Tags

Nicolaas Pauw

HET TRAGISCH LEVEN VAN NICOLAAS PAUW (1607-1640), oudste zoon van Adriaan Pauw

Nicolaas Pauw is op 25 april 1607 in Amsterdam geboren. Hij is op een fraai schilderij vereeuwigd door de in zijn tijd bekende portrettist Jan van Ravesteyn (1570-1657), tegelijk met zijn echtgenote Anna van Lockhorst, welk doek uit 1634 zich tegenwoordig in het Louvre bevindt (1)

Portret van Nicolaas Pauw. door J.van Ravesteyn

Portret van Nicolaas Pauw. door J.van Ravesteyn (RKD)

Op 20 jarige leeftijd huwde Adriaan Pauw, wiens vader Reynier Pauw in 1605 burgemeester van Amsterdam was, met Anna Seys, dochter van een uit Gent in België afkomstige en naar Amsterdam verhuisd tot welstand gekomen koopman, gevestigd in ’t Rad van Avonturen op de Dam, in aanwezigheid van de vroedschap van Amsterdam. Al na 15 maanden is aan het gelukkige huwelijk een abrupt einde gekomen toen de nauwelijks 24 lentes tellende vrouw naar staat genoteerd in het kraambed kwam te overlijden. Op 4 mei 1607 is zij begraven in de Oude Kerk van Amsterdam onder een zerk met inscriptie van haar familiewapen. Bijna drie maanden voor haar dood was zoon Nicolaas (Claes) Pauw geboren.

Graf van Anna Seys in de Oude Kerk te Amsterdam

Grafzerk Anna Seys in de Oude Kerk te Amsterdam

De verzorging kwam in handen van een dienstmeisje en later van Anna van Ruitenburgh met wie Adriaan Pauw op 7 februari 1610 hertrouwde, uit welke verbintenis nog zes kinderen zijn gesproten. Bij het huwelijk met Anna van Ruytenburgh zijn door de vader financiële voorzieningen ten aanzien van de toekomst getroffen voor de toen driejarige Nicolaas.

Portret van Henricus Reneri (1593-1639), in zijn Amsterdamse tijd leermeester van de oudste zoon van Adriaan Pauw en van enkele andere kinderen van Amsterdamse regenten.

Portret van Henricus Reneri (1593-1639), in zijn Amsterdamse tijd leermeester van de oudste zoon van Adriaan Pauw en van enkele andere kinderen van Amsterdamse regenten.

Als gouverneur voor privéonderwijs fungeerde de latere wijsgeer in Utrecht en Deventer Henricus Regneri (1593-1639). Adriaan Pauw was tot 1627 pensionaris van Amsterdam, maar verdiende zijn geld hoofdzakelijk als koopman in de internationale handel vooral naar de Oostzeelanden en Moscovië, maar ook naar plaatsen rond de Middellandse Zee zoals Venetië en Oost-Indië. Uit diverse gegevens blijkt dat de oudste zoon zijn oogappel was. Op jeugdige leeftijd is Nicolaas eigenaar gemaakt van de ruïne van het slot Oosterwijk (2) met bijbehorende boerderij en landerijen in Wijk aan Duin nabij Beverwijk. Tevens is hij uit de erfenis van zijn moeder en grootvader bezitter geworden van hoofstede ‘De Schans’ in Beverwijk (3). Op 23 oktober 1623 heeft hij de eerste steen gelegd van de Oude Kerk in Heemstede. Op één van de balken stond vroeger: ‘Nicolaas Pauw, heer van Oosterwijk’ (4). In de 18de eeuw is bij het overschilderen abusievelijk ‘Oosterwijk’ vervangen door ‘Heemstede’.

In 1629 reisde Adriaen Pauw met A.van Randwijck, heer van Noordwijk, namens de Republiek naar Engeland voor overleg met de Engelse regering. Pauw nam naast 5 dienaren (assistenten) ook drie edellieden mee, te weten Lodewijk van Alteren, jongeheer van Jaarsveld, en 2 zonen: Nicolaas Pauw (ridder en al heer van Bennebroek genoemd) èn ridder Pieter Pauw (die in 1637 ongehuwd zou overlijden).

