal van toen een minusvariant genoemd.

 Appelrijen

We maakten kennis met elkaars families. Guido hield van de gezelligheid bij mij thuis. Op zomeravonden kwam hij met zijn motorbootje naar Bennebroek gevaren om bij ons aan te leggen voor een goede koffie. Met zijn hartelijke lach en vermogen tot zelfrelativering was hij een graag geziene gast.

Bij Guido thuis ging het anders. Het huis was een origineel en artistiek bouwwerk, het soort waar ik als kind van droomde. Voor mij was het niet een ‘spookhuis’, zoals het in de buurt wel heette, maar eerder een spannend ‘sprookjeshuis’, vol geheimzinnigheid en creativiteit.

Het halletje en het keukentje waren verbazend klein. In de gootsteen, even artistiek betegeld als ik overal zag, stonden een paar bekers die je niet mocht aanraken want elke bewoner had het monopolie op een eigen exemplaar. Guido’s vader Tup had een grote partij appels gekocht en ze te drogen gelegd op alle vlakke stukjes van de gemetselde trapleuningen. Ik vond het geweldig. Guido bezag mijn enthousiasme met gemengde gevoelens.

In de voortuin stond een oude auto van het merk Panhard. De vergane banden waren weggezakt in de hoge grassen, grassoorten waar Tup geanimeerd over kon uitwijden. De auto liet hij staan want de achterbak deed dienst als tijdelijke opslagruimte voor gezinsleden die geen zin om de hoge stenen trap naar de voordeur op te klimmen. De buren spraken er schande van. Hun huizenprijzen gingen naar beneden naar gelang de grassen rond de Panhard verder omhoog schoten.

 Kaas

Guido’s moeder Lidy hoorde ik van achter een kamerscherm weleens roepen. Toen zij eindelijk te voorschijn kwam vond ik haar iemand met een prachtig gezicht en, overeenkomstig het huis, een originele, artistieke en ingewikkelde persoonlijkheid. Ze stamde uit een welgestelde Antwerpse familie, waar kunstenaars, schrijvers en acteurs over de vloer kwamen. Ze maakte hen van dichtbij mee en liet er zich blijvend door inspireren. Op haar beurt vond ze het heerlijk om anderen te inspireren.

Al verhalen vertellend keek ze naar mijn reacties, even vaardig als doordringend bezig om mij uit te testen. Ik kwam door de ballotage en was welkom in de grote woonkamer op de eerste etage. Daar had zij haar domein vol donkere wandkleden en verschoten doeken die over de stoelen en banken gedrapeerd lagen. De schraagtafels waren afgeladen met boeken, documenten en fotoreproducties van schilderijen.

Ze was gefascineerd door William Shakespeare en zocht bewijzen voor zijn verblijf in Nederland. ‘Die man is hier nooit geweest,’ riep de nuchtere Guido als we buiten haar bereik waren. Maar zijn moeder liet niet af en meende dat Shakespeare in Gouda was geweest. ‘Ze is weer naar Gouda om William te vinden,’ meldde Guido een keer. ‘Ze kan daar beter naar kaas gaan zoeken. Ze wil een boek over Willem in Waterland schrijven. Dat komt er dus nooit.’ Daarin heeft hij gelijk gekregen.

Bedrogen

Haar verhalen over Tup hadden vaak een defensieve ondertoon. Tup’s broer Frank van Waveren had niet, zoals velen beweerden, met de Duitsers geheuld maar zijn bedrijf in Duitsland veilig gesteld. En Tup had Frank alleen geholpen het bedrijf draaiende te houden. Dat was geen collaboratie met de Nazi’s. Tup had nota bene als gijzelaar vastgezeten. Bovendien was hij zelf bedrogen. Zijn ontwerp van een duikboot met drie cilinders was gestolen door een meneer Gunning. Die had tijdens de oorlog het idee aan de Engelse marine verkocht en er veel aan verdiend. Na de oorlog was hij, hoe durfde hij, met haar zuster getrouwd.

Tup’s bedrijf in suikerbietzaden was in de oorlog ten onder gegaan. Na de oorlog wilde hij een doorstart maken maar landbouwminister Mansholt had het getorpedeerd. Tup had toch al weinig fiducie in politici en ambtenaren, maar sinds die ingreep had hij voorgoed tabak van ondernemen.

Andijvie

Lidy woonde op de bovenste etage en Tup op de begane grond. Zij stond op in de middag en hij ging bij zonsondergang naar bed. Ze troffen elkaar tussen theetijd en borreltijd.

Tup kon uren in de tuin zitten mijmeren, het zuiderlicht van over het water in zich opnemend. Vanaf het eerste contact dat ik met hem had was ik onder indruk van zijn enorme kracht en ingehouden woede. Maar ik leerde hem te zien als een ruwe bolster met blanke pit. Hij nodigde mij uit voor het avondeten op het grote stenen balkon. Hij kookte andijvie en een paar aardappels. Als ik mij goed herinner hadden we er een bal gehakt bij. Het lekkerste was een glas Amstel Goldbier. Guido viel in geen velden of wegen te bekennen.

‘Mijn vrouw kan niet koken,’ zei Tup verontschuldigd.

‘Je kunt ook niet overal goed in zijn,’ waagde ik erop.

De opmerking viel goed en begon aan een rondgang door de familiegelederen.

 Italië

Met Guido ondernam ik tochten in de Ford Taunus stationwagen van zijn vader. Maar de eerste tocht, naar Italië, was met z’n drieën. Zijn moeder wilde mee. Dat was omdat ze nog een keer Florence moest zien. Maar Guido dacht ze hem niet los kon laten. Ik dacht dat ze en passant mij beter wilde leren kennen.

