Tags

,

EIGENAREN VAN BUITENPLAATS  HET PARADIJS/MEER EN BOSCH

1643  Anna Dupiere, weduwe van wijlen Artes de Cortes uit Amsterdam, verkoopt  “Zeeckere huijsinge en de boomgaart genaempt het Paradijs” aan Cornelis de Vrij, bewindvoerder van de Verenigde Oost-Indische Compagnie voor ƒ 3.150,-.

1650 Na zijn overlijden vererving door dochter Geertruijd de Vrij, gehuwd met dr. Roetert Ernst, schepen van Amsterdam. [Deze kocht in 1668 een boerderij ten zuiden van het Paradijs voor ƒ 1.800,- uit de erfenis van Hendrik Janszoon Langeveld].

1686 Na het overlijden van Ernst (26-1-1685) verkopen de erfgenamen deze hofstede aan Nicolaas van der Hage uit Amsterdam voor slechts ƒ 1.900,-.Deze bouwde een nieuw herenhuis

1695/1696  Erfgenamen van Van der Hage transporteren het Paradijs aan Johan Engelaert Jappin voor ƒ 8.000 gulden.

1699 De weduwe van Jappin, Agatha Temmingh, verkoopt de buitenplaats voor ƒ 8.000,- aan Aernout van Lennep, koopman te Amsterdam. [Uitbreiding van het buiten met een koepel, menagerie (met hoender- en duivenhokken), koetshuis, tuinmanswoning, moes- en fruittuinen e.d.]

1750 huwde Jacoba van Lennep, een kleindochter van Aernout van Lennep, met Daniel Bierens.

1798 De erfgenamen van Bierens verkopen het Paradijs voor ƒ 21.100,- aan Hendrik Gabriel Certon. [Twintig jaar eerder had deze al een perceel bos- en weiland aangekocht van ruim 6 morgen aan de dorpsachterweg]. Certon gaf zijn nieuw verworven bezit de naam ‘Meer en Bosch’.

1805 Certon transporteert Meer en Bosch, groot 30 morgen, aan de staatsman en geleerde mr. Johan Valckenaar uit Leiden. Tegelijk met o.a. een boerenwoning, 5 huizen en weiland ten noorden van de kerk, een geestland, een stuk weiland met moestuin en bos van de gewezen hofstede Valkenburg. In totaliteit voor ƒ32.000,-.

Johan Valckenaer (1759-1821) op een anoniem schilderij uit 1799 (RKD-Den Haag)

Johan Valckenaer (1759-1821) op een anoniem schilderij uit 1799 (RKD-Den Haag)

Over Huis Te Bijweg en Johan Valckenaer, zie: Het verdwenen Huis te Bijweg; door Peter van der Werff, in: Ons Bloemendaal, nummer 4, jaargang 36, winter 2012, p. 13-17.

1810  Johan Valckenaar verkoopt Meer en Bosch  voor ƒ 5000,- evenals grond en erven van 5 woonhuizen voor ƒ 12.100,- aan de Amsterdamse koopman David du Bois.

1819 Meer en Bosch c.a. wordt voor 26.000 gulden overgedaan aan de Amsterdammer Hermannus Joannes Cornelius Kock, koopman in wijnen. [Met zijn zaak op de Keizersgracht ging hij in Heemstede wonen]

1830  Voornoemde Kock verkoopt de buitenplaats voor aanzienlijk minder namelijk 18.000 gulden aan Jan David Nicolaas  van der Trappen. [Deze verhuurde het herenhuis en bleef echter wonen op huize Rhoodenstein in Langbroek].

1833 Verkoop aan jonkheer Everard van Weede van Dijkveld, griffier van de Eerste Kamer, voor ƒ 17.500,-. Hij was in 1801 gehuwd met Cornelia Maria van Lennep te Amsterdam. Men gebruikte het buiten als zomerverblijf.

jhr. Everard van Weede (1775-1844)

Cornelia Maria van Lennep (1775-1855), echtgenote van Everard van Weede

P.J.Lutgers steendruk van Meer en Bosch circa 1842

1844-1855. In 1844 overleed jonkheer Van Weede en in 1855 zijn echtgenote. Vanaf 1853 is Meer en Bosch verhuurd aan mr. M.S.P.Pabst, burgemeester van Heemstede, na 1856 burgemeester van de nieuwe gemeente Haarlemmermeer. In 1855 is een dochter Cornelia Margaretha van Weede van Dijkveld, gehuwd met ds. Bernard Gewin – 1 oktober 1854 opvolger van Nicolaas Beets als predikant – eigenaar geworden van Meer en Bosch.

1861 Verkoop van Meer en Bosch aan mr. Pabst, die 11 juli 1863 is overleden.

Graf van mr.M.S.P.Pabst (1818-1868), Algemene Begraafplaats Heemstede

Graf van mr.M.S.P.Pabst (1818-1868), Algemene Begraafplaats Heemstede

1865 Verkoop door weduwe Petronella Louise Caroline Pabst, geboren Baud, voor 17.400 gulden aan Samuel Tate Freeman uit Brighton. [Deze was als ingenieur verbonden aan de maatschappij die het Noordzeekanaal aanlegde. In 1866 heeft hij zich met zijn gezin bestaande uit 13 personen in Heemstede. Hij liet twee gedeelten van het huis bijbouwen. In 1870 zijn zeven kinderen twee dienstboden getroffen door difterie en zijn ten gevolge waarvan 3 kinderen overleden. In 1871 overleed de heer S.T.Freeman]

1873  Verkoop door de weduwe mw. Freeman-Lindsay aan Marie Prosper Theodore Prévinaire, in 1821 geboren te Molenbeek (België), directeur van katoenfabriek ‘de Phoenix’ in Haarlem voor ƒ 25.000,-.

1878  De hofstede door Prévinaire voor een veel lager bedrag van ƒ 14.500,- verkocht aan koopman Maarten Verdel. Deze verhuurde het buiten voor een jaarlijkse huurprijs van  1.350 gulden aan mr. David Arnoud Willink.

David Arnoud Willink (1844-1891)

1885  M.Verdel verkoopt Meer en Bosch, groot 2 hectare en 50 are) voor ƒ 25.000,-  aan de Christelijke Vereeniging voor de Verpleging van Lijders aan Vallende Ziekte, bedoeld voor jongens en mannen. [In 1882 was op initiatief van jonkvrouw A.J.M.Teding van Berkhout onder de naam ‘Zoar’ op het adres Nieuwe Gracht 90 in Haarlem een dergelijke inrichting voor meisjes en vrouwen gestart, na 1884 uitgebreid met Bethesda en 1888 met Sarepta].

Vooraanzicht van het huidige herenhuis van Meer en Bosch

Scan1337

Gang hoofdgebouw Meer en Bosch, circa 1960

Literatuur: C.Peper. Historie hofstede Het ‘Paradijs’ later ‘Meer en Bosch’ te Heemstede. VOHB, 1960.

Meerenbosch

Luchtfoto Meer  en Bosch complex in Heemstede, KLM 1995

Cruquiushoeve1

Luchtfoto Cruquiushoeve (Cruquius, Haarlemmermeer) KLM, 1995

Cruquiushoeve2

Luchtfoto van ander deel Cruquiushoeve. KLM- 1995