Tags

, ,

Nicolaas Beets           Godfried Bomans                 Piet Schröder

Op 9 december 1898 schreef Nicolaas Beets (1814-1903) vanuit Utrecht bijgaand briefje aan zijn collega ‘dominee-dichter’ Eliza Laurillard (1830-1908) in Santpoort.

Brief van Beets aan Laurillard, als missive vanwege diens verjaardag door Godfried Bomans doorgezonden naar Piet Schröder

Het schrijven gaat over de voorbereiding om bij zijn 84ste verjaardag een borstbeeld voor plaatsing aan te bieden in Het Rijksmuseum, met welk voorstel Nicolaas Beets gaarne instemt. Dit schrijven is in het bezit gekomen van Godfried Bomans die op de blanco zijde schreef: Kleine missive van den meester zelven, aan den den voorzitter der Vereniging “Vrienden van de Camera Obscura”  eerbiediglijk aangeboden op diens verjaardag, 27 april 1964, door Godfried Bomans.” Op de enveloppe schreef Bomans: “Aan den jarigen Piet van den goeden Godfried 27 april 1964.” Godfried Bomans woonde op dat moment in Bloemendaal. Een postzegel ontbreekt, maar mede gelet op de waarde van de inhoud zal Bomans de brief vermoedelijk persoonlijk hebben afgegeven op het adres Beelslaan 24. Via de weduwe, de schrijfster Miep Schröder-van Gogh (1905-1995) kwam het terecht in de Heemsteedse Beets-collectie.

Over Nicolaas Beets in relatie tot diens Heemsteedse tijd (1840-1854)  is veel geschreven o.a. in de biografieën van P.D.Chantepie de la Saussaye, dr. Van Rijn en dominee Sneller. Hier beperk ik mij tot de herinneringen van Maurits Jacob van Lennep (1830-1913), een zoon van de schrijver en rijksadvocaat mr.Jacob van Lennep. Hij schreef onder meer: ‘Papa was zeer gelieerd met pastoor Coppens van de Vogelenzang. Over en weer legden zij bij elkaar bezoeken af en dan schaakten zij samen ieder met een lange Goudse pijp in de maond (want cigaren rookte Papa zelden, maar hij snoof helaas! evenals Grootpapa. Ik herinner mij ook dat Ds. N.Beets, predikant sinds 1840 in Heemstede, eens tegelijk met de pastoor Coppens bij ons dineerde en de omgang allervriendelijkst was. Bij Ds. Beets catechiseerde ik met (boer) Christiaan en onze neef en nicht Henrick Samuel en Betje van Lennep, kinderen van oom Henk en tante Antje, en wel van 1840 af. zodat ik een zijner oudste catechisanten was. In Amsterdam kreeg ik les van catechiseermeester  Schuurman en later met Herman van Lennep van Dominee Muntendam. Voor Ds. Beets was in Heemstede Ds.Hupkens , zijn vrouw noemden wij juffrouw, maar toen hij theologisch drs. was noemden wij haar mevrouw.  Toen Ds.Beets door zijn vriend J.P.Hasebroek, die te Heiloo stond, in 1840 ’s ochtends bevestigd was, zeide papa aan de heren Gregory Pierson en de Marez Oyens, die te Bloemendaal buiten ware, dat zij ’s middags naar de intreepreek moesten komen luisteren, en zij dan nog iets mooiers zouden horen. Die raad volgden zij op en toen waren zij zó verrukt dat zij later geen Zondag verzuimden Beets te aan horen. De heer Loosjes schrijft ergens dat er moed toe behoorde om uit Haarlem naar Heemstede te wandelen ten einde Beets te horen preken, dewijl men dan voor een fijne gescholden werd. De van Lennepenbank was elke Zondag goed bezet. Vooraan zat Grootpapa, wiens grijze hoofd Beets altijd eerbied, ontzag en vrees inboezemde, omdat hij wist, dat wanneer hij zich in de exegese van de tekst vergist had, Grootpapa hem deswege later beter zou inlichten. Dan volgde oom Henk van Leiduin of Papa zolang wij Woestduin zomers bewoonden of Dirk, de bewoner van Meer en Berg, voorts enige zoons van het Manpad, zelden Kees, omdat die altijd Zondags toevallig pijn in de rug had of te bed bleef of er soms een houtsnip te schieten viel. Later is Kees [= Cornelis] burgemeester van Heemstede geworden en ging toen geregeld ter Kerke. Van het godsdienstonderwijs dat Beets ons gaf, herinner ik mij hoegenaamd niets. Wij maakten opstellen waarin Betje uitmuntte, en waren bang als wij naar de pastorie liepen of met de ezelwagen reden om de gekke jongen van de Glip te ontmoeten, die in een lange blauwe kiel de buurt onveilig maakte en ons wel eens met stenen gooide. Mevrouw Aleida Beets, geboren van Foreest, kreeg kind op kind en zag er vroeg oud, moe en gebogen uit, en ik kan mij haar niet anders voorstellen dan met een mand verstelgoed naast zich en een baby in de wieg. De preken van Beets waren bijzonder mooi maar ik had er niets aan en mij duurde de dienst altijd te lang terwijl de dronken koster mij ergerde en het mij trof dat Beets zo dikwijls het 1e vers van Psalm 65 liet zingen. Beets had het geloof ik niet gemakkelijk te Heemstede, want zijn kerkeraad bestond uit hyperorthodoxe lieden als Munk, de timmerman, tuinbazen en soortgelijken, terwijl hij het Evangelie verkondigde. De voorzanger in de kerk heette [bovenmeester] Harrebomée en had de bijnaam van Triton omdat hij groene haren had.’

