Tags

Geboren Fries werd predikant, maar trok zich in 1919 terug als dominee om zich in Haarlem als journalist en romanschrijver te vestigen

Portretje van H.G.Cannegieter uit ket Lectuurrepertorium

Portretje van H.G.Cannegieter uit het Lectuurrepertorium

HENDRIK GERRIT CANNEGIETER (1880-1966)

Van oud-bibliothecaresse mevrouw A. van Hall-Cannegieter uit Overveen, die in de openbare bibliotheken van Haarlem, Zandvoort en Heemstede werkte, ontving ik eind jaren 90 van de vorige eeuw voor de bewaarcollectie van de openbare bibliotheek Heemstede (sinds 2003 in de Heemstede-collectie van het Noord-Hollands Archief (locatie Kleine Houtweg), ongeveer een dertigtal publicaties van haar vader Hendrik Gerrit Cannegieter (1880-1966). (1). Deze was van beroep journalist en letterkundige. Hij stamde uit een geslacht van Friese predikanten, dat in de zeventiende eeuw vanuit het Duitse Steinfurt, onder de naam Kannegiesser, naar Friesland verhuisde. Geboren in het Friese Tzum in de gemeente Franekerdeel als zoon van notaris Dominicus Cannegieter en Trijntje Catharina Cundagunda Leesekamp.

Hendrik Gerrit Cannegieter in 1899 als gymnasiast in Leeuwarden

Hendrik Gerrit Cannegieter in 1899 als gymnasiast in Leeuwarden

Hij is genoemd naar zijn grootvader dr. H.G.Cannegieter, geneesheer te Hallum.

grootvader

De grootvader van de gelijknamige Hendrik Gerrit Cannegieter, die in augustus 1831 meedeed aan de Tiendaagse veldtocht naar België en van 1830-1832 kapiteen was bij de Friesche mobiele schutterij.  De kleinzoon wijdde er in 1930 een boek aan onder de titel ‘Grootvader’s Glorie’.

Hendrik volgde hij het gymnasium in Leeuwarden was hij na een studie theologie aan de universiteit van Groningen bijna dertien jaar predikant was, eerst in Jelsum, vervolgens in Lutjebroek van 1911-1914, ten slotte in Uitgeest, waar hij in 1919 op zijn verzoek eervol is ontslagen.

Viering van Sinterklaasavond door leden van 't selskip Frisia op sociëteit Mutera Fides, universiteit Groningen. Links naast het vaandel H.G.Cannegieter tussen Schpepers en Tjitse Hoekstra

Viering van Sinterklaasavond in 1901 door leden van ’t selskip Frisia op sociëteit Mutua Fides, universiteit Groningen. Links naast het vaandel H.G.Cannegieter tussen Schepers en Tjitse Hoekstra. Tweede van links is Gerardus van Binsbergen.

Achteraf speet het hem theologie te hebben gestudeerd, al achtte hij bijbelkennis wel van belang. Van hem stamt de uitdrukking ‘’Het wondere ambt’. Het gemeenteleven viel hem zwaar en de hardheid van de kerkelijke strijd kon hij niet verdragen. Op latere leeftijd sloot hij zich aan bij het Humanistisch Verbond, bij welke organisatie hij een actieve rol speelde. Op 39-jarige leeftijd verruilde H.G.Cannegieter toegerust met een welversneden pen bewust de kansel voor de schrijftafel. In 1919 verhuisde hij vanuit Uitgeest naar de drukkersstad Haarlem om zich hier definitief als publicist te vestigen, waar hij redacteur werd van het familietijdschrift ‘Eigen Haard’. De Fries Cannegieter die in zijn romans het Friese dorpsleven rond 1900 als inspiratiebron gebruikte, woonde aanvankelijk in het Ripperdapark, vervolgens tot zijn dood op het adres Kleverparkweg 222, ten gevolge van veranderingen later Verspronckweg 313 geworden. Gedurende veertig jaar was hij ook curator van het Kennemer Lyceum in Bloemendaal (2) en verder een aantal jaren docent aan de School voor Maatschappelijk Werk. Afgezien van de voor iedereen moeilijke oorlogsjaren, toen hij principieel weigerde lid te worden van de Kultuurkamer, kon Cannegieter als publicist van de pen leven als medewerker kerkelijke aangelegenheden en opvoedkundige vraagstukken van verschillende bladen, met wekelijke of maandelijkse bijdragen in een groot aantal kranten en tijdschriften. Onder andere schreef hij voor Nieuws van den Dag, Socialistische Gids, de Hollandsche Revue en gedurende 45 jaar van 1910 tot 1955 (!) voor de rubriek kerkennieuws van de Nieuwe Rotterdamse Courant (3). Verder publiceerde hij tussen 1924 en 1940 meer dan 250 ‘biografische karakterschetsen’ in het destijds bekende Morks-Magazijn (o.a. van de politicus mr.J.B.Bomans, reisjournaliste Mary Pos en de zich in Haarlem gevestigde Friese schrijver J.B.Schepers). In het Boekenweekgeschenk van 1932 verscheen zijn honderdste interview (met Anton Coolen).  Bovendien was hij decennialang toneel- en filmcriticus. Naast romans schreef hij verder bespiegelingen, schetsen en vertellingenbundels, pedagogische opstellen en essays over kerkelijke aangelegenheden.