We reden naar de zomerse sneeuw van het hoge Stelviogebied waar Guido zijn liefde voor het skiën uitleefde en ik met zijn moeder op het terras zat. In onze tête-à-têtes begreep ik toenemend dat het haar minder om Florence dan om Guido en mij ging, zeker toen ze zei: ‘Ik weet niet op welke gevaarlijke helling Guido nu weer bezig is. Jij moet bij gelegenheid maar op hem letten. Mijn man en ik hebben vertrouwen in je. Als je ooit ergens in moeilijkheden komt, noem je onze namen maar: Van Waveren en Scheltema. Dat kan deuren openen.’

Het meest getroffen was ik door een angst die ik achter haar praten voelde en die ze bij vlagen ook zelf tot uitdrukking bracht. ‘Toen de Duitse officier met zijn manschappen in de tuin stond om mijn man op te halen, heb ik hem vanaf het balkon de huid vol gescholden. Met zijn autoritaire opvoeding was hij gewend om zo iemand serieus te nemen en hij vertrok onverrichter zake. Ik was eigenlijk heel bang, maar als je angst hebt moet je eroverheen bluffen.’

In Toscane gingen we naar campings waar Guido en ik een tentje opzetten. Voor zijn moeder klapte hij de achterleuning van de auto neer zodat ze achterin kon bivakkeren. Het hete dal van Florence hadden we na een dag wel gezien, ook Guido’s moeder. Voor haar was de tocht al voltooid. De verkoeling van de Tyrreense Zee was niet veel meer dan uitstel van de terugreis.

Waldorf Astoria

‘De bodem van de schatkist is weer in zicht,’ zuchtte Guido van tijd tot tijd. Ik vroeg me af hoe het leven in Huize van Waveren toch steeds weer doorging. Ik kreeg duidelijkheid toen Lidy mij betrok in maatregelen om de schatkist bij te vullen: ‘Nu Guido en jij naar Frankrijk rijden, kunnen jullie Menton bezoeken. Ik heb met Guido al besproken wat hij daar moet zeggen. De huishoudster spreekt alleen Frans. Dan kan jij bijspringen. Guido heeft een weerstand tegen die taal. Ik heb de schoonheid van die taal zeker te vaak benadrukt.’

Guido had andere voorliefdes. In het Bois du Boulogne van Parijs sliepen we achterin. Bij zonsopgang maakte de Gendarmerie ons wakker en verbood om in de auto te slapen. In de verte hoorden we motoren razen die Guido tot verwoed gissen brachten. Nog half slaperig reden we naar het motorgeluid, tot we mannen ontwaarden die met motorzagen bezig waren. Dat hadden we nog nooit gezien. Apparatenliefhebber Guido gaf moeiteloos uiting aan zijn opgetogenheid en was er niet weg te slaan.

Voor hem was het een welkome afleiding van de spanning die hij had over het komende gesprek met zijn grootvader. Er stond heel wat op het spel. Opa Scheltema had al vaker geweigerd geld in de Heemsteedse schatkist te storten, zeker nadat hij Lidy en haar gezin uit het Waldorf Astoria Hotel in New York was komen halen. Daar hadden ze maandenlang gewoond, op zijn kosten, in de jaren vlak na de oorlog en op de vlucht voor het communistische gevaar.

Opa Scheltema had geen zin om er langer voor te betalen en maakte dat Tup in Zuid-Amerika ging zoeken naar mogelijkheden om een bedrijf te beginnen. Maar Tups expeditie mislukte en het gezin keerde terug naar Heemstede.

Coca Cola

Opa Scheltema woonde in een onopvallend, laag huis op een helling van Menton. Strak van de zenuwen belde Guido aan. Op de eerste etage ging een steekraampje open. Een hoofd vol papillotten kwam naar buiten en mopperde iets in het Frans. Guido raakte in opperste staat van alertheid om haar Frans te ontcijferen: Waar onze auto stond? Die moesten we tot vlak voor het huis rijden.

Opa liet op zich wachten. Guido blies zijn magere wangen bol, tot Opa in licht zomerkostuum en met strooien hoed op naar buiten kwam. Hij deed me denken aan Maurice Chevalier. Hij stapte in en dirigeerde ons naar een straatje achter de boulevard waar we op een smalle stoep aan een cafétafeltje gingen zitten. Hij bestelde voor ons alle drie een glaasje cola. Guido deed zijn verhaal. Opa keek nors. We moesten hem maar weer naar boven rijden. ‘Dat we een cola hadden gekregen was een goed teken,’ concludeerde Guido, eenmaal weer op weg langs de Rivièra.

Hazenjacht

Bij onze trips naar het zuiden ‘meerden we eerst aan in Wiesbaden’, zoals vaarliefhebber Guido graag zei. Zijn veel oudere zus Josine woonde daar, met haar man Hans Bik en hun twee zonen. Hans was dirigent maar voor ons draaide hij de Swingle Singers die klassieke muziek op een populaire manier brachten. Hans hield vol dat hij niet voor ons van zijn geloof viel maar ze zelf geweldig vond. Guido kon het niet aanhoren en was vooral bezig de kamer in en uit te lopen.

Op de Autobahn ontpopte Guido zich niet als de onbezonnen jongeman waar zijn moeder bang voor was maar als iemand die zich oefende om gecontroleerd met gevaar om te gaan. Op weg naar Zermatt leerde hij mij hardrijden op bochtige bergweggetjes door dicht achter een ‘haas’ te blijven zitten. Een haas was iemand die voor elke bocht hard remde en na de bocht hard optrok, waarschijnlijk omdat ie de weg goed kende. Zo’n autorijder kon je goed vertrouwen.

