Tags

De firma Oosterhoorn aan de Raadhuisstraat Heemstede (1892-1969): kapsalon, parfumerie-, lederwaren- en tabakszaak , assurantiën en uitvaartonderneming

In 1883 maakte de jeugdige Frederik Oosterhoorn, geboren te Krommenie uit een oud geslacht van Zaankanters, voor de eerste maal kennis met dorp Heemstede als aankomend kappersbediende in de barbierswinkel van de heer J.B.Serné, destijds gevestigd aan de Zandvaart C 42, de tegenwoordige Raadhuisstraat. Na een verblijf van vier jaar in Heemstede werd het hem duidelijk, dat hij voor algehele vak bekwaming beter zijn schreden eens naar de grotere plaatsen kon richten, teneinde met betere inrichten en werkmethoden in het kappersvak kennis te maken. Na een gedegen werk- en leertijd in Amsterdam te hebben doorgemaakt, rijpte bij hem het idee zich zelfstandig te gaan vestigen en Zaankanter van geboorte, werden plaatsen aan de Zaan, Beemster en Schermer overwogen. Het toeval bracht hem echter in 1892 wederom in aanraking met zijn oude patroon, de heer Serné, wiens zaak op dat moment te koop stond (1). De keuze tussen Schermerhorn en Heemstede viel de jonge Oosterhoorn niet moeilijk. Na de Zaanstreek werd Amsterdam voor Heemstede verwisseld en op 1 juli 1892 was hij eigenaar van de sinds 1868 bestaande goed beklante barbierszaak en vestigde hij zich als kapper en aanspreker, welke functies vanaf 1868 door de heer Serné pleegden te worden verricht. De heer G.S.van Bakel was omstreeks 1930 wellicht de laatste officiële aanspreker van beroep in Heemstede, die bij het overlijden van en persoon familie en buren dat droevige nieuws aanzegde – in de volksmond ook wel aangeduid met groefbidder ofwel leedaanzegger.

(1) J.B.Serné werd bloembollenkweker. In 1896 moest hij zich met P.G.de Groot, bloemenkweker in Hillegom, bij de rechtbank in Haarlem verantwoorden in verband met het faillissement van de heer H.R.Buddenborg.

Advertentie van de Eerste Heemsteedsche Begrafenisonderneming

Advertentie van de Eerste Heemsteedsche Begrafenisonderneming

Heemstede had omstreeks 1900 een geheel ander aanzien en de barbierswinkel van toen was nog niet in het minst te vergelijken met het moderne kappersbedrijf van vandaag de dag. Het scheren en knippen geschiedde meestal aan huis en naast het aansprekersberoep reisde Oosterhoorn iedere dag, aanvankelijk te voet en later per fiets, langs de buitenplaatsen, bloemkwekerijen en blekerijen, wier bewoners voor een groot deel tot zijn klantenkring behoorden. Op de inrichting Meer en Bosch, welke stichting ook tot de relaties van de overgenomen zaak behoorde, breidde het aantal cliënten zich snel uit en de gestadig toenemende werkzaamheden maakten het hem noodzakelijk zijn personeel, dat aanvankelijk bestond uit één aankomende bediende, uit te breiden tot twee voltijds krachten en een leerling. De jonge zakenman had echter ook een open oog voor de belangen van zijn opkomende scheersalon, zodat hij aan het einde van de 19de eeuw met de dorpse inrichting van zijn zaak brak en een nieuwe, meer hygiënische installatie en meer comfortabele scheerstoelen aanschafte. Waterleiding was in die tijd nog niet bekend en het stromende water verschafte hij zich door op zijn zolder een groot zinken reservoir te bouwen, dat iedere week met emmers werd volgegoten. Zijn geïmproviseerde waterleiding werd onontbeerlijk voor het spoelen van de scheerkwasten, welke hij al spoedig in de plaats van het scheerbekken en het inzepen met de hand gebruikte.

Nieuwbouw

Artistieke advertenrie van Dames- en herenkappers F.Oosterhoorn & Zn., vervaardigd door plaatsgenoot en vaste klant Jan Wiegman

Artistieke advertentie van Dames- en herenkappers F.Oosterhoorn & Zn., vervaardigd door plaatsgenoot en vaste klant Jan Wiegman

De zaak groeide. Het zakenpand werd te klein en middelen tot verbouwing werden beraamd. Na jaren van onderhandelingen, gevoerd door indertijd aan de Voorweg gevestigde aannemer W.A.van Amstel gelukte het Oosterhoorn in 1909 beslag te leggen op een belangrijk groter, naast zijn zaak gelegen perceel. In 1910 werd onder architectuur van Jan van der Lip door aannemer Van Amstel een nieuw zakenpand gebouwd, waar het bedrijf tot 1969 is uitgeoefend.