H.G.Cannegieter achter zijn schrijfmachine aan het werk in zijn Haarlemse studeerkamer

H.G.Cannegieter achter zijn schrijfmachine aan het werk in zijn Haarlemse studeerkamer

Cannegieter schreef ook nog toneelstukken voor kinderen die bij de Bloemendaalse Schoolvereeniging in première gingen. Mevrouw Lily Mijnlieff-André de la Porte schrijft in haar herinneringen: ‘Jaarlijks voerde de zevende klas voor Kerstmis een toneelstuk op, destijds ‘De ring van de hertog’ door Cannegieter. Deze uitvoering was het hoogtepunt van het laatste schooljaar (4). Met zijn Haarlemse tijdgenoot dr.G.Nolst Trenité (Charivarius) schreef Cannegieter voor het dilettantentoneel het stuk ‘Rondom de koningslinde’ (1923), dat in aanwezigheid van koningin Wilhelmina is opgevoerd.

Foto gemaakt bij opvoering van een kindertoneelstuk van Cannegieter door leerlingen van de Bloemendaalse Schoolvereniging

Foto gemaakt bij opvoering van een kindertoneelstuk van Cannegieter door leerlingen van de Bloemendaalse Schoolvereniging

Door het Lectuurepertorium werden de romans van Cannegieter zoals zijn publicatie ‘Roomsche gezagswaan’ uit 1937 ontraden. Citaat: ‘Zijn litterair werk, zowel als zijn pedagogische schetsen, zijn beslist anti-katholiek getint.’ In zijn romans bleef hij als geboren Fries sterk verbonden voelen met die provincie. Haarlem komt in zijn fictieve werk slechts zijdelings voor, zoals in het boek ‘Hoe Pieter Merkman Parijs heeft gedaan’ uit 1931. Daarin verwerkte hij zijn eigen ervaringen onder de naam van ‘mijn vriend Pieter Merkman, commies ter provinciale griffie te Haarlem’. Politiek gezien was hij sociaaldemocraat. Het algemeen menselijke en universele heeft altijd zijn belangstelling gehad. Hij zag de gevaren in van zowel het communisme als het nationaalsocialisme, maar zijn ‘Helden in de dop’ werd helaas te weinig opgemerkt. Na de bevrijding keerde hij zich af van de zedenverwildering, pogende in zijn werk de christelijk-zedelijke waarden te behouden. Het geloof had hij echter verloren. Men moest het niet wagen hem met ‘dominee Cannegieter’ aan te spreken! Hendrik Cannegieter is op 3 januari 1906 in Nijmegen getrouwd en op 21 september 1920 te Haarlem gescheiden, waarna hij is hertrouwd met Gerarda Wijnanda Kop en nog twee kinderen volgden Anna Catharina (14 mei 1927, overleden op 3 december 2010 in Overveen) (5) en Joost (2 juli 1931, overleden in 2004 te Amstelveen). De laatste jaren van zijn leven besteedde hij vooral tijd en aandacht aan het Humanistisch Verbond, waarvoor hij lezingen hield en artikelen schreef. In sommige werken gaf Cannegieter blijk van zijn vaardigheid met de tekenstift door deze met vignetachtige prentjes te illustreren. In zijn werkkamer was hij omgeven door wat Priestley noemde ‘good companions’, de boeken en daarboven de portretten van humanisten als Erasmus, Thomas More, Montaigne, Schweitzer; pedagogen als Pestalozzi en Maria Montessori, leermeesters als Heymans; vrienden van Thijsse en Van Eeden; politici als Troelstra en Roosevent; en letterkundigen als Goethe, Stefan Zweig, Dickens, Walt Whitman, Pirandello en Henriëtte Roland Holst. Hij overleed op 85-jarige leeftijd in zijn Haarlemse studeervertrek ‘Franekerdeel’ genoemd, als schrijver van het tweede plan een enorm oeuvre achterlatend onder eigen naam en talrijke pseudoniemen (6). Zijn zoon Joost schreef een levensbeschrijving onder de titel ‘Hendrik Gerrit Cannegieter 17 september 1880 – 28 maar 1966 (Enschede, 1980). Verschenen bij zijn 65ste verjaardag elke 5 jaar tot en met zijn 85ste verjaardag in 1 of meer kranten jubelberichten over wat hij had bereikt, ondanks zijn enorme journalistieke en literaire productie is H.G.Cannegieter na zijn overlijden snel in de vergetelheid geraakt. Het Letterkundig Woordenboek voor Noord en Zuid door K.ter Laan (1952) geeft onder Hendrik Gerrit Cannegieter een juist geboortejaar (1880), echter een onjuist sterfjaar, namelijk 1951 in plaats van 1966.