Uitsnede schilderij : beëdiging Vrede van Munster door Gerard Terborgh. In het midden plenipotentiaris namens het gewest Holland en West-Friesland: Adriaan Pauw

Uitsnede schilderij : beëdiging Vrede van Munster door Gerard Terborgh. In het midden plenipotentiaris namens het gewest Holland en West-Friesland: Adriaan Pauw

Huwelijksfeest en –reis

Nadat jonkheer Nicolaas Pauw op 29 mei 1630 uit Frankrijk was teruggekeerd, had de aantekening [=verloving] door dominee Cornelius de Dieu plaats op het Huis te Heemstede en is hij de dag daarop met veel vertoon in de kerk te Heemstede in het huwelijk getreden met jonkvrouw Anna van Lockhorst, de zestien jarige adellijke dochter afstammend van een vroegere bezitter van de heerlijkheid Heemstede (5).

Pendant-portret Anna van Lockhorst door J.van Ravestein (Louvre Parijs)

Pendant-portret Anna van Lockhorst door J.van Ravestein (Louvre Parijs)

’s Middag volgde in het Slot, een feest met pracht en praal, gehouden in de Grote Sael ofwel Geweerzaal, die voor de gelegenheid met tapijten was behangen. Het huwelijk was duidelijk door de beide ouderparen ‘geregeld’. Na de trouwplechtigheid is drie dagen aaneen feest gevierd. Op de tweede dag werden de schepenen, kerkmeesters en kerkenraad en enige aanzienlijke dorpsgenoten  [genoemd ‘principaale buuren’] , zoals eigenaren van buitenplaatsen, met hun vrouwen uitgenodigd. Ten slotte zijn voor zondag   ‘de Heeren van Haarlem’ een ontvangst met maaltijd bereid door jonkheer Reinier Pauw en de schout van Heemstede De officier, vier burgemeesters, een oud-burgemeester, twee schepenen, de pensionaris  en secretaris, de hoogheemraad van Rijnland, allemaal met hun echtgenotes. De magistraten van Haarlem lieten zich niet kennen en nodigden de familieleden Pauw en enige anderen uit. De gasten werden met zijn met de twee stadskarossen en met andere overdekte wagens naar Haarlem gereden en in het Princenhof prachtig onthaald, waarna zij des avonds weder, gelijk zij gekomen waren, naar het Huis te Heemstede zijn teruggebracht

Een jaar later was Adriaan Pauw in een conflict verwikkeld met de magistraten van Haarlem die zonder zijn toestemming op grondgebied van Heemstede een nieuwe stenen galg plaatsten, en Adriaan Pauw met zijn zoon Nicolaas hierover in overleg trad maar uiteindelijk zijn bezwaren introk onder de bevestiging dat Pauw de jurisdictie van het gebied had.

De huwelijksreis in 1630 was overigens naar Italië gegaan, waar Nicolaas Pauw in Rome zes klassieke reproductiebeelden van Mars, Venus, Mercurius, Apollo, Diana en Bacchus aankocht, die pas na 1645 in de toen gecreëerde beeldentuin van het slot zijn geplaatst met op de pedestallen met door Hendricus Bruno uit Hoorn vervaardigde Latijnse inschriften. Anno 2017 resteert vrijwel enkel het basement waarop de naakte Venus tot 1745 heeft gestaan.

Op 2 november 1630 stond Adriaan Pauw het zuidelijke deel van Heemstede, Bennebroek, aan Nicolaas af. Dit gebeurde officieus zonder formele registratie bij de Leenkamer in Den Haag, zoals dat ook niet plaatsvond toen 11 september 1638 Bennebroek is afgestaan aan halfbroer Adriaan, echter wèl na het overlijden van de vader in 1653. Nicolaas Pauw heeft zich weinig met zijn ‘heerlijkheid’ beziggehouden. We komen zijn naam slecht een enkele keer tegen in transportsaktes, zoals op 18 mei 1634 toen hij 1020 roeden in erfpacht gaf aan Johan Deijman uit Leiden, op gronden gelegen zowel ten noorden als ten zuiden van de Swartsenburgerlaan en in 1637 kocht Livina de Clerck, weduwe van Abraham Ampe te Haarlem, een blekerij van Nicolaas Pauw.

