Voorgevel Vredenhof met karakteristiek uitspringend balkon (foto Jos Fielmich)

HET VERBLIJF VAN TSAAR PETER DE GROTE EN TSARINA CATHARINA 1 IN DE HOFSTEDE HOUT EN DUYNZIGT/VREDENHOF

Tsaar Peter de Grote, keizer aller Russen, uit het geslacht Romanov – dat van 1613 tot 1917 0ver Rusland heeft geregeerd – is in de Hout onder Heemstede minstens één dag op bezoek geweest. Zijn gemalin Catharina de Eerste verbleef op buitenplaats ‘Hout en Duynzigt’ in de zomermaanden van 1717 en is acht jaar na zijn overlijden keizerin van het Russische Rijk geweest van 1725 tot haar dood in 1727. Catharina, geboren Marita Skavronskaja, stamde uit een eenvoudig boerengezin van Pools-Litouwse herkomst.

Tsaar Peter de Grote

Peter de Grote (1672-1725), zoon van monarch Alexej, regeerde Rusland van 1682 tot 1689 met zijn broer Iwan V, en nadien als alleeheerser. Deze tsaar heeft vermaardheid gekregen dankzij zijn pogingen de Westerse beschaving in Rusland te introduceren en door in 1703 de hoofdstad te verleggen van Moskou naar Sint-Petersburg. Op zijn eerste reis naar Holland (en Engeland) van 18 augustus 1697 tot 3 juni 1698 verbleef hij vier maanden in een huisje op de VOC-Admiraliteit van Amsterdam om als timmermansleerling aan een fregat te werken. Eerder verbleef hij acht dagen in Zaandam waar het in stand gehouden Tsaar Peter-huisje aan herinnert. In die periode moet hij ook een sierkwekerij rond Haarlem bezocht hebben. Uit een brief die tsaar Peter de Grote vanuit Vyvorg in 1712 schreef aan prins Koerakin, de Russische ambassadeur in Nederland, blijkt namelijk: “In Holland, nabij Haarlem, staan gekweekte (dus geen wilde) linden in de zandgrond. (…) Draagt u er zorg voor zo’n tweeduizend stuks van die bomen aan te schaffen. Ze moeten op het schip worden ingeladen met de wortels in het zand, dat dan als ballast kan dienen, en van het najaar verscheept naar Petersburg” Deze bomen zijn met andere voorwerpen naar Petersburg verscheept op fregatten onder begeleiding van een Engels en een Nederlands konvooi.”(2).

Tsarina Catharina 1, gemalin van Peter de Grote

In 1716-1717 zou Peter (intussen getrouwd met Catharina), ingegeven door een ontembare drang naar nieuwsgierigheid, nogmaals West-Europa bezoeken. Nu niet zoals 20 jaar eerder onder incognito onder schuilnaam Pieter Timmerman (of Pieterbaas) maar met staatkundige bedoelingen. Tegelijkertijd maakte hij kennis met vele geleerden en ronselde ingenieurs en bekwame ambachtslieden on in het Russische Rijk te komen werken. Peter de Grote verzamelde voorts allerlei objecten, zoals boeken, kaarten, naturalia, beelden en kunstwerken voor de door hem op te richten ‘Kunstkamer’- een museum en bibliotheek – aan de kade van de Newa in St. Petersburg. In Amsterdam is hij ontvangen in de stadswoning aan de Keizersgracht van zijn vriend, de koopman Christoffel Brants (3). Na een begroeting door de Heren Burgemeesteren in de Grote Doelen van de tsaar tot teleurstelling van Brants zijn intrek in de woning van Solowjow (Soloffihoff) op de Herengracht bij de Vijzelstraat. Zijn paleisachtige herenhuis ‘De vergulde Turkse Keyser’, tegenwoordig nummer 527, was gehuurd van Jacob Jacobszoon Hinlopen. Solowjow moest daartoe zijn huis helemaal ontruimen. Het ‘Groot Moscovitisch Gezelschap’ (4) nam zijn intrek in de Kloveniersdoelen. Medio januari werd Peter ernstig ziek en diende hij een aantal weken het bed houden. Op 13 februari kwam zijn vrouw Catharina aan, die een maande eerder het prinsje Paul had gebaard, dat kort na de geboorte in het kraambed was overleden. Begin maart voelde Peter zich voldoende hersteld om na 20 jaar de Zaanstreek te zien, gevolgd door excursies naar verscheidene Hollandse steden en buitenplaatsen aan de Vecht. Op 10 april vertrok hij vanuit Middelburg via Vlissingen en Antwerpen naar Frankrijk voor een langdurig privé- en staatsbezoek, gevolgd door een verblijf van een maand in het Belgische kuuroord Spa.