Ondanks het feit dat hij bijna een halve eeuw in Haarlem woonde en werkte ontbreekt een necrologie in Jaarboek Haerlem, slechts een vermelding van zijn overlijden in de kroniek van 1966. Geen verwijzing in de Literaire Wandelgids van Haarlem door Wim Vogel, wèl 1 vermelding in Querido’s letterkundige reisgids van Nederland (1982), onder het Tzum (Tsjom), omdat in de roman ‘Gokma-state uit 1964 Cannegieter daarin over zijn jeugdherinneringen in dat Friese dorpje publiceerde.

gokma state2

Vooromslag van ‘Gokma State’ door H.G.Cannegieter, 1964

In 1930 publiceerde H.G.Cannegieter een boek over de Tiendaage veldtocht van zijn gelijknamige grootvader tussen 1830 en 1832 naar België. In 2009 is door het Regionaal Historisch Centrum Eindhoven het journaal van de voetreis opnieuw uitgegeven in een fraai geïllustreerd boek. Reden om het verhaal van een kapitein bij de Friese Mobiele brigade uit te geven was omdat de tocht begon vanuit Gestel bij Eindhoven. Na de slag van Leuven, waarbij zo’n 50 manschappen sneuvelden , verliet men België om naar Noord-Brabant terug te keren. In 1832 is het kamp naar Mierlo verplaatst en maakte Cannegieter uitstapjes naar o.a. Helmond waar het kasteel werd bezocht, in die tijd eigendom van Carel Frederik Wesselman 11. Op 12 juli 1832 ontving Cannegieter voor hij naar Friesland terugkeerde als onderscheiding ‘het Metalen Kruis’- uit een kanon gesmeed – op de Strabrechtse heide tussen Geldrop en Mierlo.

Helmond

                                             De keldergewelven  in het kasteel van Helmond

Opgemerkt wordt ten slotte dat zijn naam soms is verward met naamgenoot dr. Hendrik Gerrit Cannegieter (1879-1984) , hoofddirecteur van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut in De Bilt van 1938 tot 1945, die voornamelijk publicaties over sterrenkunde en het weer op zijn naam heeft staan (7).

Artikel in 1966 verschenen bij de 85ste verjaardag van H.G.Cannegieter

Artikel in 1966 verschenen bij de 85ste verjaardag van H.G.Cannegieter

Overlijdensbericht Hendrik Gerrit Cannegieter

Overlijdensbericht Hendrik Gerrit Cannegieter

Noten

(1) Geschonken publicaties: – Achter den Afsluitdijk. 1929 (met tekeningen van M.Severin); – Rusticus Urbanus, 1920; – Daar was eens een meisje loos. 1930 (kindertoneel); – Dorpsvrouwtjes. 1914; – Feestgangers. 1928; – Francois Bekius: de duivel dominee uit de Friesche wouden. 1940; – Gokma-State. Hoorn, 1964; – Grootvader’s glorie: het verhaal van den tiendaagschen veldtocht. 1930; – Hoe Pieter Merkman Parijs heeft “gedaan”1931 (met tekeningen van Tjerk Bottema; – Hoe wensen wij de school? Een stem uit de ouderwereld. 1946; – Honderdvijftig jaar gezondheidswet. 1954; – de Man op den uitkijk: over de predikant. 1914; – Mijn honderdste interview. In: Geschenk Nederlandsche Boekenweek 1932, blz. 27-32; – Midwintersproken. 1932; – Moeders schaduw. 1932; – De nachtegaal van Bergambacht. 1927 (kindertoneel); – Prille jeugd en vrees. 1926 (“met krabbels van den schrijver”); – Een nieuwe grondslag. 1925; – Psychologie en Paedagogie. 1927; – de Ring van de hertog. 1953 2e dr. (kindertoneel);- Roomsche gezagswaan. 1937; – Tusschen twaalf en twintig. 1928; -Vier schoten voor een vrouw. 1959: – De volontair. 1949; – De wereld voor vijftig jaar; schetsen uit het kroningsjaar 1898. 1948; – Georg Grünewald Kzn. (pseudoniem): Van het wondere ambt. 1909; – Oud Israël’s geschrift; het oude testament, naverteld door H.G.Cannegieter. 1924 (geïll. Door ir.M.C.A.Meischke); – Het volkstoneel. 1924;