Het huwelijk van Nicolaas Pauw was niet gelukkig en bleef bovendien kinderloos. Volgens historicus-genealoog Joh.E. Eliaszou een buitenechtelijk kind zijn geboren. De echtverbintenis is in 1638 na acht jaar ontbonden. Op 11 september van dat jaar stond Nicolaas de heerlijkheid, door zijn vader min of meer als een verlaat huwelijkscadeau onderhands – dus zonder bevestiging door de Staten van Holland – was gegeven, af aan zijn jongste halfbroer Adriaan Pauw jr., terwijl hij ‘Oosterwijk’ [overigens feitelijk geen heerlijkheid] overdroeg aan een andere halfbroer Michiel Pauw.

Nicolaas miste de intelligentie, wiskracht en schranderheid van zijn vader – men vergelijke de gelaatstekken met de portretten van Adriaan Pauw – en werd eigenlijk niet geschikt geacht een academische studie in Leiden te voltooien. Op 21 november 1625 is hij weliswaar ingeschreven als studenten in de rechten aan de Academie van Leiden en werd hij begeleid door Reneri die met zijn pupil woonde bij de invloedrijke theoloog André Rivet, goede bekende van Adriaan Pauw , in een archiefstuk is Reneri vermeld ‘als pedagoog van de familie Pauw’. Zijn invloedrijke vader was er veel aan gelegen de oudste zoon een eervolle baan te bezorgen. Een eerdere poging  Nicolaas een openbare functie te laten vervullen faalde, maar in 1631 wist de raadpensionaris te bereiken dat op voorspraak van secretaris Constantijn Huijgens prins Frederik Hendrik in 1632 Nicolaas Pauw benoemde tot ‘meesterknaap der wildernissen van Holland en West-Friesland’. Op 29 augustus 1631 had Pauw de volgende brief gezonden naar Constantijn Huygens, secretaris van prins Frederik Hendrik: ‘Z.E. heeft mij lang geleden beloofd, dat mijn oudste zoon Nicolaes Pauw, heer van Bennebroek, bij gelegenheid : “met het meesterknaepschap soude worden becleet”. Nu is de heer Jacob van Cuijk gestorven en daardoor is en plaats vacant geworden. De heer van Noortwijk heeft er al met Z.E. over gesproken en anderen hebben er over geschreven. Wilt gij de zaak nog eens ter sprake brengen en mijn zoon helpen?’

huygens

Geschilderd portret door Lievens, 1626, van Constantijn Huygens (1596-1687). Met deze secretaris van prins Frederik Hendrik  stond Pauw zijn politieke leven lang in nauw contact. Met Joost van den Vondel, G.A.Bredero, P.C.Hooft (drost van Muiden) en Jacob Cats (diplomaat en raadpensionaris)behoorde hij bovendien tot de belangrijkste letterkundigen van de Gouden Eeuw.

 

De gezondheid van Nicolaas was wankel en vooral gedurende wintermaanden meldde hij zich langdurig ziek. In 1637 kocht Nicolaas vier grafstenen in de Oude Kerk te Beverwijk. Twee jaar later was hij wederom ernstig ziek, maar Adriaan Pauw schreef op 29 augustus dat zijn zoon herstellende was en gaarne de vacature zou vervullen van Baljuw van Kennemerland. Nicolaas werd hiervoor gepasseerd. Achteraf terecht, want het herstel bleef uit en in het voorjaar van 1640 moest hij vanwege langdurige ongesteldheid het ambt van meesterknaap neerleggen. Op 3 april 1640 stuurde Adriaan Pauw het volgende briefje aan Constantijn Huygens: ‘ Wegens zijn langdurige ziekte heeft mijn oudste zoon het ambt van het meesterknaapschap van Holland weer in handen gesteld van Z. H. Ik hoop dat het nu gegeven zal worden aan mijn zoon Gerard “opdat die marque van eere ten gunste van sijn Hoocheijt in myn huys mocht blijven gecontinueert”. Hij heeft er ook al de vereischten voor. Wilt gij in deze zaak helpen?’ (6).

Op 32-jarige leeftijd is Nicolaas Pauw, vaak ook aangeduid met Claas Seys Pauw, op 1 april 1640 gestorven (7) en eerst in de Heemstede-grafkelder van de Janskerk in Haarlem begraven en vervolgens wegens een conflict over het gebruik van de kelder met de vroedschap van Haarlem naar de kerk van Beverwijk overgebracht (8).