Zermatt was bekend terrein voor Guido. Hij had er vroeger op z’n gympies de bergen op en af gerend, terwijl hij met zijn ouders en zus Marianne in een duur hotel logeerde. In datzelfde hotel zochten we Marianne, haar man Eric van Ingen en hun zoon Floris op. Wij sliepen in een koud tentje en warmden ons op in het hotel. Marianne bleek Eric van het toneel te kennen. Eric zat bij de Haagse Comedie, Marianne had meestal losse rollen en speelde jeugdstormleidster in de oorlogsfilm Als twee druppels water. Eric trad later op als Dr. Paul van der Voort in de televisieserie Medisch Centrum West.

Marianne vond ik aardig, onzeker en gevoelig, en je kon met d’r lachen. Ik voelde met haar dezelfde emotionele connectie als met Guido en zijn ouders. Eric straalde in zijn hele voorkomen de gedistantieerde adeldom uit waar hij zich niet op wilde laten voorstaan. Hij keek stroef voor zich uit, zoals zijn schoonvader Tup, maar dan als diens artistieke variant.

Alpenzorg

 Eric maakte contact door zijn bezorgdheid te uiten. ‘Guido, was je weer bezig achter lokale hazen aan te racen? Je moet in de bergen juist voorzichtig rijden. En dat jullie hier op gymschoenen gaan lopen is onverantwoord. Er gebeuren veel ongelukken.’ Intussen stoven wij jong en energiek de hellingen rond Zermatt op en af en namen op een mooie middag de puntige Plathorn. Ten slotte klommen we naar de Theodulpas op 3300 meter. Aan de andere kant zagen we tot ver in de heiige diepte Italië liggen. Op de terugweg troffen we Marianne, Eric en Floris die, zelf op stoere schoenen met diepe profielzolen, verontrust keken hoe wij op gympies over de gladde Theodulgletscher overstaken.

Voor een ware apotheose wilde Guido de Monte Rosa op. De berg is met 4634 meter een van de hoogste toppen van Europa, maar voor gewone wandelaars te doen. Toch leek het mij erg veel van het goede. Met tegenzin ging ik mee naar het marktplein van Zermatt om voor de volgende dag een gids te zoeken. We vonden een aardige, rustige man en ik ging bijna om. De volgende ochtend hing er een dikke mist. Alle bergtochten waren afgelast. Ik bracht een ode aan de weergod.

We namen afscheid van Marianne, Eric en Floris, en reden naar de warmte van Italië. Floris heb ik nooit meer gezien. Hem overkwam waar Eric zo bang voor was. Hij verongelukte in de bergen. Op zijn achttiende reed hij met drie vrienden in een auto, jong, energiek en met een tentje, naar Zermatt. In de tunnel bij de Simplonpas knalden ze tegen een muur. Floris en zijn vriend Koen waren op slag dood.

 De overtocht

In 1967 ging ik naar Amsterdam om antropologie te studeren. Tup gaf mij een boek mee: On Aggression van Konrad Lorentz, over de wezenlijk agressieve aard van de mens. Die stelling ging ik samen met andere wereldverbeteraars weerleggen. Dat spreekt. Lidy bezwoer mij niet Albert Schweitzer achterna te gaan, de man die zich met al zijn talenten als medisch zendeling in het oerwoud van Lambaréné had teruggetrokken.

Guido kwam veel naar Amsterdam en voelde zich opgenomen in mijn nieuwe vriendenkring. Onze activiteiten in de maatschappij deelde hij minder dan onze aandacht voor persoonlijke groei. Tenslotte kwam hij terecht bij de experimentele psychotherapeut Joost Mathijsen, dezelfde die landelijke bekendheid verwierf door het Koor van Prettig Gestoorde Vrouwen en het Nurks Mannenkoor die hij oprichtte.

Mathijsen liet Guido weten dat hij eerst weg moest uit zijn ouderlijk huis. Het leek ons een verstandig voorstel, maar Guido’s moeder zag het niet zitten. Ten slotte maakte hij zich los en kwam naar Amsterdam. Zijn overtocht per Taunus was kort maar de emotionele overgang groot en anders dan bij de meesten van ons bleef hij financieel afhankelijk van zijn ouders.

Commune

Zijn negentiende-eeuwse achterkamer met ramen op het noorden gaf hij grauwe kleuren en een inrichting vol metalen apparatuur. Omdat lezen en schrijven hem moeilijk afgingen en hij zich verliet op praten en luisteren, gebruikte hij een bandrecorder als dagboek. Zijn vaste uitje was een rit naar het Rembrandtplein en ijs halen in de Reguliersbreestraat. Regelmatig verraste hij ons met uitnodigingen voor kleine en grote trips. Met zijn voorkomendheid en technische kennis hielp hij menig bevriende student uit de brand.

Het was in de tijd dat de communebeweging opkwam. Met een groep vrienden van beiderlei kunne, waarin Guido het bij tijden echt naar zijn zin heeft gehad, maakten we plannen en zochten naar geschikte huizen. Hij deed serieus mee. Toen de financieringsmogelijkheden aan de orde kwamen, liet Guido doorschemeren dat zijn ouders konden bijspringen. In de Haarlemmerhout vonden we een groot huis dat door zijn verwaarloosde staat betaalbaar was. We konden zelf het opknapwerk doen. Maar de groep viel uiteen door de ervaring dat het jarenzestigideaal van ‘alles moet kunnen’ in de onderlinge verhoudingen niet haalbaar bleek te zijn.