Secundair o.a. – Joost Cannegieter. Hendrik Gerrit Cannegieter (1880-1966). 1980.; recensies: ‘De Hooge Toren van Oldeboorn; historisch toneelstuk voor kinderen’ door H.G.Cannegieter. Haarlem, Tjeenk Willink); levensbeschrijving in: Biografisch lexicon voor de geschiedenis van het Nederlands protestantisme, deel 1, 1978; circa 15 recensies en interviews in archiefdoos nummer 396 N.H.A; Hendrik Gerrit Cannegieter, in: Kennemer Kroniek, nummer 23, april 2003; internetsites: 1) delpher van de Koninklijke Bibliotheek, 2) archief Leeuwarder Courant.

Vooromslag van levensbeschrijving Hendrik Gerrit Cannegieter door zijn zoon Joost Cannegieter. met een tekening uit 1938 van de kunstenares E.Reitsma Valença. (ook de beeldhouwer Theo van Reijn uit Haarlem maakte circa 1925 een tekeningetje van Cannegieter).

Vooromslag van levensbeschrijving Hendrik Gerrit Cannegieter door zijn zoon Joost Cannegieter. met een tekening uit 1938 van de kunstenares E.Reitsma Valença. (Ook de beeldhouwer Theo van Reijn uit Haarlem maakte circa 1925 een tekeningetje van Cannegieter).

Selectie van andere boeken door H.G.Cannegieter: – Inwoning aangeboden (blijspel in 1 bedrijf); – Kind en mens (1924); – Wie was Jezus? 1930; – Als het leven lokt. 1930; – Helden in de dop. 1931; – Moeders schaduw. 1932; – Het sexuele probleem in de opvoeding, 1934; – Leer verliezen (onder ps. John Dane). 1940; – Mijn varkens en zijn zoon. 1961; – Inwoning aangeboden; blijspel in 1 bedrijf. 1956. Onder pseudoniem Georg Grünewald Kzn.: – Oogenblikken; – Spaanders. Verschillende kindertoneelstukjes, zoals – Japie leert geschiedenis (toneelstuk in 1 bedrijf voor kinderen). 1953; – Het Levensraadsel; – Jan altijd tevreden; – Daar was eens een meisje loos. Ten slotte: Moderne Jeugd; Kennen wij onze kinderen?; Lichtpunten; Feestdagen; – De Friesche Beweging; Zeven katten op het dak; Septah Meneptah; – Van het wondere ambt (onder ps. George Grünewald), 1909; – Kind en mens (1924); – Tussen twaalf en twintig. 1928; – De wereld voor vijftig jaar. 1948.

Wordcat (K.B.) geeft onder H.C.Cannegieter 133 + 31 en onder Hendrik Gerrit C. nog eens 18 titels. In de Stadsbibliotheek van Haarlem zijn de volgende 11 titels aanwezig: 1) Achter den Afsluitdijk, circa 1935; 2) François Bekius, de duivel-dominee uit de Friesche wouden; 3) Gokma-state. 1964, 4) Grootvader’s glorie: het verhaal van den Tiendaagschen veldtocht; 5) Kennen we onzze kinderen? 1926, 6) Kind en mensch; een bundel paedagogische opstellen, 7) Moderne jeugd: na-oorlogsche bespiegelingen van een voor-oorlogsch man, 8) Prille vrees en jeugd, 9) Rusticus urbanus. 1920, 10) Vier schoten voor een vrouw. 1959, 11) De wereld voor vijftig jaar: schetsen uit het kroningsjaar 1898.

Beknopte bibliografie H.G.Cannegieter uit de publicatie van Joost Cannegieter.

Beknopte bibliografie H.G.Cannegieter uit de publicatie van Joost Cannegieter (1)

Vervolg bibliografie H.G.Cannegieter (2)

Vervolg bibliografie H.G.Cannegieter (2)

Vletter

Een onderonsje tussen twee rectoren van het Kennemer Lyceum, links dr.A.de Vletter, rector van 1920-1940 en 1945-1947 en rechts rector drs. E.van Meir van 1947-1961.