Hofstede Hout en Duynzigt (Vredenhof)

Vredemhof

Vredenhof omstreek 1842 gelithografeerd door P.J.Lutgers, op dat bewoond door Vas Visser

Dimitri Solowjow, die hoofd was van een Russisch handelskantoor, kon dankzij een Amsterdams koopman waarmee hij sinds 1714 zaken deed tijdelijk beschikken over het buiten van Johannes Baelde onder Heemstede in de Haarlemmerhout. Dat betrof ‘Hout en Duynzigt’, later ‘Vredenhof’ geheten “aan de groote Heereweg schuin over de Haarlemmerhout, groot 1 morgen circa 328 roeden” (5). Nog altijd aan de Wagenweg gelegen, sinds  de annexatie van 1927 Haarlems grondgebied, en nadien mede bekend als atelierwoning van de beeldhouwer Mari Andriessen (1897-1979). J.Baelde (1664-1720) woonde sinds 1708 in een herenhuis met stalling en pakzolders aan de Herengracht in Amsterdam.

Dankzij handel op de Levant en de Oostzeekust in goeden doen geraakt kocht hij op 12 maart 1710 van de erfgenamen der weduwe van LouisTrip een hofstede ‘Hout en Duynzigt’ onder Heemstede voor ƒ 5.000,- exclusief ƒ 2.000,-als vergoeding voor overgenomen tuinsieraden en inboedel. Hij verfraaide het buiten en gaf het in de zomer van 1717 in bruikleen aan voornoemde Solowjow, die ‘verplicht’ was tijdens diens verblijf in Holland zijn stadswoning aan de tsaar af te staan. Vanuit het huis, gelegen nabij de herberg ‘Het Dronkenhuisje, had men noordoostelijk zicht op de Hout en naar het zuiden en westen op de duinen. Tijdens het staatsbezoek van Peter aan Frankrijk verbleef de tsarina – die vanwege haar lage komaf niet meereisde naar het Franse hof met zijn strenge etiquette – in het Amsterdamse huis van Solowjow, “maar meestentijds op diens buitenplaats in de Haarlemmerhout” (6). Dat was in de zomermaanden mei tot augustus. De tsarina kon er in de rustieke omgeving tot rust komen en na de vermoeienissen van het reizen en het verlies van een pasgeboren baby. Ze wandelde veel in de “wildernisse”, ging spelevaren op het Spaarne en beschikte over een onbeperkte wijnvoorraad. De Haagse kunstschilder Carel de Moor (1656-1738) vervaardigde in 1717 een portret van Catharina. Dat gebeurde op voordracht van gezant Koerakin.

Buiten Vredenhof. (Noord-Hollands Archief). Zie ook: Verhaal Vredenhof, op site van Oneindig Noord-Holland.

Buiten Vredenhof. (Noord-Hollands Archief). Zie ook: Verhaal Vredenhof, op site van Oneindig Noord-Holland.