Dagcentrum

Op voorspraak van Joost Mathijsen kwam Guido bij het dagcentrum van het Wilhelmina Gasthuis. Hoewel hij toentertijd niet verslaafd was, nam hij deel aan een encounter group die draaide met de kennis van het WG, opgedaan bij verslaafden aan drugs en alcohol. Hij vertelde er weinig over, maar ondanks zijn ijzeren harnas merkten we bij vlagen dat het hem diep raakte. Wij hadden het diepste respect voor hem.

Intussen was ik door toedoen van popzanger John Lennon de Primal Scream therapie van Arthur Janov in Californië op het spoor gekomen. Guido deelde mijn enthousiasme en overwoog naar het instituut van Janov te gaan. Maar uiteindelijk verkoos hij bij het Amsterdamse dagcentrum te blijven.

Hier zat hij in de strakke, overzichtelijke structuur die zijn moeder hem had onthouden. Hier hoefde hij niet stoer en sterk te doen zoals zijn vader deed. Hier was het veilig genoeg om zijn angsten en frustraties tot uitdrukking brengen. Hij kwam in de sfeer van zijn psychologisch georiënteerde ooms Tom en Erlo van Waveren.

Demonen

Stukje bij beetje gaf Guido zijn geheimen aan ons prijs die op het dagcentrum naar boven kwamen borrelen. We begrepen hoe zijn ouders een team van top talent hadden gevormd, maar weinig pragmatisme bezaten en in hun teleurstelling uit elkaar waren gegroeid. Tup had op de kilheid van zijn dominante vader in het stamhuis van de grote Hillegomse bollenonderneming met onderdrukte woede gereageerd, aan andere autoriteiten de oorlog verklaard en voor familiecontacten zijn hart gesloten. Achter zijn kwaadheid en ongeduld was hij een gevoelige man met genialiteit op technisch gebied maar steeds meer teruggetrokken uit zijn gezin en buitenwereld. Guido had zijn vader voornamelijk als een harde, afstandelijke man leren kennen.

Lidy werd verteerd door een innerlijke angst waarvan zijzelf en toentertijd ook niemand anders de oorsprong begreep. ‘Met de kennis van tegenwoordig zou je zeggen dat ze borderline-kenmerken had,’ legde een psychologe later uit. ‘Bij gebrek aan innerlijke structuur zoek je dan houvast bij anderen, soms ten koste van alles.’ Door de vervreemding in haar huwelijk had ze als uitweg van Guido een plaatsvervangende echtgenoot gemaakt en zich daaraan vastgeklampt. Ze was er al mee begonnen toen ze hem na een paar jaar lagere school verder thuis hield en beweerde dat zij hem beter kon opvoeden dan onderwijzers dat deden.

Tup zag het gevaar niet en was ondanks zijn goede hart niet tussenbeide gekomen. Lidy had, ondanks goede bedoelingen, haar zoon zo sterk naar haar behoeftes gevormd dat zijn eigen ontwikkeling was gefnuikt en hij onbewust doodsbang was om te laten zien wie hij was.

In Amsterdam ontving hij vakkundig begrip voor de worsteling met zijn vroegere en actuele moeder. Maar hij betwijfelde steeds meer of het dagcentrum wel de goede plaats voor hem was. Of zag hij op tegen de ontgoocheling en pijn op diepere lagen die hij tegemoet ging? Hoe dan ook, hij stopte met het dagcentrum.

 Lach

Toen halverwege de jaren zeventig de communegroep verder uiteenviel, groeiden Guido en ik ook uit elkaar. Veel later hoorde ik over zijn vertrek naar Amerika. Hij woonde bij zijn nieuwe vriendin Barbara in New York City en aan de Atlantische kust, niet ver van de stad Boston. Het was in dezelfde periode dat ik, zonder iets van Guido te weten, een Amerikaanse vriendin had, ontmoet op een conferentie in, jawel, Boston.

Ook in Amerika kon Guido zich niet bevrijden van oude demonen. Bij terugkomst in Amsterdam raakte hij verder aan de drank en de drugs en werd aangetast door de huidaandoening psoriasis. Door gebrek aan geld raakte hij afgesneden van gas, water en licht en ging zichzelf verwaarlozen. Hij voelde zich te trots om een bijstandsuitkering aan te vragen: “Een Van Waveren gaat niet naar de bijstand.”

Uiteindelijk is hij onder invloed van alcohol in de Prinsengracht gevallen en verdronken. Op zijn begrafenis in 2006 hoorde ik de toespraak van zijn neef Ben van Waveren, wiens zoon hem in tijden van financiële nood had bijgestaan. Ook trof ik Harald Bik, de zoon van Guido’s zus Josine die we ooit in Wiesbaden hadden bezocht. Josine en haar man Hans waren al overleden.

Wat mij door mijn hart sneed was de ontmoeting met Guido’s zus Marianne. De lach had zij nog altijd op haar gezicht, maar het was een bevroren lach. Ze verkeerde in totale shocktoestand. Haar zoon Floris had zij verloren door een auto-ongeluk, haar man Eric was in 2000 gestorven. Haar ouders en zus Josine waren overleden. En ten slotte had zij haar broer Guido naar deplorabele omstandigheden zien afglijden tot hij in de gracht verdronk. Ze liet het toe dat ik lang haar hand vasthield.

 

 Postscript

 

Na het onvoorbereide zien van de film De Van Waveren tapes in 2012, kwam ik in contact met maker Wim Van der Aar. Op zijn uitnodiging hadden we, samen met vroegere vriend Peter van Tilburg, een uitvoerig gesprek in het restaurant De Kas. Daarop organiseerde ik voor Wim en gezamenlijke vrienden een wandeling langs locaties in Heemstede en Bennebroek die voor Guido in zijn jeugd belangrijk waren geweest.