De Renaissancepoort naar de toren van de Oude Kerk in Beverwijk, in 1631 gebouwd

De Renaissancepoort naar de toren van de Oude Kerk in Beverwijk, in 1631 gebouwd

De andere zonen zijn zoals bekend na hun dood in de grafkelder van de Oude Kerk in Heemstede bijgezet. De predikant die bij de uitvaartdienst voorging prees Nicolaas bijna rechtsreeks de hemel in. Achterin het godshuis weende een bedroefde Cornelia Pauw, geboren uit een buitenechtelijke relatie van haar natuurlijke vader met Catalina van Boschuijsen.

Vooraanzicht naar hofstede de Schans, waar Nicolaas Pauw ban1630-1640 woonde; op een gravure door Hendrik de Leth

Vooraanzicht naar hofstede de Schans, waar Nicolaas Pauw ban1630-1640 woonde; gevolgd door François van Haringcarspel, op een gravure door Hendrik de Leth

Nicolaas Pauw was tot zijn overlijden blijven wonen op de hofstede ‘de Schans’ in Beverwijk. Dit landgoed kwam nu in het bezit van zijn vader Adriaan Pauw, die het voor 1645 voor een zeer goede prijs, namelijk ƒ 30.000,- verkocht aan de weduwe van Elias Trip (rechtstreekse voorouders van de latere burgemeester van Heemstede mw. N.H.van der Broek-Laman Trip). Het afgebeelde portret van Nicolaas Pauw bevindt zich in particulier bezit van de familie Pauw van Wieldrecht.

Hofstede de Scans in Beverwijk, getekend door Roeland Roghman (1627-1692)

Hofstede de Scans in Beverwijk, getekend door Roeland Roghman (1627-1692)

Noten

(1) Volgens K.Langedijk is het niet bekend hoe het portret in museum het Louvre is gekomen, terwijl het pendant-portret van Nicolaas Pauw in de familie Pauw van Wieldrecht bleef. Het doek met Anna van Lockhorst kwam in 1869 in het Parijse museum met de collectie La Caze. De catalogus van die verzameling vermeldt geen herkomst. Ravesteyn portretteerde omstreeks dezelfde tijd ook andere leden van de familie. Het portret van grootvader Reynier Pauw dateert van 1631, dat van Nicolaas’ halfbroer Reinier van Nieuwerkerk (in Berlijn) van 1633. Dit laatste portret kwam in het Kaiser Friedrich Museum uit de collectie Suermondt waar het zich in 1859 reeds bevond. Het komt in houding en costuum volkomen met dat van Nicolaas overeen. Wellicht is het in dezelfde tijd als het portret van Anna van Lockhorst door de familie Pauw van Wieldrecht verkocht.

(2) mr.J.W.Groesbeek schreef over kasteel Oosterwijk o.a.: ‘(…) Het echtpaar Maria van Duvenvoorde en Jurriaen van Lennep heeft Oosterwijk verkocht aan Claes Seijs. Het huis was in de Spaanse tijd een ruïne geworden, die nooit is herbouwd. Claas Seijs was een Amsterdams koopman. Ook hier zien we dat de rij van adellijke bezitters afgesloten was en vervangen door leden van koopmansgeslachten. Het op 26 januari 1606 gesloten huwelijk van zijn dochter Anna Seijs met Adriaan Pauw had grote gevolgen voor Oosterwijk kunnen hebben, want Adriaan was een man van aanzien en bezat het nodige geld. Zijn voorkeur ging echter uit naar zijn slot te Heemstede, waar hij veel geld aan verfraaiing heeft besteed. Oosterwijk stond niet in zijn belangstelling en bleef een ruïne. Deze bleef wel in het bezit van de familie Pauw. Ook aan dit bezit kwam een einde toen Adriana van Marselis weduwe van Maarten Pauw het circa 1735 verkocht aan mr. Lieven Geelvinck. (…)’.

De ruïne van Oosterwijk, door Claes Seys uit Amsterdam aangekocht maar niet hersteld. Het was voor hem meer een eer als geslaagd koopman over een buiten te beschikken. Via zijn dochter Anna Seys (getrowd met Adriaan Pauw) kwam 'Oosterwijk'in bezit van de kleinzoon Nicolaas Pauw, ook aangeduid met Claes Seys Pauw, en kon hij zich tooien als 'Heer van Oosterwijk'.