Op 24 mei liet het Amsterdamse stadsbestuur te harer ere een spiegelgevecht houden op het IJ, waarbij de jachten die hieraan deelnamen in twee eskaders waren verdeeld. Tegen de avond “voegden de beide Esquaders zich te zamen, maakten eene Vrede en geleidden Hare Czaarse Majesteyt in triomf na de Stad.” De slippertjes van Peter met Parijse straatmeiden beletten hem niet een tedere briefwisseling met zijn achtergebleven vrouw te onderhouden. Zij antwoordde te hopen tot haar dood van hem, ook als grijsaard te blijven houden.” In het Heemsteedse buitenhuis vervoegde zich de tsaar toen hij begin augustus uit Frankrijk was teruggekeerd. De biograaf Troyat schrijft: “Wanneer hij in Holland Catharina terugziet, stroomt hij over van mannelijke tederheid. Zij is de meest bedrogen en meest beminde vrouw ter wereld.” Vervolgens ging het echtpaar weer naar Amsterdam waar Peter voor 15.000 gulden het anatomisch kabinet van Seba kocht. Deze apotheker bemiddelde bij de aankoop van de door de Amsterdamse hoogleraar Frederik Ruysch bijeengebrachte collectie anatomische preparaten ten bedrage van 30.000 gulden. Verder zijn via leden van zijn gevolg talrijke schilderijen uit de Oudhollandse School aangeschaft. Van Rembrandt, Adriaen van de Velde, Ludolf Backhuysen, Jan Steen en anderen die hedentendage in de Hermitage prijken. Behalve bezoeken aan onder meer de Hortus, de Beemster, Texel en het Loo bezocht het paar diverse malen de lusthof ‘Petersburg’ van zijn vriend Christoffel Brants, resident (handelsagent) van de tsaar in Amsterdam. Dit met prachtige tuinen in geometrische stijl omgeven landhuis, ontworpen door Simon Schijnvoet, was gelegen aan de Vecht tussen Nederhorst den Berg en Nigtevecht (7).

Bezoek via de Vecht van Peter de Grote aan Petersburg op een ets van Daniel Stoopendaal

Brants is wegens zijn zakelijke verdiensten verheven in de Russische adelstand. De afscheidsreceptie had plaats op 31 augustus en vanwege het noodweer heeft het uitgebreide gezelschap één dag later de terugreis naar het vaderland aanvaard (8). Het vorstenpaar vertrok op het “buitenjagt” over Haarlem en Gouda naar Dordrecht, vanwaar de tsarina weer op eigen gelegenheid verder reisde. Peter de Grote had zijn tijdelijke residentie in Amsterdam in grote wanorde (‘ontramponeert’) achtergelaten. Tot overmaat van ramp is Dimitri Solowjow van ernstige corruptie beticht. Op bevel van de tsaar zijn alle financiële bescheiden in beslag genomen en heeft men de handelsagent naar Rusland teruggezonden, waar hij voorgoed in ongenade viel.

De hofstede Hout en Duynzigt is in 1720 door de weduwe van J.Baelde verkocht aan François de Vicq (1679- 3 december 1730), o.a. schepen der stad Amsterdam en gehuwd met Maria Constantia Mels (1684-1731). Erfgenamen van laatstgenoemde transporteerden het onder de Heerlijkheid Heemstede gelegen buiten op 30 september 1736 aan Isaäc Lohoff, koopman te Amsterdam.

Vredenhof aan de Wagenweg in Haarlem

Noten

(1) Van A.M.Hulkenberg verscheen een artikel ‘De keizer aller Russen te Lisse, 1814’, opgenomen in het boekwerk ‘Uit Leidse bron geleverd’. Leiden, Gemeentearchief, 1989, pp.476-482.

(2) Citaat uit het boek: ‘Culturele en wetenschappelijke betrekkingen tussen Rusland en Nederland ten tijde van tsaar Peter de Grote. Bussum enz., Thoth etc., 1997, pagina 128.

(3) J.F.L.de Balbian Verster, Peter de Groote te Amsterdam. In: Jaarboek van het Genootschap Amstelodamum, 1919, pp.131-146. J.F.L.de Balbian Verster, Peter de Grote en Amsterdam. In: Jaarboek Amstelodamum, 1920, pp.31-47. J.F.L.de Balbian Verster, Christoffel Brants en zijn buitenverblijf. Petersburg. In: Jaarboekje Niftarlake, 1925, pp.41-48. Deze en andere publicaties zijn ten dele gebaseerd op het boek met feiten maar ook veel (minder betrouwbare) overleveringen van: P.Scheltema, Peter de Groote in Holland en te Zaandam in 1697 en 1717. Amsterdam, 1814. Tweede druk 1842.