 

Guido (rechts) en Peter van Tilburg 1972

Guido van Waveren en Peter van Tilburg in 1972

Referenties

Ben van Waveren. Van Waveren: Een overdonderende familiegeschiedenis. Fototentoonstelling, Kunsthal (Rotterdam 2015-2016). http://www.kunsthal.nl/nl/tentoonstellingen/van-waveren/

Corine de Vries. ‘Ik was elf jaar toen mijn vader werd vermoord’, De Volkskrant. Interview met Eric van Ingen (1997). http://www.volkskrant.nl/magazine/-ik-was-elf-jaar-toen-mijn-vader-werd-vermoord~a488868/

Erlo van Waveren, Pilgrimage to the Rebirth. Daimon (Zürich 1998)

P.J. Geerlings. ‘Medische aspecten van den heroïneverslaving.’ Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (1979, p. 1148-1154) https://www.ntvg.nl/system/files/publications/1979111480001a.pdf

John Lennon, Well Well Well. Over de Primal Scream. https://www.youtube.com/watch?v=O8MId-DtvZE

Over Joost Mathijsen http://www.nrc.nl/handelsblad/1991/02/11/personalia-6956515

Over Marianne van Waveren http://theaterencyclopedie.nl/wiki/Marianne_van_Waveren

ro

Van Waveren; de ondergang van een Hollandse familie uitgevoerd door RO Theater

 

Ro Theater. Van Waveren: De ondergang van een Hollandse familie. Toneelstuk onder regie van Alize Zandwijk. (Rotterdam 2015) https://rotheater.nl/vanwaveren

Reumer

Acteur Piet Römer en actrice Marianne van Waveren  in  ‘En toen kwam dokter Frost’ (1957) .(foto Bijzondere Collecties UB Amsterdam, Theater Instituut Nederland)/ Marianne van Waveren is 21 mei 1921 in Heemstede geboren. Behaalde in  1946 haar diploma van de Amsterdamse Toneelschool, debuteerde bij Comedie en was 14 jaar lang aan verschillende gezelschappen verbonden. Kort na haar huwelijk met Eric van Ingen in 1959 zette zij haar theaterwerkzaamheden stop. Wel heeft j in de jaren zestig nog meegewerkt aan enkele radio-, televisie- en filmprodukties.   Ze trad als actrice o.a. op in de film ‘Als twee druppels water'(1963) en in  ‘Dokter Gerbrand'(1959). Zij is 14 augustus 2007 in Den Haag overleden.

http://dewerelddraaitdoor.vara.nl/media/189889

Wim de Wagt. ‘Houten landhuizen in Bennebroek en Heemstede: Amerikanisme of snobisme?’ Heemschut, 08-1990, blz. 18-19

Wim van der Aar, De Van Waveren Tapes. Film (2012). http://www.npo.nl/holland-doc/08-11-2012/VPWON_1156126

 Met dank aan

Aat Marree, Ben van Waveren, Gonneke Janssen, Hanneke Rijkelijkhuizen, Harald Bik, Inge de Wilde, Lidy van Waveren, Peter van Tilburg, Ruud Otto, Toon Schampers, Tup van Waveren en Wim van der Aar

 

tapes

Aankondiging van ‘de Van Waveren Tapes’ , een film van Wim van der Aar, september 2012

 

===========================================================

VERVOLG HEEMSTEDIANA: Archiefaanwinsten

*  Ontvangen van professor K. Doornbos: Gedenkboek van het 5-jarig bestaan van den Kunstkring “Heemstede”, 1932. Voorwoord door voorzitter Theo van Reijn. 56 blz.

* Toegezonden door Kees de Raadt: 1) pocket ‘Laten we ’s kijken’, destijds reclame-uitgave aangeboden door Vogel – Optiek, Binnenweg 14, Heemstede; 2) Verkoopcatalogus van Simonis & Buunk (najaar 2010) met afbeelding doek ‘Bollenveldjes’ uit circa 1920, vervaardigd door destijds in Heemstede woonachtige kunstschilder Herman Kruyder (1881-1935). Deze werkte van 1919-1923 inHeemstede en was vervolgens tot 1927 woonachtig in de toenmaals nog vrijwel onbebouwde en onbestrate Kleine Sparrenlaan te Bennebroek. Bij dezelfde kunstfirma in Ede is een olieverfdoek van Anton L. Koster (1859-1937) te koop: ‘Velden met hyacinten en rietschelven bij Heemstede’.

Kruyder1

Foto van Herman Kruyder in zijn atelier te Heemstede voor een door hem beschilderde deur

* De heer Peter Nan wees op voor Heemstede interessante zaken aanwezig in bronnen van het Geneeskundig Staatstoezicht (Noord-Hollands Archief), zoals betreffende Anthonie van Houten die zijn eigen dolle hond in 1809 doodsloeg en een pamflet waarin bewoners van Heemstede die eventueel ook gebeten zijn zich moesten melden. [Inventarisnummer 87, doosnummer 122, aktenummer 140a vv.].Verder verslagen over de Heemsteedse dorpschirurgijnen vanaf 1806.

* Van J. Stiekema: afschrift koopakte uit 1919 van een pand aan de Drieherenlaan.

* Knipsels afkomstig van het Provinciaal Archief betreffende Heemstede en Bennebroek uit de periode van circa 1959-1989.

* Fotoboek ‘Fürstentreffen juli2010 inBad Pyrmont’, vervaardigd door Yan de Graaff. Medio april 2011 wordt 25-jarig jubileum van officiële jumelage met Royal Leamington Spa èn 10 jaar vriendschapsbanden met Bad Pyrmont gevierd.