De ruïne van Oosterwijk in Beverwijk, door Claes Seys uit Amsterdam aangekocht maar niet hersteld. Het was voor hem meer een eer als geslaagd koopman over een buiten te beschikken. Via zijn dochter Anna Seys (getrowd met Adriaan Pauw) kwam ‘Oosterwijk’in bezit van de kleinzoon Nicolaas Pauw, ook aangeduid met Claes Seys Pauw, en kon hij zich tooien als ‘Heer van Oosterwijk’. Tekening door C.Pronk

(3) Mr.J.J.Scholtens bericht over hofstede de Schans: ‘Op het grote rechthoekige perceel aan het noordeinde van de Breestraat, waar voor de verwoesting van het stadje Beverwijk het regulierenklooster had gestaan, was in de 17de eeuw een herenhofstede gesticht. “Huysinghe, boomgaerd, plantagiën, enz.” waren te zamen groot 8 of 9 morgen . In de wandeling werd het “de Groote Boomgaert” genoemd, een naam die geheel is verdrongen door die van “de Schans”. Deze benaming herinnert aan het militaire gebruik van de kloosterruïnes tijdens de Spaanse oorlog. In de twintiger jaren van deze eeuw was Nicolaas Seys Pauw, de oudste zoon van de latere raadpensionaris Adriaen Pauw, reeds eigenaar van dit goed. Hij werd gewoonlijk genoemd “de heer van Bennebroek” en was meesterknaap der wildernissen van Holland. Tevens was hij eigenaar van de ruïne van het slot Oosterwijk onder Wijk aan Duin met bijbehorende boerderijen en landerijen, een goed dat 29 morgen groot was. Uit hoofde van dien heeft hij zich ook gesierd met de titel “heer van Oosterwijk”. In 1640 is Nicolaas Pauw op 33-jarige leeftijd overleden. Zijn bezittingen zijn toen aan zijn vader gekomen. ’In 1645 heeft Pauw het goed verkocht aan de weduwe van Elias Trip’

(4) Op de derde balk staat thans foutief : ‘In jaare MDCXXIII den XXIII october, is den eersten steen van de tegenwoordigen kerck geleijt door jonckheer Nicolaes Pauw heer van Heemstede’.

balken

Beschilderde balken in de Oude Kerk te Heemstede

 

(5)Anna van Lockhorst was de dochter van jonkheer Cornelis, heer van de Lier en Catharina Bolree, gezegd Hardebolle. H.J.Koenen schrijft: ‘Opmerkelijk is dat de familie van Lockhorst vroeger de heerlijkheid Heemstede bezeten had. Vrouwe Cornelia van Driebergen vrouwe van Lockhorst kocht het in 1554 van Roeland van Heemstede. Den 4 September 1565 werd beleend Vincent van Lockhorst bij overgifte van Vrouwe Cornelia van Driebergen zijn moeder en den 24 Augustus 1595 Jonkvrouwe Anna van Arckel bij dode en makinge van Jonkheer Walraven van Gent, Jonge Heer tot Oyen verkocht het in 1608 aan Hendrik Hovyne.’ Binnewiertz noteerde in 1854 per abuis dat Adriaan Pauw was gehuwd met de vrouwe van de Lier. Hij bedoelde dat de zoon Nicolaas was getrouwd met een dochter van de heer van De Lier. Voorts wordt nog opgemerkt dat een broer van Anna van Lockhorst, te weten Adam (baron) van Lockhorst , ritmeester, heer van de Lier en Alkemade en van Oossterlee in 1639 trouwde met Cornelia Pauw (1617-1641), dochter van jonkheer Michiel Pauw (broer van Adriaan Pauw).

Opmerkelijk is een vermelding van H.J.Koenen (zie lit.opgave, p.259-261), die bericht in ’s-Gravenhage een aantekening te hebben gevonden dat Nicolaas Pauw aldaar touwde met Anna van Lockhorst op 14 juli 1630. In die akte wordt hij ‘Ridder’ genoemd’, wat overigens klopt omdat zijn vader met nakomelingen door de Franse Koning Lodewijk XIII was begiftigd met orde van Sint Michiel. Achter de naam van de bruid is ‘Heemstede’ vermeld, Koenen schrijft hierover: ‘Heemstede’ achter haar naam doet vermoeden dat zij te Heemstede geboren of gedoopt was. Men zou aanvankelijk geneigd zijn dit in verband te brengen met het feit dat de Heerlijkheid Heemstede tot 1595 aan het geslacht Lockhorst heeft behoord. Doch Vincent van Lockhorst die in dat jaar overleed, had blijkbaar geen zoons, daar het leen op zijn kleindochter Jonkvrouwe Anna van Arkel is overgegaan. Anna van Lockhorst kan dus geen kleindochter van de heer van Heemstede geweest zijn. Daar haar vader, evenals haar broeder, heer van de Lier en Alkemade was, het eerste in Delfland, het laatste bij Warmond gelegen, is het niet duidelijk hoe zij in Heemstede gedoopt is geworden.’