(4) Volgens een tijdgenoot, mevrouw Maria Schaep (echtgenote van burgemeester Hendrick Bicker), stalen de Russische hovelingen als raven, ook van elkaar, en was bij een bezoek van de tsaar met zijn gevolg niets veilig: “al ’t volck is seer morssig en steelen ’t goet van malkanderen en sleepen ’t elck naer syn hol, soodat men moet passen op haer handen of ’t is wegh.”

(5) A.van Damme, De buitenplaatsen te Heemstede… Haarlem, 1903, pp.117-122. E.J.Haslinghuis, Buitenplaats van Soloffihoff in den Haarlemmerhout. In: Maandblad Amstelodamum, 1917, pagina 72.

(6) J.F.L.de Balbian Verster, Peter de Groote te Amsterdam in 1717. In: Maandblad Amstelodamum, 1917, pagina 51. Zie ook literatuuropgave in noot 3

(7) In het plaatwerk ‘De Zegepraalende Vecht’ uit 1719 zijn niet minder dan 12 kopergravures van Petersburg opgenomen. Op sommige van deze afbeeldingen is door Daniel Stoopendaal het afscheidsbezoek in augustus 1717 van de tsaar en zijn gevolg weergegeven.

(8) De kosten van het bezoek hebben Nederland en Rusland een vermogen gekost. Deze bedroegen in 1697-1698 ongeveer 200.000 gulden. Inclusief aankopen minstens 200.000 roebel, in die tijd ongeveer een-tiende van de (armzalige) Russische staatsbegroting. Ook ten aanzien van het tweede Russische staatsbezoek aan de Republiek is sprake geweest van gigantische bedragen, ook al bedroeg de Russische staatsbegroting inmiddels ongeveer 9 miljoen roebel.

Hans Krol

Tsarina Catharina I (1684-1717) door Carel de Moor, 1717. In bezit van de Hermitage, Sint Petersburg (foto RKD)

Tsarina Catharina I (1684-1717) door Carel de Moor, 1717. In bezit van de Hermitage, Sint Petersburg (foto RKD)

catharina

Borstbeeld van Catharina de Grote door Ellen Wolff, 2016

Een standbeeld van de boomlange Peter de Grote (die circa 2.05 meter lang was) in Rotterdam,  geschonken door een Russische delegatie van ondernemers in de houthandel

Karel Ackema publiceerde in Jaarboek Haerlem 2006 een artikel: ‘Vredenhof; een bewonersgeschiedenis (blz. 30-59) op basis waarvan het volgende overzicht:

Eigenaren/bewoners van de buitenplaats ‘Hout en Duynzigt’/’Vredenhof’

1685 Verkoop aan Louis Trip (1653-1707), koopman in Amsterdam

1707-1710  Echtgenote Anna Nuyts

1710 verkoop door zoon Hendrik Trip namens zijn moeder aan Johannes Baelde (1664-1720), koopman en directeur van de Levantse handel

Baelde

Portret van Johannes Baelde (1664- 1720) door mr.Meijer uit Leiden (RKD, iconografisch bureau)

1720 transport aan François de Vicq (die eerder in 1717 de hofstede Overmeer in Heemstede had gekocht uit speculatiedoeleinden en na verloop met ƒ 300,- winst in 1720 nogmaals eigenaar was van 1724-1726 toen met een klein verlies doorverkocht)

Portetschilderij van Francois de Vicq (1679-1730) (RKD; iconografisch bureau)

Portetschilderij van Francois de Vicq (1679-1730) (RKD; iconografisch bureau)

1736 executeurs-testamentair verkopen de hofstede voor 4975 gulden aan Isaac Lohoff, koopman in Amsterdam.