‘Herder’ Nicolaas Beets, met een boek in de hand, boeken en schrijgerei op de tafel en boeken achter een gordijn op de achtergrond, in de pastorie met de kerk op de achtergrond. Gravure door Dirk Jurriaan Sluyter

Portret Nicolaas Beets (in collectie Historische Vereniging Heemstede Bennebroek)

Schilderstuk Nicolaas Beets in Heemsteeds bezit (De Koerier, 31 oktober 1984)

Heemsteedse Koerier, 19-11-1984

Wandbordje met een bekend vers ‘Bemoediging’ van Nicolaas Beets (HVHB)

Een broer Christiaan van Lennep (1828-1908) schreef in diens Jeugdherinneringen: ‘Als wij te Woestduin waren gingen wij met Beth en Henrik in het rijtuig van oom Henk op catechesatie bij Dominee Beets te Heemstede, wat wij heerlijk vonden, want de minzame man was een interessante docent en las ons na de lesverzen van hem en gaf ons in zijn tuin heerlijke appelen en peren. Alle Zondagen gingen wij bij hem ter kerke en zaten in een bank over Grootpapa en zijn zoons. In diezelfde bank zat de notaris Crommelin, die zoo valsch zong dat mijn ooms hem de gebarsten orgelpijp noemden. In een bank lager zat een lange, oude, lelijke isegrim, die als hij in zijn bank kwam, een geruimen tijd, achter zijn hoed bad, vóór hij ging zitten.’ 

Godfried Bomans op een ansicht van uitgeverij Elsevier

Dr. P.H. (Piet) Schröder leefde van 1900 tot 1983 en was zowel historicus als neerlandicus. In 1932 promoveerde hij op het proefschrift ‘Parodieën in de Nederlandse letterkunde’. Jarenlang heeft hij een rol van betekenis gespeeld in het culturele leven van de stad Haarlem. Op landelijk terrein was hij o.a. Algemeen Secretaris van de Maatschappij tot Nut van het Algemeen en zette zich in voor bibliobussen ofwel ‘rijdende bibliotheken’, een initiatief om boeken op deze wijze op het platteland bij de mensen te brengen.  Voor de AVRO schreef hij meer dan 50 hoorspelen en stukken voor het amateurtoneel.

dr. Piet Schröder (27 april 1900 – 25 december 1983)

De veertigste verjaardag van Godfried Bomans gevierd in sociëteit Teisterbant. Links Wouter Paap, in het midden mw. Miep Schröder-van Gogh en rechts met sigaret en eretekenen Godfried Bomans

Tijdens de jaarvergadering van de Maatschappij tot Nut van 't Algemeen op 24 november 1964 in Amsterdam heeft de 84-jarige voorzitter van de 'Nederlandse Vereniging voor Reizende Bibliotheken', die sinds 1907 in het bestuur zat, mr. Gert Jan Salm (rechts op de foto), de voorzittershamer overgedragen aan zijn opvolger dr. P.H. Schröder (Neerlandicus uit Haarlem) (foto Ruud Hoff,ANP, Geheugen van Nederland, Kon. Bibliotheek),

Tijdens de jaarvergadering van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen op 24 november 1964 in Amsterdam heeft de 84-jarige voorzitter van de ‘Nederlandse Vereniging voor Reizende Bibliotheken’, die sinds 1907 in het bestuur zat, mr. Gert Jan Salm (rechts op de foto), de voorzittershamer overgedragen aan zijn opvolger dr. P.H. Schröder (Neerlandicus uit Haarlem) (foto Ruud Hoff,ANP, Geheugen van Nederland, Kon. Bibliotheek),

Affiche van spel ‘De vrijheid vlagt’, in 1946 geschreven door dr.P(ieter) H.Schröder