(2)  Oud-rector dr.A.de Vletter schreef in zijn autobiografisch boek ‘Van eenzaam schoolleider tot gevangenisboef’ in 1936: ‘De secretaris van mijn Curatorium, de heer H.G.Cannegieter, die met verscheiden anderen mijn vrouw in de moeilijke jaren van eenzaamheid nimmer in de steek gelaten had, bracht mij als verjaardagsgeschenk een van een vriendelijke opdracht voorzien exemplaar van zijn fijnzinnige boekje ‘Het Levensraadsel’, waarvan ik sindsdien zeer genoten heb, maar ook een bos rozen uit mijn eigen tuin te Bloemendaal. Welke rozen zijn vrouw en hij met goedvinden van de IJmuidense bewoners van het door ons ontruimde huis voor ons hadden geplukt.’(pagina 244).

Vletter

    Vooromslag van boek door dr.A.de Vletter: Van eerzaam Schoolleider tot Gevangenisboek. 1946

In een geschiedenis van het Kennemer Lyceum is in het hoofdstuk: ‘Het Kennemer aan de vooravond van de bezetting’ het volgende geschreven: ‘(…) Naast het bestuur was er ook nog het curatorium. Aan dit college was de taak toebedeeld de kwaliteit van het onderwijs te bewaken. De curatoren adviseerden het bestuur bij de benoeming van leraren. President-curator was sinds 1920 dr.J.D.Bierens de Haan, die in den lande een bekende naam had als wijsgeer. Hij hield veel lezingen, o.a. voor de School voor de Wijsbegeerte in Amersfoort en hij had veel publicaties het licht doen zien, b.v. over Spinoza, Dante en Schpenhauer. Ook de secretaris van curatoren, H.G.Cannegieter, eveneens een oud-gediende, was een vruchtbaar auteur. Net als Bierens de Haan was hij zijn carrière begonnen als predikant. Later was hij terecht gekomen in de journalistiek. Behalve werken over theologie en pedagogiek schreef hij romans en toneelstukken. Van de overige curatoren noemen we hier alleen nog dr.Jac.P.Thijsse die na zijn pensionering als leraar in de biologie aan het Kennemer in 1930 was toegetreden tot het college. (…)’. 

(3)   In het tijdschrift ‘Bibliotheekleven, jaargang 48, januari 1963, pagina 35 plaatste hij de volgende oproep over zijn kerkhistorisch archief: ‘Van 1910 tot 1955 heb ik als redactionaeel medewerker aan de Nieuwe Rotterdamse Courant dagelijks artikelen, berichten en verslagen geschreven in de rubriek Kerknieuws, die veel meer omvatte dan het terrein van de eigenlijke kerkgenootschappen. Ook allerlei geestelijke en mystieke stromingen kwamen er in aan de orde. Zowel het binnenland als het buitenland was er in vertegenwoordigd. Al deze bijdragen heb ik verzameld in 26 ordners en plakboeken waaraan een alfabetisch register is toegevoegd. Deze verzameling geeft dus een beeld van wat er in de eerste helft van de twintigste eeuw aan de orde is geweest. Niet alleen de grote gebeurtenissen zijn er in vermeld, maar eveneens is bijzondere aandacht geschonken aan de intieme historie, zoals deze uit kerkelijke krakelen, dorps-conflicten en persoonlijke interviews aan het licht is getreden. Talrijke biografieën en boekbesprekingen zijn opgenomen. De alfabetische registers op elk deel maken het mogelijk zich onmiddellijk over elk gewenst onderwerp te oriënteren. Ik stel mij voor, dat een en ander van waarde zal kunnen wezen voor hen, die zich op kerkhistorisch terrein bewegen, zodat het mij voorkomt, dat deze documentatie niet als oud papier mag worden vernietigd. Voordat ik mij ervan verzekerd heb, dat er bij de een of andere instelling plaats voor kan worden gevonden. Mocht enigerlei bibliotheek, documentatie-bureau of archief er zich voor interesseren, dan wende men zich tot mijn adres Kleverparkweg 222, telefoon 02500-61916, Haarlem’.

(4) Ons Bloemendaal, zomernummer 1997.

(5) In ‘Ons Bloemendaal’, aprilnummer 1999 zijn herinneringen van haar via fragmenten uit in de oorlogsperiode geschreven brieven gepubliceerd. In maart 2006 gaf zij in kleine oplage uit: ‘Dat gaat niemand lezen! 35 jaar met de neus in de boeken; herinneringen uit de bibliotheektijd van A.C.van Hall-Cannegieter (werkzaam geweest zijnde in de openbare bibliotheken van Amsterdam, Haarlem, Heemstede en Zandvoort. Zij was getrouwd met mr. Johan Bernard (Beppo) van Hall (1916-1954), in leven directeur van de bibliotheek van het Tropenmuseum en vervolgens van het Vredespaleis).

(6) Publicaties van zijn hand verschenen onder eigen naam maar ook de volgende schuilnamen: John Dane, Doris Doevel, Joris Groenenwoud Kzn., Georg Grünewald Kzn., K.Jitter, Felix Mas, Pilgrom Muys, Pater Familias, Rusticus Urbanus, Hendericus Witzun. Bescheiden als hij was zijn talrijke bijdragen in kranten en tijdschriften slechts ondertekend met C.