Recente publicaties

* Het door onze vereniging uitgegeven boek ‘Binnenweg & Raadhuisstraat’ leidde tot verscheidene reacties. In het personeelsblad van de gemeente Heemstede Vit@, september 2010, is in de rubriek ‘Uit den ouden doos’ de volgende bijdrage opgenomen over geluidsoverlast van bellende koeien. Als ingezonden stuk oorspronkelijk gepubliceerd in het Haarlems Dagblad van 19 oktober 1921: ‘Aan den Binnenweg, ter hoogte van de Kastanjelaan, ligt een stuk weiland en daar loopen koeien in van den heer Jansen uit de Zandvoortselaan. En die koeien zijn deze dagen behangen met bellen. Nu is dit geklingel heel aardig. Maar als bewoners van de Eikenlaan kunnen we er des nachts niet van slapen. De koeien kunnen dicht bij de huizen komen van de Eikenlaan en dan is dit bellen erg vervelend. Ik heb gehoord, dat de bedoeling is, om al die koeien bellen aan te hangen van verschillende klank. Dan geloof ik dat onze kinderen ook wel gaan bellen en zullen er wel meer Eikenlaanbewoners gaan klagen. We hopen dat de bellen weer afgedaan zullen worden, opdat we weer rustig kunnen slapen. Een bewoner van de Eikenlaan.’

* Door de Kamer van Koophandel Amsterdam is recent een advies uitgebracht: ‘Positionering voor het winkelgebied Binnenweg-Raadhuisstraat’. Gewezen wordt op de variëteit in het winkelbestand (met ruim 140 zaken). Tevens op het gegeven dat geen winkelstaat in Nederland zoveel landelijke prijswinnaars in hun branche kent en dat de persoonlijke klantbenadering een regionale aantrekkingskracht heeft. Het rapport is via internet te raadplegen.

* Bij gelegenheid van het 25-jarig bestaan van Tennisvereniging HBC verscheen een jubileumuitgave met veel foto’s en anekdotes. Het boek is voor 20 euro bij HBC te koop.

* In het tijdschrift van zustervereniging ‘Ons Bloemendaal’ is in nummer 2, zomer 2010, een artikel gepubliceerd door Peter van der Werff: ‘De honden van Terra Bella; een kennel met koninklijke allure op het binnenduin van Bennebroek’.

* Het kerstnummer 2010 van opinieblad Elsevier bevat een artikel over de oudste (basis)school van ons land op dezelfde locatie, de Voorwegschool, die 380 jaar bestaat (blz. 208-212).

* Vanwege 75 jaar Winkelstraat Jan van Goyen is door de winkeliersvereniging op hoogglans papier een fotoboek verschenen met afbeeldingen van alle winkels.

* De Hartekamp Groep gaf in het najaar 2010 naar aanleiding van een fototentoonstelling in het Noord-Hollands Archief een fotoboek uit ‘Verbinding Verbeeld; 60 jaar gehandicaptenzorg door de Hartekamp Groep.’

* In de ‘Lijst van tot levenslang veroordeelden in Nederland’ van Wikipedia komen bij het jaar 1872 Pieter van Tongeren en Elisabeth Ras uit Heemstede voor, vanwege een afschuwelijke moord 5 december 1871 aan de Molenwerf. Op basis van rechtbankgegevens uit het N.H.Archief is hieraan een artikel gewijd in het Haarlems Dagblad van 20 november 2010: ‘Heemstedenaar in het bijzijn van zijn kinderen op Sinterklaasavond vermoord. “Ik schiet hem neer als een kraai”.

* In tijdschrift ‘De Weergever’, nummer 4, 2010 verscheen een vijfde, tevens slotartikel aangaande de geschiedenis van Bovema/EMI, nu met herinneringen van de directeur Hans Kellerman, de opvolger van directeur Ger Oord. Als anekdote wordt vermeld dat voor de opening van de opnamestudio in Heemstede een bedrag van 50.000 gulden naar Maria Callas moest worden overgemaakt. Haar manager zou hebben gevraagd nog even te wachten met het overmaken van dat bedrag omdat men het geld graag buiten de gemeenschappelijke boedel wilde houden van de aanstaande scheiding met Meneghini, die haar echtgenote toen nog begeleidde bij het concert in het Concertgebouw en openingsplechtigheid te Heemstede. Niet lang daarna trouwde Callas met Onassis.

* Van ‘Warm Sounds 13’, november 2005, volledig gewijd aan Bovema (deel 1) is november 2010 een herdruk uitgekomen.

* Platenmaatschappij Bovema en Ger Oord komen ook ter sprake in een nieuw boek van Harry Knipschild die zelf jarenlang in de platenindustrie werkzaam was: ‘Money, Money, Money? Verhalen uit de popmuziek’. Deze publicatie is voor 20 euro in de boekhandel verkrijgbaar.

* Jan Schnerr: ‘Groenendaal’ [prozaverhaal]. Bibliofiele uitgave van Willem Snitker/Galerie de Bleeker.

*  Marcus Polman: ‘Haarlem & omgeving kookt’ bevat beschrijvingen/recepten van de volgende drie firma’s uit Heemstede: 1) Chateaubriand, traiteur en vleesspecialiteiten, 2) Le Grand Cru, wijnhandel, 3) Tummers, patisserie en tearoom.

* Ter gelegenheid van een kwarteeuw Kunstlijn Haarlem verscheen een op groot formaat uitgegeven Jubileumboek, dat voor 19.95 euro te koop is bij o.a. De Vishal. In deze publicatie komen onder meer34 inHeemstede woonachtige of werkzame beeldend kunstenaars met hun werk ter sprake, naast 1 uit Bennebroek (Ronald Vengen).