Necrologie dr. E.Laurillard, uit De Prins, 1908

Nicolaas Beets werd vermaard als schrijver van de ‘Camera Obscura’ dat hij schreef onder pseudoniem Hildebrand. In 1839 verscheen de eerste druk en in 1903 kort na zijn overlijden is de 22ste editie gepubliceerd. Van 1840-1854 was hij predikant in Heemstede, zich noemende ‘herder’, vervolgens predikant en hoogleraar in Utrecht. Zijn zoon Cornelis Beets was ook predikant, maar tevens portretschilder en beeldhouwer. Hij maakte bijgaand borstbeeld van zijn vader dat een plaats kreeg in het Rijksmuseum te Amsterdam

Buste van Nicolaas Beets, vervaardigd door zijn zoon Cornelis Beets. Het borstbeeld werd in 1898, vijf jaar voor zijn dood, door vrienden en vereerders aangeboden aan het Rijksmuseum

Van links naar rechts de borstbeelden van Nicolaas Beets (1814-1903), Johannes Petrus Hasebroek (1812-1896) en J.J.L.ten Kate (1819-1889), alledrie dominee èn dichter, in het Rijksmuseum

Portret van Nicolaas Beets in pastorie Heemstede. Staalgravure door D.J.Sluyter naar een schilderij van A.J.Ehnle. Op de achtergrond de Hervormde Kerk.

April 1884: Nicolaas Beets is benoemd tot ere-doctor van de Universiteit van Edinburgh

April 1884: Nicolaas Beets is benoemd tot ere-doctor van de Universiteit van Edinburgh

Foto van Nicolaas Beets in zijn studeerkamer in de Boothstraat te Utrecht

Op 14 september 2014, op de 200ste geboortedag van Nicolaas Beets, is voor de derde maal onder grote belangstelling na een restauratie het Hildebrand-monument in de Haarlemmerhout onthuld

Op 14 september 2014, op de 200ste geboortedag van Nicolaas Beets, is voor de derde maal onder grote belangstelling na een restauratie het Hildebrand-monument in de Haarlemmerhout onthuld

Nog een foto van de onthulling van het Hildebrand-monument in de Haarlemmerhout, 14-9-2014 (foto J.P.Teengs)

Nog een foto van de onthulling van het Hildebrand-monument in de Haarlemmerhout, 14-9-2014 (foto J.P.Teengs)

Het Hildebrand-monument bij avond (foto J.P.Teengs)

Het Hildebrand-monument bij avond (foto J.P.Teengs)

De originele beelden van het Hildebrand-monument door Bronner is in Heine te zien; replica's in de Haarlemmerhout en de gipsafgietsels met ingang van november 2014 in Museum Beelden aan Zee in Scheveningen (Tijdschrift van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, 2015, 1)

De originele beelden van het Hildebrand-monument door Bronner is in Heine te zien; replica’s in de Haarlemmerhout en de gipsafgietsels met ingang van november 2014 in Museum Beelden aan Zee in Scheveningen (Tijdschrift van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, 2015, 1)

22 en 23 november 2014 is door de Haarlemse letterlievende vereniging J.J.Cremer een toneelbewerking van Hildebrand en de familie Kegge opgevoerd in theater de Luifel te Heemstede. Op bovenstaande foto van J.P.Teengs zien we Rens Schrama als Hildebrand en Mady van den Bergh-Eldering als mevrouw Marisson, moeder van Hanna Kegge, in de bibliotheek

22 en 23 november 2014 is door de Haarlemse letterlievende vereniging J.J.Cremer een toneelbewerking van Hildebrand en de familie Kegge opgevoerd in theater de Luifel te Heemstede. Op bovenstaande foto van J.P.Teengs zien we Rens Schrama als Hildebrand en Mady van den Bergh-Eldering als mevrouw Marisson, moeder van Hanna Kegge, in de bibliotheek. Laatstgenoemde vierde haar 40-jarig jubileum bij de al 132 jaar bestaande Letterlievende Vereniging J.J.Cremer.

De mooie Henriëtte Kegge (dochter van Adam Kegge), gespeeld door Aymie Lenders en de hooghartige Van der Hoogen, in de persoon van Lodewijk de Ruiter (foto J.P.Teengs)

De mooie Henriëtte Kegge (dochter van Adam Kegge), gespeeld door Aymie Lenders en de hooghartige Van der Hoogen, in de persoon van Lodewijk de Ruiter (foto J.P.Teengs)

Adam Kegge, magistraal vertolkt door Willem Padt en Hanna, zijn vrouw, gespeeld door Jeanette Kluit in het door de al 132 jaar letterlievende vereniging J.J.Cremer gespeelde stuk met tekst en regie van René Retel.

Adam Kegge, magistraal vertolkt door Willem Padt en Hanna, zijn vrouw, gespeeld door Jeanette Kluit in het door de al 132 jaar letterlievende vereniging J.J.Cremer gespeelde stuk met tekst en regie van René Retel.