(7) Er zijn nog verscheidene andere personen geweest, voornamelijk afkomstig uit Friesland en Groningen, veelal familie van elkaar, met de volledige voor- en familienaam Hendrik Gerrit Cannegieter, van wie ik in dit verband nog noem: 1) H.G.Cannegieter, predikant in Bolsward van 1764 tot 1806; 2) H.G.Cannegieter, in 1804 te Witmarsum geboren, die meedeed aan de ‘Tiendaagse Veldtocht’ via een voettocht naar België 1820-1822 en daarover een journaal bijhield, in 2009 fraai geïllustreerd uitgegeven door het Regionaal Historisch Centrum; 3) ook geboren in 1804 maar in Parrega is H.G.Cannegieter, die ook predikant was en overleed in 1866. Hij publiceerde ‘Het klooster Foswerd’, verschenen in de Friesche Almanak in 1846; 4) H.G.Cannegieter (1874-1941), predikant in o.a. Midwolde en Adorp;   5) H.G.Cannegieter. (1804-1881) welke zich onderscheidde als medicus in Hallum en grootvader was van de in deze bijdrage beschreven schrijver-journalist;

Can9

Bericht uit de Leeuwarder Courant over grootvader dr.H.G.Cannegieter die op 73-jarige leeftijd in 1877 zijn praktijk neerlegde

.BIJLAGE 1: ENKELE (FAMILIE)FOTO’S, BERICHTEN EN ILLUSTRATIES

Dominicus

Notaris Dominicus Cannegieter (1842-1909), vader van Hendrik Gerrit Cannegieter (foto Tresoar, Leeuwarden, circa 1905)

Over deze Dominicus Cannegieter is in het Nieuw Nederlandsch Biographisch Woordenboek (NNBW) het volgende geschreven: Geboren te Hallum 23 october 1842, overleden te Tzum 11 maart 1909, zoon van dr.Hendrik Gerrit Cannegieter (kapitein bij de friesche mobiele schutterij in de Tiendaagse veldtocht, later medisch doctor te Hallum, van wiens hand het opstel over het klooster Fosward in de Friesche Volksalmanak 1846 zal zijn) en van Sytske Bekius. Hij werd 17 november 185 na afgelegd examen voor de Commissie uit het Provinciaal Gerechtshof van Zuid-Holland, benoembaar verklaard tot notaris en bij Koninklijk Besluit van 30 maart 1878 aangesteld tot notaris te Tzum, In zijn vrije uren hield hij zich onledig met geschied- en oudheidkundige nasporingen. De resultaten van zijn onderzoekingen zijn door hem neergelegd in de ‘Friesche Volksalmank’ en in de ‘Vrije Fries’. In eerstgenoemde beschreef hij de oude staten en stinsen uit Hallum, Tzum en omgeving benevens enige stukken op kerkhistorisch gebied. Afzonderlijk verscheen van hem: ‘Geschiedenis van het Martenahuis te Franeker’en ‘Genealogie van het geslacht Cannegieter’, in welk laatste werk hij een groot aantal van elders onbekende bijzonderheden betreffende zijn geleerd geslacht heeft meegedeeld. Hij huwde te Schoonhoven 21 augustus 1879 Trijntje Catharina Cundagunda Leesekamp, geboren te Brandwijk 20 april 1844, dochter van ds. Petrus en van Tjalda Peternella van Ness. Uit dit huwelijk drie kinderen, waarvan de zoons predikant zijn te Jelsum en te Zeddam en de dochter huwde met ds. F.H.G.van Iterson te Spankeren. Zie: Petit, Repertorium (op: Friesland); Genealogie Cannegieter, uit meegedeelde berichten aangevuld.   (auteur: Regt).  

moeder

Portret van de moeder van Hendrik Gerrit Cannegieter: Trijntje Catharina Cundagunda Leesekamp (1844-1936) (foto Tresoar Leeuwarden, voor 1900)

Tzum1

Plaatsnaambord van Tzum, geboorteplaats van Hendrik Gerrit Cannegieter, terugkomend in enkele van zijn romans en verhalen

schildjes

Enkele antieke schildjes, o.a. van Dominicus Cannegieter J.J.Zoon, predikant (een verre voorvader van Hendrik Gerrit Cannegieter), in de kerk van Tzum (sinds 1859)

Tzum2.jpg

De Hervormde kerk van Tzum, waar naast zijn voorfamilie met verscheidene predikanten, de basis werd gelegd voor zijn studie theologie

Cannegieter15

Foto van studentenkamer Nic0 Molenaar in Groningen met rechts Hendrik Gerrit Cannegieter bladerend in een  boek en links van hem Popko Berend Westerhuis (Tresoar)

Hendrik Gerrit Cannegieter met drie van zijn kleinkinderen in de holle boom bij de uitspanning Kraantje Lek te Bloemendaal

Hendrik Gerrit Cannegieter met drie van zijn kleinkinderen in de holle boom bij de uitspanning Kraantje Lek te Bloemendaal

H.G.Cannegier in zijn werkvertrek annex bibliotheek met het geschilderd portret van François Bekius, één van zijn voorvaderen, waaraan hij ook een publicatie wijdde.