Het is lange tijd een punt van overweging geweest of men zich bij deze nieuwbouw uitsluitend tot kappersbedrijf zou bepalen, dan wel zijn toen nog bescheiden tabak- en sigarenhandel eveneens een beter aanzien zou geven door het stichten van en speciaal sigarenmagazijn naast de kapperswinkel. Tot dit laatste werd besloten en zo kon op 24 december 1910 de nieuwe zaak worden geopend aan de Raadhuisstraat 6, bestaande uit een frisse, ruimte Herenkapsalon en een welvoorziene sigarenzaak. Beide neringen mochten zich in een toenemende belangstelling verheugen.

Op onderstaande foto zien we de panden Raadhuistraat 8 en 10. Links het huis van H.A.Meeuwenoord, electriciën en gemeenteraadslid. Rechts kruidenier Chr.Vollenga (voordien Reedijk). In dit pand was oorspronkelijk de barbierszaak van Serné gevestigd en sinds 1892 van F.Oosterhoorn. [In de Raadhuisstraat waren ooit negen kruidenierszaken gevestigd: Reedijk/Vollenga, Albert Heijn, J.Samson, Jansen/Éigen Hul’, Dolf Ebbers/J.Wester, Adriaanse, Zwarter, Westra/Brekelmans en een filiaal van Zijlstra]. Na 1930 verhuisde laatstgenoemde naar het nieuwe pand Raadhuisstraat 4/6, waar later reisorganisatie De Boer en Wendel was gehuisvest.

Panden Raadhuisstraat 8-10 vóUr 1930. Links het huis van electriciën H.A.Meeuwenoord, die later naar het Wiekenplein verhuisde. Rechts kruidenier Chr. Vollenga, daarvoor Reedijk. De barbierszaak van de firma oOosterhoorn (voordien Serné) is opgericht in pand nummer 8, verhuisd naar het nieuwe pand 4/6.

Panden Raadhuisstraat 8-10 vóUr 1930. Links het huis van electriciën H.A.Meeuwenoord, die later naar het Wiekenplein verhuisde. Rechts kruidenier Chr. Vollenga, daarvoor Reedijk. De barbierszaak van de firma Oosterhoorn (voordien Serné) is opgericht in pand nummer 8, verhuisd naar het nieuwe pand 4/6.

 

Ir.B.W.Colenbrander schreef in zijn herinneringen aan het Heemstede van vroeger het volgende: ‘Sommige weken uit naar de scheersalon van Oosterhoorn om de baardgroei van een week kwijt te raken. Oosterhoorn verkocht ook sigaren in een papieren zakje, waarop een rebus was gedrukt. Als he dan op je scheerbeurt moest wachten kon je vast aan de oplossing van de rebus beginnen. Op zaterdag werd enkel geschoren, het “haarsnijden’, zoals het toen heette, moest op de andere vijf werkdagen van de week gebeuren. Het was er gezellig druk en soms net een sociëteit. Anderen zochten de gezelligheid in de kroeg, maar het bezwaar was, dat het plafond van de daar te maken uitgaven niet altijd vast stond.’

Met zijn zoon in de zaak

De relaties van de firma F.Oosterhoorn breidden zich regelmatig uit en de firmant kreeg behoefte aan een assistent, welke hij in zijn zoon Pieter Cornelis Oosterhoorn vond, die ook het kappersvak tot zijn levenstaak wilde maken. Een grondige algemene ontwikkeling en praktische opleiding in diverse Dames- en Herenkapperszaken in de grote steden, waar tevens gelegenheid was gedegen vakschoolonderwijs te volgen, hadden de jonge Oosterhoorn daartoe vakbekwaam gemaakt. Omstreeks 1916 werd hij dan ook als volwaardig bediende in het bedrijf genomen. Het begrafenisbedrijf legde echter op de oudste firmant steeds meer beslag, waardoor al spoedig de zoon optrad als chef over het personeel van het kappers- en winkelbedrijf. Ook deze was thans in de gelegenheid zijn nieuwe bedrijfsmethoden geheel te ontplooien en enkele jaren nadien is besloten tot oprichting van een Dameskapsalon naast de bestaande Herensalon. De leiding van deze nieuwe afdeling is toen opgedragen aan mejuffrouw G.T.Oosterhoorn. Ten gevolge hiervan vond in 1921 een grote verbouwing plaats, waardoor de zaak de beschikking kreeg over de gehele bovenverdieping.

oosterhoorn12

Bericht over uitbreiding firma F.Oosterhoorn uit de Eerste Heemsteedsche Courant van 24-11-1921