* Onlangs kwam als uitgave van HDC Media de ‘Canon van Kennemerland’ uit. Een leerzaam geschiedenisboekje dat 27 verhalende onderwerpen bevat van het gebied langs de Noord-Hollandse kust van Camperduin tot de grens van Bennebroek met Hillegom. Prijs: 12.95 Euro.

Biografische en genealogische informatie

* Emeritus pastoor IJs Tuijn heeft zijn levensreis op papier gezet: ‘Je moet het voor ons eens opschrijven; een leven lang op reis door het bisdom Haarlem’. Het is voor 10 euro verkrijgbaar bij de parochiesecretariaten van de Heilige Bavo en Onze Lieve Vrouw Hemelvaart.

* Nadat zij in 2005 over haar zuster Ida Gerhardt publiceerden heef het echtpaar Mieke van den Berg/Dirk Idzinga nu een boek over de dichteres Truus Gerhardt samengesteld. De titel luidt: ‘De sluier weggevallen. Biografie en Verzamelde gedichten’. De ouders van beide dichteressen Gerhardt trouwden 12 mei1898 in Heemstede, waar hun grootouders van moederszijde van 1894 tot1898 inwijk B nummer 23 [Achterweg 15] woonachtig waren. ISBN 9789460100598. Prijs: Euro 19.95.

* ‘Van Linie en stamme Hueff: genealogie van het geslacht Heuff’, door G.Heuff en L.M. van der Hoeven. Een uitgave van Verloren in Hilversum. Bevat p. 81-85 informatie over beeldend kunstenaar H.D.Heuff (1875-1945) die woonde en werkte in het pand ‘De Dorstige Kuil’ aan de Koediefslaan.

* A.S. Talma (1864-1916) was een staatsman van formaat en geldt als één van de grondleggers van de sociale wetgeving in ons land. Op het laatst van zijn leven was Talma als predikant werkzaam van de Nederlands Hervormde Kerk in Bennebroek. Over hem verscheen een nieuwe biografie: ‘De rode dominee A.S.Talma’, geschreven door Lammert de Hoop en Arno Bornebroek. 331 p. ISBN 9789461051103  Prijs 24.50 euro.

Talma13

Vooromslag van het boek ‘De Rode Dominee’. In 2013 zou een nieuwe monografie over de staatsman-predikant verschijnen van Gerard van Krieken: Syb Talma (1864-1916): een biografie, Hilversum, Verloren, 271 p.

Gevelsteen dominee A.S.Talma, Talmastraat 5-7, Haarlem

Gevelsteen dominee A.S.Talma, Talmastraat 5-7, Haarlem

Arbeiderswoningen van Patrimonium in de Talmastraat Haarlem en reliëf met portret van naamgever

Arbeiderswoningen van Patrimonium in de Talmastraat Haarlem en gevelsteen met portret van naamgever

* Ad van Unnik attendeerde op een zojuist verschenen uitputtende levensbeschrijving: ‘Politicus uit hartstocht; biografie van Pieter Jelles Troelstra’ door P.Hagen met op pagina 501 een verwijzing naar Heemstede. Gedoeld wordt op de christelijke premier Abraham Kuyper, de zogeheten ‘Lintjesaffaire’, en de begin 20e eeuw in Heemstede woonachtige Mathilde Westmeijer (1874-1945), wier beknopte biografie op Wikipedia is te vinden. Citaat uit het boek van Hagen: “Inmiddels [= 1909] mengde de hele vaderlandse pers zich in de zaak. Zo kwamen ook nieuwe feiten boven water, bijvoorbeeld dat Kuyper mejuffrouw Westmeijer af en toe bezocht in het logement Het Wapen van Amsterdam te Heemstede, waar zij in die tijd woonde. Hij zou daar met hem gedineerd hebben en in de tuin gesignaleerd zijn. Dat gaf voedsel aan het – onbewezen – gerucht – dat zij zijn maîtresse. In de pers werd Mathilde beschreven als een vrouw van losse zeden, als een ‘demi-mondaine’ die op grote voet leefde.”

Monumentennieuws

* De Leeuwarder Courant van 12 oktober 2010 berichtte dat in het weekeinde daarvoor een eeuwenoude vaas door vandalen van de sokkel – een gietijzeren Bonifatiuspomp uit 1884 – in de Bronlaan is geduwd, maar in oude luister wordt hersteld. Deze versierde vaas van Bentheimer zandsteen is oorspronkelijk afkomstig van buitenplaats de Hartekamp in Heemstede, daterend uit de tijd van George Clifford. De schade loopt tegen de 10.000 euro. De gemeente Dongeradeel heeft aan steenhouwerij Buitenpost opdracht gegeven de paarhonderd kilo zware monumentale tuinvaas te restaureren.

* In het herenhuis Bosbeek bevond zich sinds de plaatsing door Jacob de Wit in opdracht van toenmalig bezitter Aarnout Hasselaar in 1751 een grisaille ofwel ‘witje’, getiteld ‘ De Herfst’ boven de deur van de salon. Deze is kortgeleden herontdekt op een inventarislijst van de Dienst voor ’s Rijks Verspreide Kunstvoorwerpen’ en wordt nu geclaimd door Simon Goodman uit Los Angeles, kleinzoon van de vroegere bewoner F.B.E.Gutmann.

* Mede op basis van het afgelopen jaar geopende Park Meermond, een natuurgebied op de plaats van de voormalige vuilstort, eindigde de gemeente Heemstede als derde in de strijd om de landelijke Biodiversiteitsprijs, georganiseerd door het Samenwerkingsverband Landschapsbeheer Nederland.