H.G.Cannegieter in zijn werkvertrek annex bibliotheek met het geschilderd portret van François Bekius, één van zijn voorvaderen, waaraan hij ook een publicatie wijdde.

Cannegieter15

                        Foto van H.G.Cannegieter, gepubliceerd in Het Vrije Volk van 22-9-1965

H.G.Cannegieter sneeuw scheppend bij zijn huis aan de Verspronckweg in Haarlem

H.G.Cannegieter sneeuw opruimend bij zijn huis aan de Verspronckweg in Haarlem

Foto van H.G.Cannegieter in zijn levensavond genomen in de tuin van zijn huis aan de Verspronckweg in Haarlem

Foto van H.G.Cannegieter in zijn levensavond genomen in de tuin van zijn huis aan de Verspronckweg in Haarlem

Bijlage 2: scans van vooromslagen of titelpagina’s van een aantal boeken (romans en non-fictie werken) van Hendrik Gerrit Cannegieter

Tussen.jpg

H.G.Cannegieter. Tusschen twaalf en twintig. 1928.

 

Vooromslag van roman: hoe Pieter Merkman Parijs heeft gedaan; door H.G.Cannegieter

Vooromslag van roman: hoe Pieter Merkman Parijs heeft gedaan; door H.G.Cannegieter. 1931

gokma state

Titelblad van ‘Gokma state’ door H.G.Cannegieter, roman uit 1964 twee jaar voor zijn overlijden verschenen met herinneringen aan zijn geboortegrond in het Friese Tzuma

Vier schoten voor een vrouw; door H.G.Cannegieter. 1959

Vier schoten voor een vrouw; door H.G.Cannegieter. 1959

prille

                                         Prille vrees en vreugd; door H.G.Cannegieter, 1926

Titelblad van 'Vrees en vreugd' door H.G.Cannegieter

Titelblad van ‘Prille vrees en vreugd’ door H.G.Cannegieter, 1926

Oud Israel's schrift; door H.G.Cannegieter. 1924

Oud Israel’s schrift, het Oude Testament naverteld door H.G.Cannegieter. 1924

Vooromslaf van François Bekius, de duivel-dominee uit de Friese wouden. 1941, door H.G.Cannegieter, 1941.

Vooromslag van François Bekius, de duivel-dominee uit de Friese wouden. 1941, door H.G.Cannegieter, 1941.

Bekius1

Portret van dominee François Bekius (1726-1803) door Bernardus Accma, 1754 ( foto RKD, Iconografisch bureau

Stofomslag van De wereld voor vijftig jaar door H.G.Cannegieter (ook als toneelstuk verschenen).

Stofomslag van De wereld voor vijftig jaar 1898-1948;  door H.G.Cannegieter, 1948 (ook als toneelstuk verschenen).

Vooromslag van Achten der Afsluitdijk (science fiction)  door H.G.Cannegieter. 1929

Vooromslag van Achten der Afsluitdijk (science fiction) door H.G.Cannegieter. 1929

Het sexueele probleem in de opvoeding; door H.G.Cannegieter. 1934

Het sexueele probleem in de opvoeding; door H.G.Cannegieter. 1934

Titelblad van   door H.G.Cannegieter

Titelblad van Als het leven lokt door H.G.Cannegieter. 1930

Vooromslag van 'Wie was Jezus? (over Nieuwe Testament) door H.G.Cannegieter. 1930.

Vooromslag van ‘Wie was Jezus? (over Nieuwe Testament) door H.G.Cannegieter. 1930. (Catawiki)

Vooromslag van  door H.G.Cannegieter

Vooromslag van Kind en Mensch (pedagogische opstellen) door H.G.Cannegieter. 1924

Midwintersproken

                                 Vooromslag van Midwintersproken door H.G.Cannegieter, 1932

Grootvaders glorie (over de Tiendaagse veldtocht van zijn grootvader); door H.G.Cannegieter.1930

Grootvader’s glorie (over de Tiendaagse veldtocht van zijn grootvader in 1831); door H.G.Cannegieter. 1930. Correctie: mij is bericht dat de eerste uitgave van 1930 niet compleet was, vandaar een nieuwe uitgebreide en geïllustreerde publicatie , uitgegeven door een kleinzoon, ook Hendrik Gerrit Cannegieter geheten in 2009, zie bovenstaande voorzijde)

moderne

Moderne jeugd, na-oorlogsche bespiegelingen van een voor-oorlogsche man, circa 1946.