Hier werden ingericht: twee ruime winkels, één voor Parfumerie-artikelen en één voor Sigaren en aanverwante rookartikelen. De heer Frederik Oosterhoorn achtte in dat jaar het tijdstip gekomen om zijn zoon als deelgenoot in het bedrijf op te nemen. Op 1 januari 1921 heeft men de zaak omgezet in een vennootschap onder firma met als vennoten de heren Frederik en Pieter Cornelis Oosterhoorn, beiden directeuren der Eerste Heemsteedsche Begrafenisonderneming ’ F.Oosterhoorn en zoon’ en tevens exploitanten van het Kappers- en Winkelbedrijf. Na enkele jaren brak voor het kappersbedrijf een merkwaardige tijd aan door de korthaarmethode voor de dames. Door de aanwassende stroom vrouwen-clientèle is in 1926 besloten tot het aanbouwen van een geheel nieuwe vleugel aan het zakenpand, waarin frisse cabines voor het dames-kappersbedrijf zijn ingericht. Voorts zijn de nieuwste machines op het gebied van haarverzorging en blijvende haargolving geïntroduceerd, terwijl nieuwe uitbreiding van personeel onder leiding van mej. G.T.Oosterhoorn plaatsvond.

Overlijdensadvertentie Frederik Oosterhoorn, uit: Eerste Heemsteedsche Courant van 20 september 1935

Overlijdensadvertentie Frederik Oosterhoorn, uit: Eerste Heemsteedsche Courant van 20 september 1935

In het jaar 1930 kon de oudste firmant om gezondheidsredenen niet meer actief aan het bedrijf deelnemen, in 1934 is een eerste  steen Oosterhoorn gelegd, Raadhuisstaat 8, en in 1935 is Frederik Oosterhoorn overleden, waarna de zaken definitief naar de zoon Pieter Cornelis overgingen.

Uit: brochure; firma F.Oosterhoorn en Zoon; een halve eeuw arbeid in Heemstede 1 juli 1892 - 1 juli 1942

Uit: brochure; firma F.Oosterhoorn en Zoon; een halve eeuw arbeid in Heemstede 1 juli 1892 – 1 juli 1942

Dankkaart firma Oosterhoorn, augustus 1942

Dankkaart firma Oosterhoorn, augustus 1942

 

In 1949 kwam een dochter van de weduwe mw. A.Oosterhoorn-Veken, Grietje Trijntje Oosterhoorn bij een noodlottig ongeval om het leven. De weduwe van Frederik Oosterhoorn, Aaltje Veken, is 23 juli 1946 op 77-jarige leeftijd overleden.

De heer P.C.Oosterhoorn, was in 1940 voorzitter van de Blokbrandweer Heemstede, blok 14 (centrum). Voorts als secretaris betrokken was bij de voorbereiding van een Hervormd bejaardenhuis in Heemstede en op 18 maart 1969 hield hij als voorzitter van het college van diakenen een toespraak bij de opening van zorgcentrum stichting Kennemeroord.

In 1969 is onder tragische omstandigheden, toen de heer Oosterhoorn een onverwacht einde aan zijn leven maakte, een eind gekomen aan de firma.

Overlijdensbericht Pieter Cornelis Oosterhoorn, Algemeen Handelsblad 1 februari 1969

Overlijdensbericht Pieter Cornelis Oosterhoorn, Algemeen Handelsblad 1 februari 1969

De firma Oosterhoorn van (1868) 1892-1969 in kort bestek

De firma Oosterhoorn van (1868) 1892-1969 in kort bestek

Aanvankelijk vestigde zich in het pand op nummer 6 van de Raadhuisstaat een tapijtzaak, gevolgd door reisorganisatie De Boer en Wendel bv. Karakteristiek voor de firma Oosterhoorn was de voortdurende drang tot vernieuwing. Op onderstaande foto zien we vaag de jonge Tineke Oosterhoorn – die eenmaal getrouwd naar Amsterdam verhuisde – vanuit de huiskamer boven naar buiten kijken. Haar blik ook naar het verleden bleef tot haar overlijden in 2006 op Heemstede gericht, waarover zij graag vertelde en steeds terugkwam naar familie maar ook om de bijeenkomsten van de historische vereniging mee te maken.

Veelzijdig was de firma F.Oosterhoorn, in het uit 1910 daterende pand Raadhuisstraat 6, met uitbreiding in 1934, Raadhuisstraat 8, bestaande uit dames- en herenkapsalon en manicure (achter), parfumerieën, lederwaren (recvhts) en een tabkswinkel (links). Dochter Tineke Oosterhoorn kijkt boven vanuit het middenraam. Zij herinnerde zich dat op later leeftijd dat het vaak erg gezellig was en vooral op zaterdagavond soms een sociëteit.