1750 wordt Vredenhof verkocht aan de Haarlemmer Floris Visscher, zijdefabrikant en handelaar, die in 1763 overleed waarna Vredenhof in bezit komt van zijn echtgenote en vervolgens hun dochter Anna Maria Visscher

Portrertten van Dirk Willem Hendrik van Brakel (...-1787) en Anna Maria van Brakel-Visscher (1729-1793)

Portretten van Dirk Willem Hendrik van Brakel (…-1787) en Anna Maria van Brakel-Visscher (1729-1793)

Vredenhof. Tekening pen en penseel van Cornelis Pronk, 1731 (NHA)

Vredenhof. Tekening pen en penseel van Cornelis Pronk, 1731 (NHA)

1783 verkoop voor 23.600 gulden aan Hendrik Hovij, koopman te Amsterdam.

1789 overdracht aan Leonard Rutgers van Rozenburg Davidsz., koopman te Amsterdam

1791-1797 vruchtgebruik weduwe dat met haar overlijden in 1797 kwam te vervallen.

1797 erfgenamen verkopen Vredenhof aan Hermanus Verwit Aschenberg uit Amsterdam

1828 na overlijden van kinderloos echtpaar is Vredenhof nagelaten aan beide families. Mr. Jacob de Jong (1768-1838) wordt na huurder nieuwe eigenaar en deze verkoopt Vredenburg in

1838 aan koopman en eigenaar van oliemolen s Vasterd Vas Visser uit Wormerveer voor 30.090 gulden. Hij overleed op Vredenhof 7 september 1844. Zijn vrouw Catharina Smit overlijdt in 1862 waarna de hofstede in 1863 wordt geveild en wordt aangekocht door Ernst Christiaan Büchner, geneesheer  in Amsterdam voor ƒ 20.700,-.

1876 veiling in Amsterdam en via een makelaar komt Vredenhof in handen van Godefridus Nicolaas van den Berg, logementhouder in de Haarlemmerhout, gemeente Heemstede

1881 verkoop voor ƒ 36.000,- aan Jannetje Susanna Hendrika Hanebeek uit Amsterdam.

Na haar overlijden in 1888 gaat de buitenplaats over naar 3 familieleden Haanebeek

1888 verkopen zij de hofstede voor ƒ 27.000,- aan de heren Johannes Mattheus en Hendrik Polman Mooij, bloemisten uit Haarlem.

1922 besluiten zij het gezamenlijk bezit van de hand te doen en Vredenhof valt uiteen en houdt de buitenplaats op te bestaan. De heer Albert Heyn bouwt op een stuk grond de villa Nijenhove. De villa Vredenhof komt met naaste omgeving in handen van Martinus Loosjes, in 1951 overleden. Vredenhof is o.a. verhuurd als woning en atelier aan de beeldhouwer Mari Andriessen vanaf 1930 tot de dood van zijn weduwe op 30 mei 1990.

Tsaar Peter de Grote op bezoek bij verzamelaar Jacob de Wilde in Amsterdam, 13 december 1697. Prent van 'Museum Wildianum' door Maria de Wilde met links de tsaar en rechts Jacob de Wilde

Tsaar Peter de Grote op bezoek bij verzamelaar Jacob de Wilde in Amsterdam, 13 december 1697. Prent van ‘Museum Wildianum’ door Maria de Wilde met links de tsaar en rechts Jacob de Wilde

Sculptuur van Peter de Grote als timmermansleerling in Zaandam

Uit folder Czaar Peter huisje Zaandam

Uit folder Czaar Peter huisje Zaandam

Exterieur en interieur van het Czaar Peter Huisje in Zaandam

Exterieur en interieur van het Czaar Peter Huisje in Zaandam

=================================================

Enkele foto’s van Vredenhof (1999)

Huize Vredenhof aan de Wagenweg Haarlem

Huize Vredenhof aan de Wagenweg Haarlem

Vredenhof gezien vanaf Heemsteedse kant (1999)

Vredenhof gezien vanaf Heemsteedse kant (1999)

Voorzijde Vredenhof, voorheen

Voorzijde Vredenhof, voorheen Hout en Duyzigt

Zuidezijde Vredenhof aan de Wagenweg in Haarlem, voor 1927 in Heemstede gelegen

Zuidezijde Vredenhof aan de Wagenweg in Haarlem, voor 1927 in Heemstede gelegen