Bijlage 3:  varia Hendrik Gerrit Cannegieter, inclusief door Bloemendaalse Schoolvereniging opgevoerde kindertoneelstukken

Cannegieter12

Handschrift van H.G.Cannegieter. Versje en tekening uit een poëziealbum, gedateerd 1 februari 1936

Cannegieter1

Samenstelling van bestuur en curatorium Kennemer Lyceum; secretaris van het curatorium was H.G.Cannegieter; directeur van het lyceum dr.A.de Vletter; landelijk bekende docenten waren bioloog en natuurbeschermer J.P.Thijsse (biologie) en Anton Pieck (tekenaar/illustrator). Voorts noem ik de wijsgeer prof.dr.H.M.J.Oldewelt en letterkundige drs. Barend Riijdes (beiden leraar klassieke talen). Uit: Kennemer Lyceum 1920-1930/ 1920-1950.

Cannegieter2

Artikel 30 jaar curatorium Kennemer Lyceum door H.G.Cannegieter (uit: jubileumnummer Kennemer Lyceum 1920-1950)

Cannegieter5

vervolg van: ’30-jaar Curatorium door H.G.Cannegieter. Overveen, jubileumnummer Kennemer Lyceum 1920-1950.

Cannegieter13

Recensie van H.G.Cannegieter, Helden in den Dop. 1931. Uit: Nederlandsche Bibliographie, 77e jaargang, october 1932, nummer 9, pagina 196.

 

 

Bericht uit De Leeuwarder Courant van 1966

Cannegieter en Friesland. Bericht uit De Leeuwarder Courant van 1966

Recendie van kindertoneel H.G.Cannegieter, 'De Hooge Toren van den Oldeboorn', opgevoerd door de Bloemendaalse Schoolvereniging,  van de hand van  J.B.Schuil, Haarlems Dagblad 21 december 1931 (1)

Recendie van kindertoneel H.G.Cannegieter, ‘De Hooge Toren van den Oldeboorn’, opgevoerd door de Bloemendaalse Schoolvereniging, van de hand van J.B.Schuil, Haarlems Dagblad 21 december 1931 (1)

Vervolg van recencie door J.B.Schuil, 21 december 1931 (2)

Vervolg van recencie door J.B.Schuil, 21 december 1931 (2)

Ingezonden stuk van Th.Donkersloot, hoofd opleidingsschool Bloemendaal over kindertoneel van o.a. H.G.Cannegieter. Uit: De Vacature, 25 februari 1927.

Ingezonden stuk van Th.Donkersloot, hoofd opleidingsschool Haarlem over kindertoneel van o.a. H.G.Cannegieter. Uit: De Vacature, 25 februari 1927.

Programma Bloemendaalse Schoolvereniging 1936.

Programma Bloemendaalse Schoolvereniging 1936.

Getekende vooromslag Bloemendaalse Schoolvereniging (N.S.V.), 1947: De ring van den hertog' door H.G.Cannegieter

Getekende vooromslag Bloemendaalse Schoolvereniging (N.S.V.), 1947: De ring van den hertog’ door H.G.Cannegieter

Programma van o.a. 'De ring van den hertog' door H.G.Cannegieter, 1947. Kindertoneel opgevoerd door leerlingen van de Bloemendaalse Schoolvereniging.

Programma van o.a. ‘De ring van den hertog’ door H.G.Cannegieter, 1947. Kindertoneel opgevoerd door leerlingen van de Bloemendaalse Schoolvereniging. DE later bekend geworden voordrachtskunstenares Georgette Hagendoorn heeft bij 1 van de stukken van Cannegieter gedeputeerd.

============

In het tijdschrift ‘Ons Bloemendaal’21e jaargang, voorjaar 1997 publiceerde Joan Jalink een artikel over ‘De familie van Hall’; van druk Amsterdam naar rustig Bentveld/Aerdenhout. Het bevat fragmenten uit de familie-overleveringen, zoals in 1982 op papier gezet door de heer J.B.van Hall te Overveen.

Cannegieter1

1928 een familiekiekje vòòr Zonnehof. Op de plaid aan de voeten van zijn ouders zit ‘Beppo’ de schrijver van het familieboek. Uiterst links, zittend, Mia met har kinderen. ‘Juf Dea’ zit tweede van rechts.