Veelzijdig was de firma F.Oosterhoorn, in het uit 1910 daterende pand Raadhuisstraat 6, met uitbreiding in 1934, Raadhuisstraat 8, bestaande uit dames- en herenkapsalon en manicure (achter), parfumerieën, lederwaren (rechts) en een tabakswinkel (links). Dochter Tineke Oosterhoorn kijkt boven vanuit het middenraam. Zij herinnerde zich dat op later leeftijd dat het vaak erg gezellig was en vooral op zaterdagavond soms een sociëteit.

Annonce van de Eerste Heemsteedsche Begrafenisonderneming F.Oosterhoorn & Zn.

Annonce van de Eerste Heemsteedsche Begrafenisonderneming F.Oosterhoorn & Zn.

Adv. firma Oosterhoorn uit 1939

Adv. firma Oosterhoorn uit 1939

Advertentie firma Oosterhoorn in Heemstede uit De Patriot, 14 mei 1945

Advertentie firma Oosterhoorn in Heemstede uit De Patriot, 14 mei 1945

Op 18 maart 2006 overleed in Amsterdam mw. A.F.W. (Tineke) Scheffer-Oosterhoorn, geboren te Heemstede op 29 mei 1926. Sinds jaren was zijn trouw lid van de Historische Vereniging Heemstede Bennebroek. Haar stoffelijk overschot is ter aarde besteld in het graf van haar vader op de algemene begraafplaats in Heemstede

Op 18 maart 2006 overleed in Amsterdam mw. A.F.W. (Tineke) Scheffer-Oosterhoorn, geboren te Heemstede op 29 mei 1926. Vele jaren was zijn trouw lid van de Historische Vereniging Heemstede Bennebroek. Haar stoffelijk overschot is ter aarde besteld in het graf van haar vader op de algemene begraafplaats in Heemstede

=============================================================

Bovenstaande foto is van de vroegere kapperszaak van (familielid) Oosterhoorn in Krommenie  aan de Heiligeweg. Kerkplein/hoek Noorderhoofdstraat

Bovenstaande foto is van de vroegere kapperszaak van (familielid) Oosterhoorn in Krommenie aan de Heiligeweg,  Kerkplein/hoek Noorderhoofdstraat

animo

De christelijke zangvereniging ‘Ex Animo’ is op 20 februari 1888 opgericht. Men gaf in de gemeente regelmatig uitvoeringen, waaraan vanwege tanende interesse omstreeks 1920 een einde kwam.  Bovenstaande foto dateert uit 1919 en is gemaakt op een jaarlijkse feestavond. Dankzij journalist Arie Kramer konden de volgende personen worden geïdentificeerd; Op de voorste rij de dames Henny van Dort, Rika Schilp en een onbekende. Op de tweede rij zittend: GRIETJE OOSTERHOORN, Mien Schotvanger en drie onbekenden. Aan de tafel zittend: 1. TRIJNTJE OOSTERHOORN, 2. Lena Sleutel, 3. Stien Kuipers, 4. Van Aggelen, 5. onbekend, 6. Bram Blansert, 7. Sevenhuysen, 8. onbekend, 9. mej. Hinfelaar, 10 en 11 onbekend, 12. mej. Follenga, 13. mej. Sevenhuysen, 14. mej. Hoenderdos, 15. Jaap van Eijk, 16. mej. Botbijl, 17. Greta Schilp. Derde rij staande: 1. Marie van Koningsbruggen, 2. Kuipers, 3. Sevenhuysen, 4. Henk van Dort, 5. Henk Blansert, 6. Coba Schotvanger, 7. Ko Schilpzand,  8. Cor Duiterhof, 9. Bep van Eijk, 10. onbekend, 11. Broeder Van Leeuwen (verpleger bij Meer en Bosch), 12. Freek Rot, 13. De Lange, 14. 0nbekend, 15. Dina Rikkerink, 16. Piet van Dort, 17. 0nbekend, 18 en 19. de gezusters Hoenderdos, 20. Piet Koopman, 21. onbekend, 22. mej. van Aggelen, 23. mevrouw Reijdanus, 24. mw. Klijn, 25. Klijn, 16. mw. Moolenaar, 27. Truus van Eijk, 28. Marie Moolenaar, 29. Nel Botbijl, 30. mej. van Aggelen. Van de heren bij het vaandel is de eerste onbekend. Verder zien we De Wit en Piet Sleutel. De overige mannen rechts op de achtergrond zijn: Hinfelaar, J.Moolenaar, Ben Moolenaar, Heijdanus, Reemke van der Heijden en Chr. Vollenga.