(6) Gerard Pauw kreeg die functie toebedeeld en promoveerde in 1650 als raad en rekenmeester in de Rekenkamer van de grafelijkheidsdomeinen van Holland en West-Friesland, in welke functie – die hij tot 1672 vervulde – hij zijn vader opvolgde, die dat jaar raadpensionaris was.

(7) In enkele bronnen, zoals in de Pauw-genealogie van H.J.Koenen, is de sterfdatum van Nicolaas Pauw onjuist vermeld met ‘op 33-jarige leeftijd 1 april 1641 overleden’.

(8).Toen W.Dolleman in 1793 een inventaris vervaardigde van de familiepapieren Pauw aanwezig in het comptoir (archief) van het slot noteerde hij in bijlage E onder l: ‘Superscriptie voor de grafstede van den Heere Nicolaes Pauw sal: in de Beverwyk, gelyk deselve is gesonden op Amsterdam voor den Steenhouwer, in Maert 1941’.

Fragmentgenealogie Nicolaas Pauw

Fragmentgenealogie Nicolaas Seys Pauw

Literatuur

-Archief Pauw in het Nationaal Archief ’s-Gravenhage .

-W.Dolleman. ‘Verhaal van al hetgeen merkwaardig is voorgevallen in de Heerlijkheid van Heemstede…(…)’ handschrift, aangelegd in de 18e eeuw, tot 1863.

-Groesbeek, J.W. Bennebroek, beeld van een dorpsgemeenschap. 1982.

-J.W.Groesbeek. Middeleeuwse kastelen in Noord-Holland, 1981, hoofdstuk Kasteel Oosterwijk, p.100-105.

-H.J.Koenen. Genealogie Pauw, in: Adelsboek; jaarboek van den Nederlandschen adel. 1900, p.204-205.

-K.Langedijk. Portretten van Nicolaas Pauw en Anna van Lockhorst door J.A.van Ravesteyn. In: Oud Holland, 1961, p.107-108.

-H.J.Scholtens. Uit het verleden van Midden-Kennemerland. Den Haag, 1957, p.210 over de Schans.

-J.C.Tjessinga. het slot van Heemstede onder Adriaan Pauw. Heemstede, VOHB, 1949.

-Tuin, Michel. Kasteel Oosterwijk. On serie: Kastelen in Beverwijk en Heemskerk. Beverwijk, Stichting Historische Arceheologie, deel 2.

Vooromslag van boekje over 'Oosterwijk' door Michiel Tuin

Vooromslag van boekje over ‘Oosterwijk’ door Michel Tuin

-J.A.Worp. De briefwisseling van Constantijn Huygens. Derde deel 1610-1644.

N.B. Voor nadere informatie over de familie Seys, zoals Claes (Nicolaes) Seys (circa 1555-1619) uit Gent, sinds 1580 poorter van Amsterdam en succesvol koopman en reder, van doopsgezinde huize), en dochter Anna Seys (1588-1607) – eerste echtgenote van Adriaan Pauw , zie o.a. Mary S.Sprunger. Iemand burgemeester maken. Doopsgezinden en regentengeslachten in de Gouden Eeuw te Amsterdam, In: Doopsgezinde Bijdragen, uitg. Verloren, 2006.

Uit publicatie 'Oosterwijk' door M.Tuin

Uit publicatie ‘Oosterwijk’ door M.Tuin

====================================================

Eerstvolgende bijdragen:

-Brandstoffenhandel Teeuwen aan de Haven in Heemstede

-De nijvere familie Zwarter; het verhaal van 9 Heemsteedse generaties

-De slag bij het Manpad, 8 juli 1573

-Sint Maarten, carnaval  en volksvermaak ‘biggenvangen’in Heemstede

-Het Sint Bavogesticht en tehuis Overbos.