* Op een hoog duin van de Overplaats bij de Hartekamp (nabij Hagenduin) stond sinds 1724 eeuw een speelhuis ofwel koepel opgetrokken in empirestijl, met fraai uitzicht op het Haarlemmermeer. Na herstel rond 1965 door A. van Werven na 1980 door vandalen tot de fundamenten toe geruïneerd. Landschap Noord-Holland, huidig eigenaar van de overtuin, heeft onlangs een prijsvraag uitgeschreven voor een blikvanger op deze plaats, waaraan gelet op bij onze vereniging aangevraagde informatie naar de toestand in het verleden door talrijke kunstenaars en (tuin-/landschaps)architecten uit bijna het gehele land belangstelling is getoond. Inlevering van een ontwerp is nog mogelijk tot 6 februari 2011.  Zie:  www.landschapnoordholland.nl

Folklore

* Maria Kruijswijk en Marion Nesse publiceerden het boek: ‘Nederlandse jaarfeesten en hun liederen door de eeuwen heen.’ Daarin staat een hoofdstuk over Noord-Hollandse oogstgebruiken. Tot in het midden van de negentiende eeuw was het in onze provincie een gewoonte dat het laatste hooi en graan in een met een vlag versierde wagen naar de schuur werd gereden. Uit Kennemerland is een oogstliedje overgeleverd. Onderzoeker D.J. van der Ven ontdekte dat in Heemstede en publiceerde het in zijn ‘Eten en drinken in de Nederlandse folklore’(Uitgave van de Academie van de streekgebonden gastronomie, 1987). Het luidde als volgt:

“Hooi in top

Melk in de sop

Bies in de kan

Daar komt de laatste hooiwagen an.”

V.O.C.opvarenden uit Heemstede en Bennebroek

Eerder heb ik over het VOC-schip de ‘Heemstede’ gepubliceerd in HeerlijkHeden (nummer 36, mei 1983) en schreef Maarten Verkaik o.a. over het schip ‘Bennebroek’ (nummer 109, augustus 2001), waaraan ook de heer J.van der Reep uit Voorschoten in 2003 aandacht besteedde in diens publicatie ‘Hillegom en de VOC’ Het Nationaal Archief bewaart de meeste VOC-archieven. In de scheepssoldijboeken van de zes VOC-Kamers te Amsterdam, Middelburg, Delft, Rotterdam, Hoorn en Enkhuizen, die de basis vormden voor de personeelsadministratie blijkt dat alleen al tussen 1700-1794 niet minder dan 655.000 opvarende personen worden vermeld. In de periode 1633-1794 zijn tot op heden 25 mannen uit Bennebroek afkomstig geregistreerd. Daaronder drie uit één familie: Cornelis Langeveld (1713), Jan Langeveld (1745) en Willem Langeveld (1746). Uit dezelfde periode zijn nu 38 personen uit Heemstede bekend onder wie de broers Dirk en Pieter Boekhorst (1779/1780). Minder dan bijvoorbeeld Hillegom met 51 mannen en Aalsmeer 96. Dankzij een zopas gepubliceerd boek ‘Aalsmeerders bij de VOC’ door Jan Willem de Wijn, inclusief twee buurten, intussen uitgebreid tot 205 mensen. Uit Berkenrode staat 1 persoon vermeld, zekere Jan Tijcken, die in 1728 zijn uitreis aanvaardde op het schip Berkenrode (!). Verder worden uit buurtschap De Glip: Johan Staphorst (1756) en Jan Berder (1768) genoemd.

Varia

* Het heengaan van Harry Mulisch op 30 oktober 2010 leidde tot veel publiciteit. Beeldend kunstenaar Ellen Wolff, die eerder een portretbuste van Adriaen Pauw vervaardigde, heeft intussen een kleimodel vervaardigd van Mulisch, die zoals bekend van 1938 tot 1941 op het adres Spaarnzichtlaan 23 woonde met zijn vader en huishoudster Frieda Falk, en zijn eerste pennenvruchten kort na de oorlog publiceerde in het weekblad ‘Heemsteeds Leven’. Het verhaal ‘De sprong der paarden en de zoete zee’ is volgens Mulisch aan dit huis gebonden Van 1 tot 10 augustus 1947 bevolkten meer dan drieduizend kampeerders de terreinen van landgoed Groenendaal, naar aanleiding van een door de ANWB en International Federation of Camping Clubs georganiseerde autorally.  De toen 19-jarige Harry Mulisch overhandigde bij die gelegenheid aan perschef Veeninga in de theekoepel het manuscript van ‘Ik, Bubanik’, dat in een bureaulade belandde en uiteindelijk in 1994 is gepubliceerd.

* De Haarlemse woonwijk Zuiderhout, tot mei 1927 behorende bij de gemeente Heemstede, wordt momenteel bestudeerd en beschreven voor een boekpublicatie. De heer Klaas de Jong, lid van de Historische Werkgroep Haarlem, verzamelt hiertoe documentair materiaal, anekdotes, achtergrondverhalen e.d. Zijn e-mail adres is: klaasonderzoek@gmail.com

* In 2011 bestaat kinderboerderij ’t Molentje in Groenendaal 60 jaar. Het is de bedoeling dat bij die gelegenheid een gedenkuitgave verschijnt. Verhalen en foto’s kunnen worden gezonden naar Marijke Popping, Prof. Asserlaan1, 2105 TK Heemstede of per e-mail: ingrid-schenk@live.nl

Hans Krol (Heemstede)

Twee van de vier kleinschalige appartementencomplexen met in totaal 34 appartementen op het landgoed Hagenduin, deel van de voormalige overplaats van de Hartekamp. Rechts de vroegere blekerij (Bleeklust) en vervolgens buitenplaats de Gliphoeve.